Madrigalen van Monteverdi

Giovanni Maria Artusi (1540-1613), een kanunnik verbonden aan de Congregazione San Salvatore in Bologna en aanhanger van Giuseppe Zarlino, ging in 1600-1603 als specialist van het gebruik van dissonanten in contrapunt, een discussie aan met Claudio Monteverdi (1567-1643). Monteverdi’s standpunt was de antithese van wat hij de prima en de seconda prattica noemde. Artusi hing de prima prattica aan met heerschappij van de harmonie (bv. Palestrina), terwijl Monteverdi de seconda prattica aanhing waarin de gevoelens en de dichterlijke tekst op de muziek primeerde.

Vanuit deze overtuiging brak Monteverdi met de oude regels van de polyfonie en had hij meer aandacht voor het recitatief en de basso continuo. De term stile moderno wordt toegeschreven aan Giulio Caccini, die het in zijn werk “Le nuove musiche” uit 1602, voor het eerst gebruikte en toepaste. Dit werk bestond uit verschillende monodieën. Nieuw was dat de begeleiding niet meer puur polyfoon was, maar volkomen ondergeschikt was aan de hoofdstem. Ook nieuw was dat versieringen precies werden voorgeschreven. De stile moderno vormde tevens het startpunt van de basso continuo-praktijk, die in Caccini’s werk voor het eerst opdook.

Monteverdi’s vijfde boek madrigalen (1605) bevatte als reactie op Artusi, bv. teksten gebaseerd op “Il pastor fido”, een herdersspel van Giovanni Battista Guarini, in 1598 opgevoerd in Mantua. Tevens bevatte de bundel zes madrigalen voor solo met een basso-continuo partij en het madrigaal “Ahi, come a un vago sol”, het eerste madrigaal met een koor als refrein.

“Le Nuove Musiche”, een levendig jong ensemble uit Nederland, is gespecialiseerd in muziek uit de eerste helft van de 17de eeuw. Tijdens hun onderzoek naar authentieke uitvoeringen reflecteert het ensemble de muziek op het heden met het argument dat artistieke vragen van het verleden nog steeds het muzikaal landschap van vandaag doordringen. Met een boeiende groep vocale solisten, die met het Amsterdams Barokkoor en het Nederlands Bach Koor & Orkest heeft samen gewerkt, wordt het ensemble geleid door klavecinist Krijn Koetsveld, die op zijn beurt eerder samenwerkte met het Groot Omroepkoor en het Nederlands kamerkoor.

Het vijfde en zesde boek madrigalen, al uitgebracht op Brilliant Classics 93799, was reeds een voorbeeld van de seconda pratica, het tijdperk van de basso continuo. Vanaf dat moment werd de publicatie van de innovatieve muziek van Monteverdi op grote schaal afgewacht, aangezien ze meer aandacht had voor instrumentale ritornelli, basso continuo en versieringen van de bas- en vocale partijen. Het boek eindigde met een ballo, “Tirsi e Clori”, een liefdesduet met een uitgebreide, vijfstemmige begeleiding. Wanneer de twee zangers samenkomen met de rest van het ensemble, komt de luisteraar in contact met het hoogtepunt van het madrigaal tijdperk.

Deze geplande uitgave van Monteverdi’s complete madrigalen ( 9 Boeken) bevat ook reeds het volledig Boek VII op twee cd’s. Monteverdi was de meester van het madrigaal als onbegeleide vocale composities voor 5 stemmen op wereldlijke teksten. Monteverdi ontwikkelde deze oorspronkelijke renaissance vorm van statische polyfonie naar dramatische muziek waarin de expressie van het gevoel prominent was. Hij baande zodoende de weg voor de barokmonodie, een solo melodie begeleid door de andere stemmen. De gevoelens, harmonische gedurfdheid en experimenteel contrapunt en de dramatische invloed van deze werken, markeerde Monteverdi als één van de eerste genieën van de Westerse Muziek. In het 7de boek brak Monteverdi met het traditioneel a capella madrigaal. De set bevatte vocale duetten met meer instrumentale ritornelli in concertante stijl, een complex uitgewerkte bas en hoogst ontwikkelde versieringen van de vocale lijnen.

Le Nuove Musiche, o.l.v. Krijn Koetsveld, gaan door met hun uitzonderlijke reeks uitgaven van Monteverdi’s complete madrigalen. Ze kijken o.a. terug naar het begin van de werken van Monteverdi, toen de jonge componist nog onder invloed stond van zijn leraar Marc’Antonio Ingegneri. Op dat moment was het madrigaal reeds een populaire kunstvorm waaraan Monteverdi zijn naam toevoegde, voordat hij het genre radicaal zou uitbreiden met de introductie van de seconda prattica. De twee eerste boeken tonen aan dat Monteverdi een verzekerde en behendige componist was in het genre. De eerste twee boeken madrigalen van Monteverdi dateren uit de periode waarin hij in zijn geboortestad Cremona woonde en werkte. Het waren de eerste sublieme voorbeelden van de Seconda Prattica of Stile moderno, waarin de tekst van de recitatie eerst kwam en de effecten hoorbaar gemaakt werden door melodie, ritme, herhalingen en harmonie. In het Tweede Boek ontmoeten we prachtige woordschilderingen en evocaties van beelden en stemmingen. Le Nuove Musiche’s benadering van Monteverdi is innovatief. Hun uitgave van de Boeken V & VI kreeg bv. uitstekende recensies waaronder vijf sterren in het Frans tijdschrift “Diapason”. De bijhorende boekjes bevatten alle de volledige teksten in Engelse vertaling. Warm aanbevolen.

Monteverdi Madrigali Libro VII Le Nuove Musiche Krijn Koetsveld 2 cd Briljant classics 94980

Monteverdi Madrigali Libro I & II Le Nuove Musiche 2 cd Briljant classics 94977

Monteverdi: Madrigali Libri III & IV Le Nuove Musiche Krijn Koetsveld 2 cd Briljant classics 95151

http://www.stretto.be/2020/07/10/monteverdi-complete-madrigals-door-delitiae-musicae-o-l-v-marco-longhini-op-het-label-naxos/