Beethoven als Liedcomponist, Andrè Schuen en het Boulanger Trio op hun best.

Mocht u de liedkunst van Beethoven nog niet kennen, dan biedt deze nieuwe Avi cd een mooie en gevarieerde kennismaking.

Het kunstlied was rond 1800 een veelzijdig genre geworden. De tijd was rijp om te kiezen voor het behoud van de terugkerende refreinstructuur of voor de bevordering van de doorgecomponeerde vorm. Liederen waren als uitgesproken lyrisch genre, hét terrein waarop componisten hun diepgaandste emoties konden uiten. Ze kozen daarom steeds meer om hun liederen te comprimeren, waardoor ze de inhoud en de taal van de gedichten die ze op muziek zetten, nauwgezetter konden volgen. Beethoven zette die stap al in zijn vroegste Liederen.

Beethoven noemde zijn toonzetting van het gedicht “Adelaïde” een “cantata”. “Adelaide” van Friedrich von Matthisson (1761–1831) introduceerde een thema dat een belangrijke rol zou spelen in de volgende liedcomposities van de componist, nl. zijn verlangen naar de onbereikbare. Geen ander werk bracht hetzelfde onderwerp indrukwekkender en sterker naar voor dan deze die Beethoven in 1816 componeerde, zijn cyclus “An die ferne Geliebte” op. 98, de toonzetting van een romantisch-pastorale tekst van de dichtende arts Alois Jeitteles (1794-1858). “An die ferne Geliebte” was de eerste echt doorgecomponeerde liedcyclus in de geschiedenis van de muziek. De zes liederen in deze cyclus, opgedragen aan Fürst Joseph Franz von Lobkowitz, kunnen niet afzonderlijk worden uitgevoerd. Ze worden immers aan elkaar verbonden door overgangen in de piano. Schubert heeft dit idee nooit overgenomen, maar Schumann, Loewe en de volgende generaties liedcomponisten, wel. Beethoven zelf zou later een gelijkaardig cyclisch principe toepassen in enkele van zijn late kamermuziekwerken.

“In questa tomba oscura”, WoO 133 uit 1806-1807, op tekst van Giuseppe Carpani (1752-1825), was Beethovens bijdrage onder 63 componisten, aan wie gevraagd werd om het gedicht van de in Wenen wonende Italiaanse schrijver, vertaler en biograaf van Haydn en Rossini, te toonzetten. En, wist u dat Beethoven vanaf 1809 voor de Engelse uitgever George Thomson, wel meer dan 150! Engelse, Ierse en Schotse volksliederen heeft bewerkt? Deze cd laat u kennis maken met enkele Schotse en Ierse “Bearbeitungen”.

Op de cd staan nl. naast “Adelaide” op. 46 (1795/96), “An die ferne Geliebte” en “In questa tomba oscura” WoO 133 (1807), bewerkingen van zes Schotse liederen uit “25 Scottish Songs for Baritone and Piano Trio” op. 108 (1815/16), en acht bewerkingen van Ierse liederen uit Beethovens “Irish Songs for Baritone and Piano Trio” (1810-1813), WoO 152 tot WoO 156. Dit alles uitgevoerd door violiste Birgit Erz, celliste Ilona Kindt en de pianiste Karla Haltenwanger. Een ontdekking van intieme, dichterlijke tot guitige muziek, met de mooie stem van de Italiaanse bariton Andrè Schuen (°1984) als grote meerwaarde. Warm aanbevolen.

Andrè Schuen Boulanger Trio Beethoven Irish and Scottish Songs In questa tomba oscura Adelaide An die ferne Geliebte cd AVI 8553377