“Stoeterij van Europa”, Jan van den Berghe over De Coburgs, muzikale levensgenieters. Een uitgave van De Bezige Bij. Zeker lezen!

De prestigieuze uitgeverij De Bezige Bij publiceerde de tweede druk van het boek van Jan Van den Berghe over het, zeg maar ons, huis Coburg. Naast het indrukwekkend aandeel van de Coburgs in de geschiedenis van Europa, waren veel leden van dit vooraanstaand Huis vaak heel artistiek en heel muzikaal.

Jan Van den Berghe schreef een boek over het absolute hoofdbestanddeel van ons eigenste patrimonium. Van den Berghe noemt de Coburgs terecht Europa’s meest succesvolle dynastie en schrijft dat zonder hen  Europa er vandaag heel anders zou uitzien. De opmars van de Coburgs begon in de achttiende eeuw, schrijft hij. Dankzij een heel doordachte huwelijkspolitiek lieerden de Coburgs zich aan de huizen van Hohenzollern, Hannover, Romanov en Habsburg en kwamen familieleden op de troon in Engeland, Bulgarije, België en Mexico. Albert von Saksen-Coburg und Gotha was bv. gemaal van de Britse koningin Victoria, zijn broer Ernst II was gehuwd met Alexandrine, de dochter van groothertog Leopold van Baden, zijn oom Leopold was dan weer de eerste koning der Belgen en zijn neef Ferdinand (zoon van Ferdinand George August, de broer van onze koning Leopold I), was als Dom Fernando II, koning van Portugal. Om u maar een idee te geven.

Van primordiaal belang is dat nogal wat leden van het Huis Coburg artistiek, muzikaal en intellectueel hoogstaand waren. In het boek lezen we bv. dat in de zomer van 1838, na hun studie aan de universiteit van Bonn,  Albert (1819-1861) die zou huwen met Queen Victoria, aan zijn grand tour begon en dat zijn broer Ernst (1818-1893) in Berlijn kennis maakte met Felix Mendelssohn en Robert Schumann, die zijn muzikale aspiraties aanmoedigden. Op hun aanraden begon hij te componeren. Dit fragment illustreert treffend de vaak zeer muzikale achtergrond van leden van de inspirerende Coburg familie. Ernst was trouwens ook als regisseur en acteur actief. Hij componeerde opera’s, was vriend en mecenas van de schrijver Gustav Freytag en van de walsenkoning Johann Strauss jr. Toen Johann Strauss jr. een derde keer wilde trouwen, maar dat niet kon doen in het conservatief-klerikale Oostenrijk, gaf  hertog Ernst hem de raad staatsburger van Coburg te worden en zich tot het protestantisme te bekeren. De Walsenkoning volgde het advies en trouwde in de slotkerk van Ehrenburg onder goedkeurend oog van de vorst met Adèle Deutsch. Als dank droeg Strauss enkele composities, zoals de operette ‘Simplicius’, op aan zijn weldoener. Ernst verfraaide ook zijn vorstendom met prachtige nieuwe gebouwen, musea en kunstverzamelingen en was vooral op muzikaal gebied  actief. Hij bood de door hem zeer bewonderde Richard Wagner een vaste baan als hofdirigent aan op voorwaarde dat Wagner hem zou helpen bij zijn composities. Wagner wees het aanbod af ten voordele van Lodewijk II van Beieren want die koning had hem meer te bieden.

Behalve hymnen, cantaten, duetten (Die deutsche Trikolore, Hymne auf die Macht des Gesanges, Fackeltanz), componeerde  de melomane hertog vier opera’s: Zayre, Tony, Santa Chiara, Diana von Solange en twee operettes, Der Schuster von Strassburg en Alpenrosen. Zijn grootste succes als componist  vierde hij in Parijs met de opera “Santa Chiara”, die niet minder dan zestig keer werd opgevoerd. Franz Liszt dirigeerde verscheidene van zijn composities. Ernst was de schoonzoon van groothertog Leopold von Baden die de pracht van de Residenzstadt der Markgrafschaft Baden-Baden verder uitbouwde. Omdat het huwelijk van Ernst met Alexandrine, dochter van de Badense groothertog,  weliswaar kinderloos bleef, werd Ernst opgevolgd door zijn neef Alfred, duke of Edinburgh (“Affie”). Alfred was  een zoon van Albert en Queen Victoria. Affie huwde met grootvorstin Maria Alexandrovna, de enige dochter van tsaar Alexander II.

Karel Anton von Hohenzollern huwde in 1894 met zijn nicht, prinses Josephine van België. Zij was een dochter van prins Filips van België, graaf van Vlaanderen (de derde zoon van Leopold I van België en jongere broer van Leopold II) en van Maria von Hohenzollern-Sigmaringen. Hun zoon Albert werd Belgisch koning en huwde met de Beierse prinses Elisabeth naar wie in 1951 in ons land de roemrijke muziekwedstrijd werd genoemd. Filips dochter Henriette de Belgique duchesse de Vendôme et Alençon, was gehuwd met Emmanuel d’Orléans, de zoon van Sophie, de zuster van Sissi. Henriette was aquarelliste, behoorde tot de kring van Marcel Proust, was schrijfster van historische werken en hield van feestjes.

Maria von Hohenzollern-Sigmaringens  broer was als Carol I van 1881 tot 1914,  koning van Roemenië. Het was deze Carol die in het huwelijk trad met een vriendin van keizerin Elisabeth (Sissi), Elisabeth zu Wied, die we kennen als de schrijfster  Carmen Sylva (Carmen das Lied und Sylva der Wald). Ze schreef gedichten, vertellingen, sprookjes, romans en maakte vertalingen. Ze publiceerde in het Duits, Roemeens, Frans en in het Engels en haar aforismenbundel “Les Pensées d’une reine” (1882) werd door de Académie Française bekroond. Ze speelde zeer goed piano en orgel, ze zong en ze schilderde. Elisabeth zu Wied stelde Dora Hitz aan als hofkunstenares en liet haar de wandschilderijen maken van de muziekzaal van haar prachtig sprookjesslot Peleș nabij  Sinaia in de Karpaten.

In het Schloss Pelișor in chaletstijl woonden de koning en de koningin van Roemenië. Net als koningin Elisabeth van België viool speelde met Eugène Ysaÿe, zo speelde Elisabeth zu Wied als pianiste kamermuziek met violist en componist Georges Enescu en met cellist Dinicu, telg van de legendarische, Roemeense muzikantenfamilie, die twee generaties terug nog anonieme maar viool en cello spelende zigeuners waren. In april 1910 nam Elisabeth zu Wied deel aan een liefdadigheidsconcert in Wiesbaden waarbij vijf van haar eigen liederen werden gebracht, o.m. op tekst van Goethe en Eichendorff.

Over tal van belangrijke maar tegelijk ook bonte personages weet Van den Berghe boeiende en leuke dingen te vertellen. Zo zag Willem II zich niet alleen als een briljante militaire strateeg, maar ook als een gezaghebbende kunstkenner. Op een trip naar Noorwegen nodigde hij Edvard Grieg uit voor een concert in de Duitse ambassade. Hij nam plaats naast de componist aan de piano en vroeg hem de Peer Gynt Suite te spelen. Tijdens de uitvoering corrigeerde hij telkens weer Griegs tempi en zijn manier van spelen. Om de première van Wagners opera De Vliegende Hollander bij te wonen doste hij zich uit als grootadmiraal.

Over Ferdinand, zoon van  August Lodewijk Victor, prins van Saksen-Coburg-Saalfeld en van Clementine van Orléans, een dochter van koning Lodewijk Filips van Frankrijk, weet de auteur te vertellen dat hij behalve ‘knjaz’, dat was  eigenlijk de tsaar van Bulgarije, ook schrijver en filatelist was en dat hij  Duits, Engels, Frans, Russisch, Italiaans, Turks, Hongaars, Albanees en Bulgaars sprak en dat hij een passie had voor techniek en opera. Hij verafgoodde Richard Wagner en was een trouw bezoeker van de Bayreuther Festspiele.

Zijn oudere broer Ferdinand Filips trouwde met prinses Louise van België, de oudste dochter van koning Leopold II van België. Het was hij die op die koude, akelige ochtend van 30 januari 1889, de lijken in Schloss Mayerling ontdekte van de 31-jarige, Oostenrijkse Kroonprins Rudolf en zijn 18-jarige minnares Mary von Vetsera.

We vernemen dat cultuur niet was besteed aan Bertie, de latere Engelse koning Edward VII, maar dat zijn moeder Queen Victoria dweepte met klassieke muziek en er prat op ging dat ze les kreeg van Mendelssohn.

Ter ere van onze jonge Leopold componeerde  Michael Haydn, de broer van Jozef Haydn, ooit de ‘Coburger Mars’. Meer richting onze tijd ontsnapte het Huis Coburg niet aan de vreselijke omwentelingen in het ontmantelde, Duitse Keizerrijk na WO I.

We lezen dat op 21 juni 1918 Karel Eduard, de laatste hertog van Saksen-Coburg en Gotha, ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van Hertog Ernst II, diens opera Santa Chiara liet opvoeren in het Hoftheater van Coburg. Daarna vertrok hij naar zijn jachtdomein in Hinteriss/Tirol. Bij zijn terugkeer op 1 november woonde hij een jubileumvoorstelling van Der Rosenkavalier bij. Richard Strauss dirigeerde. Het was de laatste feestelijke gebeurtenis in het hertogdom. Een week later riep de Arbeiders- en Soldatenraad van Gotha de republiek uit.

In ‘De stoeterij van Europa’ komen  kleurrijke personages, diplomatische en minder diplomatische, politieke manoeuvres en sappige intriges aan bod. Het huis van Coburg was bijna een datingbureau voor gekroonde hoofden, schrijft Van den Berghe. Otto von Bismarck noemde het Huis zelfs een stoeterij, van waar de titel van dit indrukwekkend  boek. Het boek is bijzonder vertellend geschreven en leest bijgevolg heel aangenaam en  vlot. Het is gedroomde vakantielectuur voor al wie reist om te leren. Want, als je tijdens je vakantie op reis dit boek leest, kom je sowieso geleerder terug. Warm aanbevolen.

Jan van den Berghe DE STOETERIJ VAN EUROPA De Coburgs en hun klim naar de macht 464 bladz.  Uitg. De Bezige Bij ISBN 9789085425472

http://www.stretto.be/2018/06/14/haus-der-konige-das-wiener-palais-coburg-de-weense-geschiedenis-van-een-schitterende-europese-dynastie-boeiend/#more-9859