“Tod der Dido”, opera van Ignaz Holzbauer door Frieder Bernius op het label Carus. Een ontdekking!

In zijn voorlaatste opera “Tod der Dido” uit 1779, presenteerde Ignaz Holzbauer (1711-1783) zich niet alleen als een meester in de muzikale interpretatie van dichterlijke woorden, maar ook als een fantasierijke muziekdramaturg. Terwijl de originele Italiaanse versie zijn positie als één van de toonaangevende operacomponisten van die tijd bevestigde, benadrukte de Duitse versie die hij een jaar later maakte, ook zijn positie als pionier van de Duitse Nationale Opera. Frieder Bernius koos de Duitse versie voor een productie uitgevoerd op het Schwetzingen Festival in 1997, die nu voor het eerst op cd is uitgebracht.

Ignaz Jacob Holzbauer was meer dan 25 jaar (1753-1778) kapelmeester aan het keurvorstelijk hof van Karl Theodor van Beieren. Daar behoorde hij naast Johann en Carl Stamitz, František Xaver Richter, Anton Fils en Christian Cannabich, tot de eerste generatie componisten van de befaamde Mannheimer Schule. Na een aanstelling bij graaf Thurn-Valsassina van Laibach (Ljubljana), en een tijdje in Venetië, werd Holzbauer kapelmeester van graaf Rottal van Holešov in Moravië. In 1751 werd hij Oberkapellmeister aan het Württemberger hof in Stuttgart en kapelmeester van het theater in Mannheim. In 1753 opende het Schlosstheater in Schwetzingen (foto) met de opvoering van zijn opera “Il figlio delle selve”. Zijn grootste succes had hij met de ‘eerste Duitse opera’ “Günther von Schwarzburg” (1777), op een libretto van de Mannheimer Jezuïet Anton Klein. Toen het hof in 1778 naar München vertrok, verkoos Holzbauer in Mannheim te blijven, waar zijn hier opgenomen eenakter “La morte di Didone” op een libretto van Pietro Metastasio, in 1779 werd opgevoerd.

Het libretto is gebaseerd op een episode uit Vergilius’ “Aeneas”. De Trojaanse held Aeneas en de Carthaagse koningin Dido worden verliefd op elkaar. Echter, om zijn bestemming te volgen en Rome te vinden, verlaat Aeneas haar. Dido stort zich wanhopig in het vuur van haar brandende stad. Dit gegeven was erg populair in de barok en werd ook verwerkt in andere libretti. De tekst van Metastasio eindigt tragisch, net als het oude meesterwerk, en stond daardoor in contrast met de toen gebruikelijke gewoonte van de opera seria.

Het werk van Frieder Bernius heeft wereldwijd veel erkenning gekregen. Hij wordt internationaal gevraagd als dirigent en als leraar. Zijn belangrijkste artistieke medewerkers zijn de ensembles die hij zelf heeft opgericht, het Kammerchor Stuttgart, het Barockorchester Stuttgart, de Hofkapelle Stuttgart en de Klassische Philharmonie Stuttgart. Als gastdirigent heeft hij herhaaldelijk samengewerkt met bv. het SWR Vokalensemble Stuttgart, de Deutsche Kammerphilharmonie Bremen, het Stuttgarter Kammerorchester en de Streicherakademie Bozen.

Grote stilistische veelzijdigheid is het kenmerk van Frieder Bernius. Of hij nu vocale werken dirigeert van Monteverdi, Bach, Händel, Mozart, Beethoven, Fauré en Ligeti, toneelmuziek van Mendelssohn of symfonieën van Haydn, Burgmüller en Schubert, zijn werk streeft altijd naar een geluid dat tegelijk onmiskenbaar persoonlijk is en tegelijkertijd tijd georiënteerd op het oorspronkelijke geluidsideaal. Hij wijdt zich evengoed aan de herontdekking van opera’s uit de 18de eeuw als aan eerste uitvoeringen van hedendaagse composities. Hij is vooral geïnteresseerd in de muzikale geschiedenis van Zuidwest-Duitsland.

Carus-Verlag heeft Frieder Bernius een Gouden cd toegekend voor zijn complete opname van de religieuze muziek van Felix Mendelssohn Bartholdy. De prijs werd hem uitgereikt tijdens het Duits koorfestival in Stuttgart in 2016. De verkoop van meer dan 250.000 opnamen, die met een aantal prijzen werden bekroond, heeft een niet onbelangrijke bijdrage geleverd aan wat vandaag de voor de hand liggende aanwezigheid is van Mendelssohns compleet oeuvre in het concertrepertoire.

Het Barockorchester Stuttgart, dat in 1985 werd opgericht door Bernius, is gespecialiseerd in muziek uit de 18de eeuw. De vooraanstaande musici behoren tot de leidende vertegenwoordigers van de historische uitvoeringspraktijk en spelen uitsluitend op originele instrumenten. Het ensemble wijdt zich voor een groot deel aan de revival van 18de-eeuwse opera’s en heeft opgetreden op tal van internationale festivals, onder meer in Rome, Dresden en Göttingen.

De uitvoerders zijn de Sopraan Sandrine Piau (foto), de alt Carmen Fuggiss, de tenor Markus Schäfer (foto) en de bariton Thomas Mohr. Het Barockorchester Stuttgart en leden van het Kammerchor Stuttgart staan o.l.v. Frieder Bernius. Fris, ontwapenend, verfijnd en gevoelig. Een heuse aanrader!

Ignaz Holzbauer Tod der Dido Singspiel in einem Aufzug Sandrine Piau Carmen Fuggiss Markus Schäfer Thomas Mohr Barockorchester Stuttgart Kammerchor Stuttgart Frieder Bernius cd Carus CV83280