Na enkele cognacs en een sigaar…Andrew Roberts “Churchill, De biografie”, ca. 1170 bladz. uitgegeven door Prometheus. Monumentaal!

Zoeken we een voorbeeld van onvervalste moed, dan denken we terecht aan Winston Churchill, de visionaire leider, immuun voor de gangbare conventies, die nooit van zijn standpunten afweek, zelfs niet toen iedereen aan hem twijfelde. Maar hoe werd de jonge Winston de grote Churchill? Wat gaf hem de moed om het tegen de superieure kracht van nazi-Duitsland op te nemen, terwijl er een bommenregen op Londen neerviel en zo veel anderen het al hadden opgegeven? Nu, eindelijk, kunnen we het compleet verhaal lezen in deze monumentale biografie van één van de meest tot de verbeelding sprekende leiders aller tijden.

Volgens de New York Times schreef Andrew Roberts ‘absoluut de beste eendelige biografie van Churchill ooit’. Daar zijn verschillende redenen voor. Roberts kreeg bv. nl. exclusief toegang tot een enorme hoeveelheid nieuwe bronnen, transcripties van de vergaderingen van Churchills oorlogskabinet, dagboeken, brieven, ongepubliceerde memoires en gedetailleerde aantekeningen die koning George VI maakte na zijn tweewekelijkse onderonsje met de staatsman. Na alle brieven van Churchills hand te hebben gelezen, waaronder ook zeer persoonlijke, die tot nu toe door zijn zoon Randolph werden achtergehouden, en met meer dan honderd mensen uit Churchills kringen gesproken te hebben, wist Andrew Roberts de drijfveren van de politicus te ontsluieren. Dit alles leverde een biografie op van ruim duizend bladzijden!

We zien Churchill vaak als de held van de gemechaniseerde oorlogsvoering, maar Roberts’ meesterwerk laat ook zien dat hij ons net zoveel te leren heeft over de uitdagingen van vandaag en over universele waarden als moed, doorzettingsvermogen, leiderschap en morele overtuiging.

Het boek bestaat uit twee delen met in totaal 34 hoofdstukken. Deel 1 “De voorbereiding”, begint met de afkomst van de heel beroemde naam. Churchill werd nl. in 1874 geboren in Blenheim Palace (foto) in Woodstock in Oxfordshire, als een nakomeling van de bekende Engelse veldheer John Churchill, de 1ste hertog van Marlborough (foto) die Blenheim Palace cadeau had gekregen als beloning voor zijn overwinning in de Slag bij Blenheim aan de Donau (foto) in 1704. Bij die slag, een onderdeel van de Spaanse Successieoorlog (1701-1713) van de “Grote Alliantie” (uitbreiding van de Liga van Augsburg) tegen o.a. het koninkrijk Frankrijk en het Spaans Rijk, stonden de strijdkrachten van de Grote Alliantie (Engeland, Oostenrijk en de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden), onder het commando van John Churchill en prins Eugenius van Savoye.

Churchills vader was Lord Randolph Henry Spencer-Churchill, de derde zoon van de zevende hertog van Marlborough, die in 1886 minister van Financiën was. Zijn moeder was Jennie Jerome, de dochter van de Amerikaanse miljonair Leonard Jerome. Na de jongenskostschool Harrow, vervolgde Winston in 1893 zijn opleiding aan de Koninklijke Militaire Academie te Sandhurst. In de Tweede Boerenoorlog (1899-1902) werkte Churchill als oorlogsverslaggever. Hij werd gevangengenomen door de Boeren, maar slaagde erin te ontsnappen. Eenmaal terug in het Verenigd Koninkrijk ging hij in de politiek…

Daarna heeft Roberts het o.a. over Omdurman, de Tory kandidaat van Oldham en Pretoria (augustus 1898-oktober 1900). Op 2 september 1898 was Churchill in Omdurman, nabij Khartoem in Soedan, deelnemer aan de laatste echte cavaleriecharge van het Brits leger tegen kalief, Abdallahi ibn Muhammad. De Slag van Karari, die in 1898 nabij Omdurman plaatsvond, resulteerde in een verovering van de stad door het Anglo-Egyptisch leger van Lord Horatio Kitchener.

Na dit verhaal verteld te hebben, vervolgt Roberts met Churchill als liberaal imperialist: januari 1906-april 1908. Eerst was Churchill nl. lid van de Conservative Party, maar omdat die partij zich kantte tegen het principe van internationale vrijhandel, ging hij als conservatief in 1904 over naar de Liberal Party. Zijn progressief liberale tegenstanders waren Asquith en David Lloyd George.

Vervolgens gaat het uitgebreid over Churchill als Minister van Binnenlandse Zaken (februari 1910-september 1911). Churchill diende in die hoedanigheid een verzoek in om ongeveer 100.000 ‘geestelijk gedegenereerde’ mensen te steriliseren en een paar duizend anderen te laten werken in op te richten kampen… Dit “om het Engelse ras te redden van deze zich voortplantende inferieuren”. Na deze korte periode vervolgt Roberts met zijn hoofdstuk over Churchill als Minister van Marine (“First Lord of the Admiralty”) (oktober 1911-augustus 1914) en lid van het “Committee of Imperial Defence”. Samen met de First Sea Lord (chef-staf van de Marine) prins Louis van Battenberg (Mountbatten), zorgde hij ervoor dat de reusachtige Britse vloot in de zomer van 1914, meteen ingezet kon worden. Alice, de dochter van Louis, zou door het huwelijk van haar zoon Philip, de schoonmoeder worden van de Britse koningin Elizabeth II.

Daarna is het de beurt aan het verhaal achter de rampzalige landingen in Gallipoli (maart-november 1915). Als onderdeel van W.O.I werd nl. aan het schiereiland aan de Dardanellen of Hellepont in het zuiden van (Europees-) Turkije, een gezamenlijke Britse en Franse operatie opgezet om de Ottomaanse stad, Constantinopel, te veroveren en zo een zeeroute naar Rusland veilig te stellen. De poging mislukte met heel zware verliezen aan beide zijden. Churchill werd korte tijd Chancellor of the Duchy of Lancaster, bleef lid van het Lagerhuis, maar voegde zich al snel weer bij het leger. Hij diende aan het westelijk front als bevelhebber van een Schots bataljon in Ploegsteert (foto), een landelijk dorpje in de Belgische provincie Henegouwen, op de weg van Mesen naar Armentières in Frankrijk.

Churchill werd daarop minister van Munitie en minister van Oorlog en van Luchtvaart. In 1917 stelde hij voor om gifgas te gebruiken “als experiment tegen weerspannige Arabieren.” Uiteindelijk werd hij in 1924, minister van Financiën (“Chancellor of the Exchequer”). Na 1933 was Churchill één van de weinigen in Engeland die inzag dat de opkomst van nazi-Duitsland tot een nieuwe oorlog zou leiden en die daarom pleitte voor een sterker leger. Hij was daarom later een fel tegenstander van premier Chamberlains appeasement politiek, het vermijden van de oorlog door concessies te doen aan Hitler.

Deel 1 eindigt met Churchills greep naar het premierschap in mei 1940. Zijn beroemde toespraak “I have nothing to offer but blood, toil, tears and sweat” (“Ik heb niets anders te bieden dan bloed, hard werk, tranen en zweet”) op 13 mei 1940, was zijn eerste toespraak als premier. Churchill was tweemaal premier van het Verenigd Koninkrijk, een eerste maal van 1940 tot 1945, als opvolger van Chamberlain, en een tweede maal van 1951 tot 1955, nadat de Labour Party in 1951 verslagen was.

In deel 2, “Het proces”, leest u o.a. over de val van Frankrijk in mei-juni 1940 en de “Slag om Engeland” in de daaropvolgende maanden juni-september. Kort voor de “Slag om Engeland” sprak Churchill de legendarische woorden tot het Britse volk, “We shall defend our island, whatever the cost may be, we shall fight on the beaches, we shall fight on the landing grounds, we shall fight in the fields and in the streets, we shall fight in the hills; we shall never surrender. Hij hield zijn woord, nauw bijgestaan door o.a. zijn dochter, Mary als medewerkster.

Hierna volgen de hoofdstukken over de “Blitz” en de overwinning in de woestijn (de vernietiging van het Duitse Afrikakorps), bevrijding en overwinning, de oppositie en de “Lange zonsondergang” (april 1955-januari 1965). Winston Churchill overleed nl. op 24 januari 1965. De rouwdienst werd op 30 januari 1965 gehouden in St Paul’s Cathedral. Toen zijn kist langzaam de Theems afvoer, bogen de kranen en groetten hem op die manier voor de laatste keer.

Dit fascinerend boek exploreert de verbluffende mate waarin Churchills leven tot 1940 een lange voorbereiding op zijn leiderschap tijdens de Tweede Wereldoorlog lijkt te zijn geweest. Het onderzoekt de talloze lessen die hij geleerd heeft in de vijfenzestig jaren die aan zijn premierschap voorafgingen – jaren van missers en tragedies naast hard werk en inspirerend leiderschap – en laat vervolgens zien hoe hij deze lessen toepaste tijdens het zwaarste uur van beproeving dat onze beschaving ooit gekend heeft. Want hoewel hij in mei 1940 inderdaad aan de hand liep van het lot, had hij zich levenslang bewust op het vervullen van die lotsbestemming voorbereid.

Roberts vertelt Churchills verhaal overtuigend en met veel beheersing. Hij schrijft elegant, maakt rake opmerkingen, en kent heel goed zowel zijn bronnen als de immense historiografie. Dit is een geweldig boek vol humor en noemenswaardige gebeurtenissen, dit is het soort biografie dat Churchill zelf gewild zou hebben. Het is kolossaal, energiek, zeer goed geïnformeerd, met de nodige kritische kanttekeningen, maar ook sympathiek en bijwijlen, bijzonder grappig. Deze biografie geeft een completer beeld dan enige andere biografie. De stamboom en kaarten vervolledigen dit monumentaal werk. Briljant, adembenemend. Zeker lezen! “Churchill. Walking with Destiny” werd vertaald door Roland Fagel en Natasha Gerson.

Andrew Roberts (°1963) is de bestsellerauteur van onder andere “Wereld in vlammen” en “Napoleon de Grote”, onderscheiden met de “Prix du Jury des Grands Prix de la Fondation Napoléon 2014”. Roberts won nog veel andere prijzen, zoals de “Wolfson History Prize” en de “British Army Military Book Award”. Hij schrijft regelmatig voor “The Wall Street Journal” en heeft een aantal populaire documentaires geschreven en gepresenteerd.

Andrew Roberts Churchill De biografie ca. 1170 bladz. geïllustreerd Uitg. Prometheus ISBN 978 90 351 4446 0