Fijne Vioolsonaten van Franz Schubert door Stéphanie Paulet en Daniel Isoir op het label muso.

Hoewel hij zelf viool en altviool speelde, bestaat Schuberts oeuvre voor viool en piano slechts uit zes opusnummers, nl. drie sonatina’s, een Duo, een Fantasie en een Rondo (“Rondeau brillant”). De Fantasie en het Rondo werden gecomponeerd voor de pianist Karl Maria von Bocklet en de jonge violist Josef Slavík. De drie sonates dateren uit de lente van 1816. Schubert werd dat jaar negentien. Hun bescheiden afmetingen, “voor pianoforte met begeleiding van viool” leidden tot de publicatie ervan door Diabelli als ‘sonatinas’.

Er wordt al eens gezegd dat Schubert de Mozartiaanse sonate romantiseerde. De dialoog tussen de viool en de piano is eenvoudig, is minder uitgebreid dan bv. bij Beethoven, maar de vioolpartij is interessant gestoffeerd en is niet langer afhankelijk van de pianopartij. De Sonate D. 384, in D, opent met een beknopt allegro molto. Na een korte inleiding volgt een doorwerking waarin de viool en de rechterhand vaak unisono spelen. In het Andante hoort u een verfijnde, muzikale dialoog en het Vivace is als finale beweging, briljant en uitgesproken Schubertiaans. De Sonate D. 385, in la klein, is al uitgebreider. In de loop van de vier bewegingen wordt de vioolpartij met name meer en beter geprofileerd.

De Sonate in D. 408, in sol klein, duidelijk schatplichtig aan de door Schubert zo geliefde stijl van Mozart, heeft dan weer een meer assertieve balans tussen de viool- en de pianopartij. Na het gepassioneerd karakter van de openingsakkoorden in het Allegro giusto verschijnt het zangerig, liedachtig thema eerst in de piano en dan in de viool, dat vervolgens ritmisch wordt verwerkt. Het andante is van een prachtige eenvoud, expressief en lyrisch. Na een gracieuze doorwerking, fungeert het menuetto als een energiek scherzo. Het tweede, vloeiender thema in het trio, werd toevertrouwd aan de viool. Een allegro moderato eindigt in de populaire sfeer, opnieuw in een gestaag tempo. Een mooie fusie verenigt de twee instrumenten in een glorieuze coda.

De latere Vioolsonate in A, D574 (nu bekend als ‘Duo’), vraagt meer virtuositeit van de solo viool en in het Rondo wordt de piano soms bijna behandeld als een orkest. De uitgebreide Fantasie in C, D 934, werd in 1827 gecomponeerd, in het laatste jaar van Schuberts leven. Deze Fantasie is door zijn virtuoze pianopartij en de combinatie van ontroering met pure levensvreugde, een waar technisch en emotioneel meesterwerk.

Op deze cd ontdekt u ook de 13 variaties op een thema van Anselm Hüttenbrenner (foto) (1794-1868) in la klein, D576, oorspronkelijk gecomponeerd voor piano. Tijdens zijn rechtenstudies in Graz en Wenen werd Hüttenbrenner in 1815 leerling zang en compositie van Antonio Salieri (foto) in Wenen. Bij Salieri ontmoette hij zijn medeleerling, Franz Schubert, met wie hij al snel hartelijk bevriend raakte en met wie hij af en toe in het openbaar, concerten speelde. Schubert haalde het thema voor zijn variaties uit de langzame beweging (vier variaties) van Hüttenbrenners Strijkkwartet in E op. 12 uit 1817. Het opvallend ritme, een lange noot gevolgd door twee korte, (het ritme van het Allegretto in Beethovens zevende symfonie), wendde Schubert ook aan in zijn derde Impromptu D 935.

De uitvoering van Schuberts muziek voor viool en piano vergt intelligentie en technische bekwaamheid, een fijne, intieme connectie onder de uitvoerders en diepgaande, inzichtelijke kennis van de muziek. Dit is hier het geval. Daniel Isoir speelt vlot en vloeiend de velociteit van de partij voor de rechterhand. Hij speelt samen met Stéphanie Paulet, de fijngevoelige, eerste violiste van Insula orchestra, het orkest van dirigente, Laurence Equilbey. Een meerwaarde is de uitvoering op historische instrumenten, een piano van Schott, uit 1835, (uit de verzameling van de Belgische pianobouwer Maene), en een viool uit 1737 van de Duitse luthier, David Tecchler. Op deze bijzondere instrumenten produceren Paulet en Isoir, een typische Biedermeier sonoriteit, een enigszins droge maar mooi-ronde en intiem-warme klank. De cd werd akoestisch prima opgenomen in het auditorium van de “Cité de la Musique et de la Danse” van Soissons. Warm aanbevolen.

Stéphanie Paulet is al bijna tien jaar eerste violiste van prestigieuze, Parijse barokensembles zoals “Concert d’Astrée”, “Il Seminario Musicale” en “Les Talens Lyriques”. Gespecialiseerd in het bespelen van historische instrumenten, richtte ze “Aliquando” op waarmee ze producties bracht als “La Machine aux Couleurs” (op teksten van Diderot) en “Le Poète et le Chansonnier”, een combinatie van “Mémoires d’Outre-tombe” van Chateaubriand met chansons en liederen van Béranger, Schubert en Beethoven. Ze speelde eerder bij verschillende kamermuziekensembles, richtte het Trio “Pantoum” op, waarmee ze verschillende prijzen op internationale wedstrijden won, alsook het Trio “Convito”, een Trio op historische instrumenten waarmee ze in Amerika, Canada en Zweden speelde. In 2014 werd ze Chevalier des Arts et Lettres. In 2015 stelde ze samen met de organiste, pianiste en klaveciniste Yasuko Uyama-Bouvard (foto), een herinterpretatie voor van sonaten van Mozart. Stéphanie Paulet was daarnaast lerares aan het Regionaal Conservatorium van Saint-Maur-des-Fosses, Versailles, Besançon en aan de Hochschule in Bremen.

Daniel Isoir, geboren in Parijs, begon zijn muzikale studies bij de Argentijnse pianist Luisa Sorin voor hij toetrad tot de CNR van Boulogne-Billancourt in de klas van Gilles Bérard. In 1986 ontving hij na het winnen van de eerste prijs, een subsidie van de Canadese overheid om de internationale wintercursussen in Banff bij te wonen. Hij perfectioneerde zich daarop bij Marek Jablonski, Claude Frank, Paul Badura-Skoda voor piano, en Paul Tortelier, Josef Gingold voor kamermuziek. Vervolgens bracht hij vier succesvolle jaren door in Hamburg, waar hij bij Evgeni Koroliov aan de Hochschule für Musik und Theater studeerde. Al jarenlang gepassioneerd door de klank van de pianoforte, besteedt hij nu een groot deel van zijn tijd aan dit instrument en zijn repertoire. In 2006 richtte hij het ensemble “La Petite Symphonie” op.

Franz Schubert Violin Sonatas (1816) Stéphanie Paulet Daniel Isoir cd muso MU029