Marcel van Guldener over “Versailles 1919 en de geboorte van het nieuwe Europa”, een uitgave van  Aspekt.

Het boek gaat over de bereidheid van naties om alles op te offeren om een conflict uit te vechten, en het vermogen van soldaten om in onmenselijke omstandigheden overeind te blijven. Marcel van Guldener schreef zijn boek vanuit twee vragen. De Geallieerde troepen hadden binnen een jaar het land onder de voet kunnen lopen. Was dat beter geweest? en, was deze hele onderneming, het vaststellen van de verdragen met overwonnen landen, van tevoren een kansloze exercitie?

De hoofdstukken beogen een schets te geven van hoe het zo ver heeft kunnen komen en hoe het eindigde in de paleizen van de Franse voorsteden, Versailles, Trianon, Neuilly-sur-Seine, Sant-Germain en Sèvres. De opzet was geenszins om een volledig overzicht te geven maar meer om de belangstelling van de lezer te wekken voor deze gruwelijke, maar historisch zeer belangrijke episode uit de Europese Geschiedenis. U leest onder meer over Oostenrijk-Hongarije en Servië, de Mythe van het Duitse leger en het uiteenvallen van het Habsburgse Rijk, Woodrow Wilson en de Vrede van Versailles, en over ‘Het Wilde Oosten’.

“De taak die de ‘vredestichters van Versailles’ voorgeschoteld kregen”, zo lezen we, “was er één van immense omvang. Niet alleen moest er een nieuw vredesverdrag komen tussen de erfvijanden Frankrijk en Duitsland; in feite diende de hele landkaart van Europa opnieuw te worden ingetekend. Door het uiteenvallen van de ‘multinationale rijken’ zou vooral de kaart van midden- en oost Europa er heel anders uit gaan zien. Waar eerst een paar massieve blokken hadden gelegen was de zaak nu geheel gefragmenteerd.

Een flink aantal kleinere naties eisten een plek op de kaart en raakten in veel gevallen ook onderling slaags. Verder dienden de vredesstichters zich bezig te houden met allerlei niet-Europese regelingen waarbij vooral de nieuwe indeling van het Midden-Oosten – na het uiteenvallen van het Ottomaanse Rijk – veel hoofdbrekens zou kosten. In feite waren de ‘Grote Drie’ (Wilson, Lloyd George (foto) en Clemenceau) helemaal niet voorbereid op een dergelijke taak en konden zij dit beter overlaten aan de deskundigen. Daarnaast dienden ook afspraken gemaakt te worden voor wat betreft de verdeling van de Duitse koloniale bezittingen in Azië en de Pacific”.

“Bij alle vraagstukken die hun aandacht behoefden”, zo lezen we verder, “kwam dan ook nog eens de dreiging van een bolsjewistische revolutie welke dreigde zich als een olievlek naar het westen uit te strekken. Kortom, de ‘Grote Drie’ stonden voor een Hercules-taak waarbij elk lid van die drie dan ook nog eens zijn eigen agenda had; Wilson met zijn nadruk op het Volkenrecht en zijn principes van zelfbestemming en collectieve veiligheid. Lloyd George, de gehaaide pragmaticus die weinig om idealen gaf maar des te meer om de belangen van Groot-Brittannië en zijn nog immer bestaande wereldrijk.

En Georges Clemenceau die te veel oorlog in zijn leven had gezien om ook maar één seconde te kunnen geloven dat Duitsland door middel van verdragen en het vasthouden aan vage principes in toom gehouden zou kunnen worden. Voor hem telde alleen de vraag welke partij er meer divisies in het veld kon brengen en op wie de Fransen konden rekenen mocht de Teutoonse horde uit het Oosten opnieuw de grenzen van zijn geliefde Frankrijk overschrijden”. Warm aanbevolen.

Marcel van Guldener Versailles 1919 en de geboorte van het nieuwe Europa 230 bladz. Uitg. Aspekt ISBN1 9789463387088

http://www.stretto.be/2019/01/31/margaret-macmillans-vredestichters-de-verdragen-van-versailles-en-parijs-1919-uitgegeven-door-omniboek-een-monument/

http://www.stretto.be/2019/06/16/john-keegan-de-eerste-wereldoorlog-1914-1918-een-bijzondere-uitgave-van-balans/

http://www.stretto.be/2018/09/27/jan-van-oudheusden-over-de-eerste-wereldoorlog-een-uitgave-van-prometheus-zeker-lezen/