Schloss Elmau, de Toverberg van de Duitse geschiedenis, een magische plaats.

Schloss Elmau, gebouwd door de filosoof en theoloog Johannes Müller, is gelegen tussen Garmisch-Partenkirchen en Mittenwald in de Beierse Alpen. Het ligt aan de voet van de Wetterstein-bergen in een Naturschutzgebiet, behorend tot de gemeente Krün/Ortschaft Klais. 

Schloss Elmau werd gebouwd in 1914-1916 door Dr. Johannes Müller (1864–1949), een toen beroemde, protestantse theoloog en filosoof. De bouw werd mogelijk gemaakt met financiële hulp van Elsa, gravin van Waldersee, geb Haniel (foto). Professor Carlos Sattler, de schoonbroer van Müller, was de architect. Müller wilde dat Schloss Elmau een plaats was voor de ontwikkeling van een persoonlijk en gemeenschappelijk leven zonder enige ideologie, waar degenen die geïnteresseerd waren in zijn geschriften en lezingen, bij elkaar zouden komen om de zelfgerichtheid van hun ego te overstijgen en zich bewust te worden van stilte als de essentie door te luisteren of te dansen op klassieke muziek, of te staren naar de schoonheid van een ongerepte omgeving. Onder de beste vrienden en gasten van Johannes Müller waren o.a. Hermann Bahlsen, Adolf von Harnack, de theoloog Ernst Troeltsch en de troonopvolger van het Huis van Baden en laatste rijkskanselier van het Duitse Keizerrijk, generaal, Prins Max van Baden (1867-1929).

Müller was kritisch op individualisme, materialisme en kapitalisme en was ook een fervent tegenstander van zowel de gevestigde kerk als van de antroposofie, die hij beschouwde als een gevaarlijke poging om mensen door mensen te laten indelen. Voor hem was Jezus de ‘overwinnaar van religies’ en de ‘kinderlijke vergetelheid aan het zelf’, de voorwaarde voor het vervullen van de belofte van redding op aarde vervat in de Bergrede, de hoofdstukken 5, 6 en 7 van het Matteüs evangelie. Duizenden mensen stroomden naar zijn lezingen. Zijn boeken, uitgegeven door C. H. Beck, verschenen in massale oplagen. Zijn grootste bewonderaars waren de grondleggers van het cultureel protestantisme, met name Adolf von Harnack en Ernst Troeltsch, evenals Joodse leiders en denkers zoals Walter Rathenau en Martin Buber. Prins Max von Baden (foto), die Müller zijn spirituele gids noemde, leidde de opening van Schloss Elmau in 1916.

In 1933 sloot de overgrote meerderheid van de politiek conformistische elites van de bourgeoisie, die de wrok van het cultureel protestantisme tegen de kapitalistische en individualistische westerse beschaving in het bijzonder deelden, zich onmiddellijk na Hitlers machtstoename, aan bij het nazi-regime. Het anti-beschavings imperatief “Das Ich ist Nichts, das Volk ist Alles” (of: “Het ik is niets, het volk is alles”) van de Duitse “Volksgemeinschaft” (“tribale broederschap”) had ook Johannes Müller ervan overtuigd dat Hitler, die hij tot nu toe volledig had genegeerd, de leider was geworden van een ‘nationale revolutie van het algemeen belang boven eigenbelang’, om de belofte van de Bergrede te vervullen, een „Werkzeug in Gottes Hand“ en Anführer der „nationalen Revolution des Gemeinnutzes über den Eigennutz“, “das Empfangsorgan für die Regierung Gottes und Sender der ewigen Strahlen“… Omdat voor Müller het succes van een ‘gemeenschap van broeders die voor elkaar zorgen’ afhankelijk was van de opname van de Joden als de ‘nobelste vertegenwoordigers van de intellectuele elite’, bekritiseerde hij publiekelijk het antisemitisme van de nazi’s als een “schande voor Duitsland”.

Door zijn uitgesproken respect voor de Duitse joden, evenals voor orthodoxe joden die hij bewonderde voor hun trouw aan de traditie ondanks vervolging, werd hij gebrandmerkt als “een vriend van de joden”. Dit lokte de woede uit van het Ministerie van Propaganda en leidde tot een lastercampagne in de Beierse provinciale pers. De enige reden dat Müller niet onmiddellijk werd gearresteerd, was dat de Beierse staatskanselarij, Goebbels kon overtuigen dat de openbare belangenbehartiging van Müller door Duitse joden, morele waarde aan zijn inzet voor Hitler leende, en daarom meer in het voordeel van de nazi’s was dan in hun nadeel. Vanaf dat moment werd Müller echter constant ondervraagd door de Gestapo en onder streng toezicht gehouden.

Het was hem tot 1933 toegestaan zijn memoires te publiceren onder de titel “Gegen den Strom”. En ondanks Müllers trouw aan Hitler, die hij trouwens nooit had ontmoet, was de nazi-groet in Schloss Elmau verboden. Het antisemitisme van de nazi’s had hem en zijn kinderen in elk geval belet lidmaatschap van de partij of gelieerde organisaties aan te vragen. Aangezien Schloss Elmau, in tegenstelling tot de meeste badplaatsen en vakantiehotels, niet de reputatie had antisemitisch te zijn, werd het geen van de favoriete hotels van de nazi-elite. Vanaf 1935 was het Dr. Müller verboden om lezingen te geven. Bovendien zou de universiteit van Leipzig zijn doctoraat hebben ingetrokken zonder de tussenkomst van de filosoof, Hans-Georg Gadamer (foto).

In 1942 slaagde Johannes Müller (foto) er in om door Schloss Elmau aan het Duits leger te verhuren als vakantieoord voor soldaten die van het front terugkeerden, te voorkomen dat het door Göring of Himmler opgeëist werd. In 1943 eiste de commandant van het concentratiekamp Sachsenhausen weliswaar de arrestatie van Müller “vanwege het werk dat zeer schadelijk was voor de staat onder het mom van een eerlijke, oprechte burger”. De reden: een gevangene had de naam van Müller tijdens het verhoor genoemd. Er werd echter geen actie ondernomen vanwege het respect dat Müller in de loop der jaren had opgebouwd. Interventie in zijn voordeel kwam waarschijnlijk van Reichs minister van Binnenlandse Zaken, Wilhelm Frick.

In 1945, onmiddellijk na het einde van de oorlog, werd Schloss Elmau opgeëist door het Amerikaans leger en gebruikt als een gevangeniskamp voor bewoners van een Duits militair ziekenhuis. Later diende het als een militaire wintertrainingsschool. In 1946 klaagde de Beierse staatscommissaris voor personen die het slachtoffer waren van racistische, religieuze en politieke vervolging, dr. Philip Auerbach, aan voor een denazificatiezaak tegen Johannes Müller in Garmisch-Partenkirchen wegens ‘verheerlijking van Hitler zowel mondeling als schriftelijk’. De zaak tegen Müller was gebaseerd op de bewering dat zijn publieke kritiek op het antisemitisme van de nazi’s, paradoxaal genoeg, het effect van zijn steun aan Hitler had versterkt. Maar het vonnis werd als controversieel gezien en een oproep voor de onmiddellijke onteigening van zijn eigendom faalde. Niet alleen omdat gravin Waldersee weigerde haar deel van het onroerend goed te verkopen, maar ook omdat Müller noch lid was geweest van de nazi-partij, noch betrokken was geweest bij oorlogshandelingen. De wetten die de bevrijding van het nationaalsocialisme en het militarisme regelden, vormden daarom geen wettelijke grond voor een veroordeling of straf.

Dr. Philipp Auerbach (foto) nam bezit van Schloss Elmau in 1947 ondanks het gebrek aan eigendomsbewijzen. In 1934, na de machtsgreep van Hitler, vluchtte Auerbach met zijn gezin naar België. In Brussel vervolledigde hij zijn studies en kwam aan het hoofd van een fabriek van schoonmaakproducten in Berchem bij Antwerpen. Na de Kristallnacht in 1938 en de moord op zijn vader door de nazi’s wilde hij met zijn gezin naar Cuba vluchten maar het land wilde de vluchtelingen niet aannemen. Bij de Duitse inval in België werd hij gearresteerd en met honderden andere Duitsers en Duitsgezinden naar Frankrijk gebracht. Dat bracht hem langs Saint-Cyprien, Gurs, Le Vernet, Perpignan, Vichy en Pau. Het collaborerend Franse Vichy-regime zette hem uiteindelijk in januari 1944 op een trein naar Auschwitz.

Het feit dat Auerbach chemicus was en gespecialiseerd in het vervaardigen van zeep uit dierlijke vetten, werd zijn” redding” in Auschwitz. Volgens bepaalde versies zou hij gedwongen geweest zijn om zeep te maken van menselijke resten. Op de zeepjes die elke Duitse soldaat meekreeg stond in Gotische letters ‘RIF’, Reichsstelle für Industrielle Fettversorgung. De nazi’s zelf bedachten de wansmakelijke grap dat RJF stond voor Reichs-Juden-Fett. In gotisch schrift valt een I nl. nauwelijks te onderscheiden van een J. Deze zeep zou ook menselijke resten bevatten, maar Auerbach beweerde “Als chef van de zeepfabricatie moest ik voor de productie van vet zorgen in het slachthuis. Er was in Auschwitz ook een slachthuis voor koeien, schapen en varkens. De SS verkocht de as van de vergaste slachtoffers wel als meststof aan plaatselijke boeren.

Tot 1951 functioneerde Schloss Elmau als een sanatorium voor ontheemden en overlevenden van de Holocaust. Deze tragedie overkwam ook dr. Auerbach in de kampen, o.a. in Auschwitz, “het summum van menselijke slechtheid, sadistische brutaliteit en beestachtige schanddaden”, aldus Auerbach. In 1952 werd hij echter als staatscommissaris voor racistisch, religieus en politiek vervolgden in München, beschuldigd van fraude en verduistering, en werd gevangengezet. Hij nam zich daarop het leven. Enkele jaren later werden alle aanklachten tegen hem afgewezen en werd hij gerehabiliteerd. In 1951 huurden twee van de elf kinderen van Müller, die hij als zijn erfgenamen had benoemd, Schloss Elmau van het Bureau voor Restitutie.

Onder de auspiciën van Johannes Müllers zoon Bernhard, zijn dochter Sieglinde en haar echtgenoot Dr. Odoardo Mesirca, ontwikkelde Schloss Elmau zich met de steun van het legendarisch Amadeus Quartet (foto), tot een internationaal bekend centrum voor kamermuziek, begunstigd door wereldberoemde musici als Yehudi Menuhin, Benjamin Britten, Peter Pears, Julian Bream, Wilhelm Kempff, Gidon Kremer, Friedrich Gulda en Thomas Quasthoff.

Al in 1916 werden elk jaar 150 concerten gehouden, van piano- tot lied- en kamermuziekavonden. Vooral door de pianiste Elly Ney (1882-1968) (foto), docente piano aan het Mozarteum in Salzburg tijdens de nazi-periode, werden de kamerconcerten gericht op Mozart, Beethoven en Schubert. In 1957 werd Schloss Elmau opnieuw een mekka voor kamermuziek, vooral dankzij het initiatief en de steun van joodse kunstenaars en de dirigent Hans Oppenheim (1892-1965).

Alle grote uitvoerders van kamermuziek kwamen naar Schloss Elmau, in de eerste plaats het legendarisch “Amadeus Quartett”, dat in januari het beroemd kamermuziekfestival oprichtte (aanvankelijk de Brits-Duitse kamermuziekweek genoemd). Het Amadeus Quartett nodigde hun muzikale vrienden uit zoals Benjamin Britten, Peter Pears, Emile Gillels, George Malcom, Julian Bream, Yehudi Menuhin, Antal Dorati, Alfred Brendel, maar ook Duitse musici zoals Wilhelm Kempff en de cellist, Ludwig Hoelscher.

In 1961 werd een beroep op gerechtelijke procedures met betrekking tot eigendom afgewezen en Bernhard Müller-Elmau en Sieglinde Mesirca (dochter van Johannes Müller en Irene Sattler) (foto) werden elk met een half aandeel, eigenaar van Schloss Elmau verklaard. De beroemde Duitse humorist bekend als Loriot werkte daar aan al zijn filmprojecten. De voormalige federale president Johannes Rau, die Schloss Elmau zijn spiritueel thuis noemde, kwam vanaf het einde van de jaren vijftig verschillende keren per jaar op bezoek. In 1997 werd Dietmar Müller-Elmau (foto) , een zoon van Bernhard, eigenaar van Schloss Elmau. Hij had als één van ‘s werelds marktleiders in hotelsoftware, zijn bedrijf “Fidelio” verkocht aan Micros in de VS. Hij concentreerde zich op het renoveren van het kasteel en het herdefiniëren van Schloss Elmau als een plaats waar hoge kunst kon floreren als de belangrijkste uitdrukking van een joods-Amerikaans ideaal van individuele vrijheid en creativiteit.

Dietmar Müller-Elmau, geb. 1954, studeerde bedrijfskunde, filosofie en theologie in München en computerwetenschappen in New York. In 2007 transformeerde hij Schloss Elmau, gebouwd door zijn grootvader, de filosoof Johannes Müller, in Schloss Elmau – Luxury Spa & Cultural Hideaway.

Sinds 1998 is Schloss Elmau ook een vaste ontmoetingsplaats geworden voor wetenschappers van over de hele wereld. En dit mede dankzij de medewerking van professor Christoph Schmidt van de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem; Professor Gabriel Motzkin, hoofd van het Van Leer Instituut in Jeruzalem; Professor Dan Diner van het Simon Dubnow Instituut in Leipzig en professor Michael Brenner van de leerstoel Joodse geschiedenis en cultuur aan de Universiteit van München. De Schloss Elmau Symposia over politieke theologie en de geschiedenis van ideeën hebben sindsdien buitengewone media-aandacht en lof ontvangen.

In 1999 gaf filosoof Peter Sloterdijk een toespraak op het Schloss Elmau Symposium over politieke theologie met de titel ‘Beyond Being’, waarin hij het had over de kritiek van Emanuel Levinas op het gebrek aan ethiek in de ontologie van Martin Heidegger. Deze toespraak ging de geschiedenis in als “de Elmau-toespraak”. De reacties van Saul Friedländer (°1932), professor geschiedenis aan de University of California, Los Angeles, en de filosoof, Jürgen Habermas (°1929) leidden gedurende meerdere maanden tot een ongeëvenaard publiek debat in de Duitstalige pers over de ethische grenzen van genetische manipulatie. Dat resulteerde in de oprichting van een Nationale Ethische Raad. De eerste en enige openbare vergadering van de Raad vond vervolgens plaats in Schloss Elmau.

Kort daarvoor was Saul Friedländer voorzitter van het Schloss Elmau-symposium over ‘Wagner in het Derde Rijk’, waaraan voor het eerst, bijna alle erkende pro- en anti-Wagner-experts deelnamen. Het symposium werd geprezen door de Frankfurter Allgemeine als een achterstallig debat over de ideologische wortels van het nationaalsocialisme en de politiek noodlottige rol van Bayreuth in het Derde Rijk. De lezingen werden vervolgens gepubliceerd door C. H. Beck als een boek met dezelfde titel. Sinds 2001 organiseert Schloss Elmau regelmatig een Joodse Tarbut-conferentie (Tarbut betekent cultuur) onder leiding van Dr. Rachel Salamander en professor Michael Brenner, waar vooraanstaande Joodse intellectuelen uit de hele wereld, leden van de Joodse gemeenschappen uit Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland ontmoeten.

Sinds 2002 worden regelmatig Trans-Atlantische forums georganiseerd door het Duits Marshall Fonds (GMF) van Washington onder leiding van Craig Kennedy en wijlen dr. Ron Asmus, om Amerikanen samen te brengen met Duitse en andere Europese politici. Slechts twee maanden vóór haar verkiezing in september 2005 in de functie van bondskanselier, gaf dr. Angela Merkel een krachtig gedebatteerde lezing over de relatie tussen Turkije en de Europese Unie. In 2005 verwoestte een grote brand door een kortsluiting echter twee derde van het kasteel. Gelukkig raakte niemand gewond. Het vuur maakte het voor Dietmar Mueller-Elmau noodzakelijk om een volledig nieuw Schloss Elmau te creëren.

Op 21 juni 2007 opende het nieuw Schloss na 14 maanden bouwen, ontworpen en gecontroleerd door Christoph Sattler en Dietmar Mueller-Elmau. Het prachtig gebouw werd onthuld als een “Luxury Spa & Cultural Hideaway” en lid van “The Leading Hotels of the World”. Schloss Elmau heeft sindsdien talloze onderscheidingen ontvangen als één van de beste spa’s in Europa en wereldwijd. Op 21 maart 2015 werd het Schloss Elmau Retreat geopend na twee jaar bouwen.

The Retreat is een magistraal hotel in een hotel, evenveel deel van Schloss Elmau als een heel eigen wereld met 47 suites, 2 restaurants en lounges, een prachtige bibliotheek (foto) en een heuse boekhandel (foto), fitnessruimte, yogapaviljoen en Shantigiri Spa met aparte ruimtes en zwembaden voor volwassenen, vrouwen en gezinnen. Op 7 en 8 juni 2015 vond de G7-top plaats in Schloss Elmau met de staatshoofden en regeringsleiders uit de VS, Canada, Japan, Frankrijk, Groot-Brittannië, Italië en Duitsland. Een magische plaats. Niet te missen!

https://www.schloss-elmau.de/en/

Dietmar Mueller-Elmau Schloss Elmau – Eine deutsche Geschichte Kösel-Verlag 158 bladz. Duits geïllustreerd ISBN 978-3-641-16666-3

Ulrike Leutheusser (Hg.): Frauen im Schatten von Schloss Elmau. Mit Beiträgen von Micaela Händel, Harald Haury, Ulrike Leutheusser und Benedikt Maria Scherer, Allitera Verlag ISBN 978-3-86906-887-9