Joost Welten over “De vergeten prinsessen van Thorn (1700-1794)”, een prachtuitgave van Sterck & Devreese.

Het stift van Thorn was in de achttiende eeuw the place to be voor de hoog adellijke dochters van de Europese rijksvorsten en -graven. Ze werden er klaargestoomd voor een huwelijk met een man van stand, leerden zich uitdrukken in het Frans, kregen zangles en organiseerden dansfeesten. Hun japonnen naar de laatste mode uit Parijs waren exclusief en de exquise gerechten aten ze met zilveren bestek

In de glazen kooi waarin ze leefden dienden ze voortdurend het bij hun stand passende gedrag te vertonen, één enkele misstap kan fataal zijn. We volgen de adellijke dames op hun reizen door Europa, tijdens jachtpartijen, maar ook wanneer ze vertwijfeld op zoek zijn naar geld om hun schulden te betalen. Hoe gaan zij om met de speelruimte die hun wordt toebedeeld? Schikken zij zich in een dienstbare rol of zien ze kans om een eigen kleur te geven aan het leven en daarin iets uit te drukken van hun idealen en ambities?

Historicus dr. Joost Welten kon de hand leggen op een gigantische hoeveelheid nooit eerder geraadpleegde bronnen en geeft in De vergeten prinsessen van Thorn een inkijk in de leefwereld van dit voormalige rijk der hoog adellijke vrouwen. Vorstelijk geïllustreerd met meer dan 150 afbeeldingen – vaak nooit eerder gepubliceerd.

Joost Welten ging met medewerking van Lena Reyners, op onderzoek naar ‘De vergeten prinsessen van Thorn’. De historicus schetst een beeld van Thorn in de achttiende eeuw, dat ‘the place to be’ was voor de hoogadellijke dochters van Europese vorsten. Ze verbleven er in een ‘stift’ (Stiftung), een soort instelling waar meisjes vanaf 15 jaar tot aan het huwelijk opgeleid en voorbereid werden op het adellijk bestaan. De stift van Thorn was exclusief, je kwam er zo maar niet in. Ze bood enkel plaats aan 14 ‘dames’ van wie alle betovergrootouders van adel waren. In het boek maken we kennis met een aantal heel bijzondere figuren waarvan niet alle verhalen als een sprookje lezen. De Franse Revolutie betekende het einde van de stiften.

Het is weinig geweten dat in Midden-Limburg tot 1794, eeuwenlang, een zelfstandig ministaatje bestond, het abdijvorstendom Thorn, dat eeuwenlang door vrouwen werd geregeerd en waar dames uit de allerhoogste adel werden voorbereid op een huwelijk.  

In het boek ligt het accent op het stift onder Cunegonda van Saksen, de laatste vorstin-abdis van het stift Thorn. U leest over het paleis van Cunegonda in Thorn en over Cunegonda als vorstin-abdis, Gabriella, prinses van Salm Salm, de regels van de hoogadellijke huwelijkspolitiek, stifdame Felicitas van Merode en leven als een stiftdame. Bovendien is het boek (voorzien van een uitgebreid notenapparaat, literatuuropgave en indices op persoons- en geografische namen) met zijn vele kleurenillustraties bijzonder mooi uitgegeven.

Het boek opent met een portret van Cunegonda van Saksen, die in 1775 stiftdame en een paar jaar later vorstin wordt van het stift Thorn. Als koninklijke prinses van Polen en Litouwen en als hertogin van Saksen behoort zij zelfs binnen de hoge adel tot een buitencategorie. In de Lage Landen zijn er slechts drie personen haar gelijke in rang: haar broer Albert en haar schoonzus Maria Christina van Oostenrijk – samen gouverneurs van de Oostenrijkse Nederlanden – en Wilhelmina van Pruisen, de echtgenote van stadhouder Willem V.

In de eerste drie hoofdstukken belichten we de adellijke leefwereld waarin zij zich beweegt en waarin zij al musicerend en jagend een eigen speelruimte creëert. Daarna lezen we hoe deze prinses uit Dresden vorstin-abdis in Thorn wordt, maar ook en vooral hoe zij invulling geeft aan die rol.

Haar tegenspeelster in Thorn is Gabriella prinses van Salm Salm, de dekanes – hoogste in rang – van het kapittel. Ze moet aanzien dat niet haar zus Christina van Salm Salm, maar Cunegonda van Saksen de nieuwe vorstin-abdis wordt. Toch staat in dit boek niet zozeer die machtsstrijd centraal, als wel de rol die het stift Thorn en andere stiften spelen bij de opvoeding van hoogadellijke jongedames. We volgen Gabriella en Christina van nabij, terwijl ze de eerste schreden zetten op weg naar een leven als welopgevoede prinsessen, en we tasten de grenzen daarvan af bij hun stiefzus Anna Victoria, een vrouw met rebels karakter. In het slothoofdstuk weven we de verschillende verhaallijnen aaneen. Zo ontstaat een beeld van het dagelijks leven van de stiftdames in Thorn in de 18 de eeuw: een wonderlijke miniatuurstaat waar vrouwen het voor het zeggen hebben. Dit is geschiedschrijving met een meerwaarde. Zeker lezen!

Dr. Joost Welten werkt als onderzoeker voor het Instituut voor Geschiedenis van de Universiteit van Leiden.

Joost Welten De vergeten prinsessen van Thorn (1700-1794) 519 bladz. geïllustreerd ISBN 9789056155285 Uitg. Sterck & de Vreese