‘Vernieling en wederopbouw – Oostende 1944-1958’

Goed nieuws. De mooie tentoonstellingscatalogus naar aanleiding van de expo “Vernieling en wederopbouw. Oostende 1944-1958” is opnieuw verkrijgbaar. Deze catalogus maakt met zijn interessante teksten en treffende foto’s, een belangrijk stukje geschiedenis van Oostende opnieuw tastbaard.

In ‘Vernieling en wederopbouw. Oostende 1944-1958’ vertelt o.a. Marc Dubois (foto)het verhaal over de vernieling van Oostende tijdens WO II en de wederopbouw in de periode tussen 1944 en 1958. Tijdens de Tweede Wereldoorlog kreeg Oostende het zwaar te verduren. De tentoonstelling weerspiegelde een zwaar gehavende stad die op een korte tijdspanne weer de uitstraling van de ‘Koningin der Badsteden’ moest uitdragen. Toch was de expo ‘Vernieling en wederopbouw. Oostende 1944-1958’ veel meer dan een architectuurtentoonstelling. Je kreeg een overzicht van de vele bouwactiviteiten, maakt uitgebreid kennis met de spilfiguren die Oostende opnieuw groot maakten en zag hoe de stad in een korte tijd enorm evolueerde. Kunstwerken van Ensor, Spilliaert en anderen die werden aangekocht waren opgenomen evenals een reeks schitterende foto’s die de gebroeders Antony maakten. Ook affiches werden geselecteerd. Hiermee was Oostende de eerste stad in België die een dergelijke expositie bracht rond het thema wederopbouw.

Toonaangevende gebouwen zoals het stadhuis, het kursaal, het hoofdpostkantoor, de hippodroom en de vismijn, maar ook de pittoreske kustwoningen werden met de grond gelijk gemaakt … Daarbij kwam nog dat de belangrijke stedenbouwkundige beslissingen die voor de oorlog waren genomen, werden verworpen. Na de oorlog startte toenmalig burgemeester Henri Serruys meteen met de wederopbouw van zijn stad.

De Belgische zeekust had materieel erg te lijden onder de aanleg van de Duitse Atlantikwall. Op 27 mei 1940 sloeg het noodlot toe, een brandbom vernielde het stadhuis van Oostende. Alles ging in de vlammen op, inclusief werken van Ensor en Spilliaert en de bezetter besliste om het Casino-Kursaal, het meesterwerk van Alban Chambon, te slopen en te vervangen door een bunker.

Oostende kwam zwaar gehavend uit vier jaar oorlog. Veel historische gebouwen en stadslandschappen aan zee bleven jarenlang zwaar aangetast achter. Geen enkele Belgische stad had zo zwaar geleden, ongeveer alle publieke gebouwen waren aan vervanging toe en ook de schade aan de woningen was aanzienlijk.

De publicatie en tentoonstelling ‘Vernieling en wederopbouw – Oostende 1944-1958’ belicht verschillende aspecten van de vernieuwing, zoals de definitieve doorbraak van de appartementsbouw. Grote luxehotels, vaak beschadigd, werden vervangen door een nieuw type van logement voor toeristen en Oostendenaars.

Na het plaatsen van de verwoesting & wederopbouw in zijn Internationale context (Pieter Uyttenhove), volgt het hoofdstuk “Worden de dokken gedempt? Toestand voor 1940” van Erwin Mahieu, en heeft Norbert Hostyn het over de Anthony-foto’s na 1945 (“Beelden van een herlevende stad”) en de Burgemeesters Serruys & Van Glabbeke. Vervolgens schrijft Marc Dubois over “Eggericx en Oostende, een stedenbouwkundig plan 1946-1947”, het “Casino Kursaal Oostende 1946-1950-1953”, en het “nieuw post- en telegrafiekantoor”. Vervolgens komt Erwin Mahieu opnieuw aan het woord die het heeft over de nieuwe hippodroom en de haven en de vismijn op de oosteroever (“Bouwen voor toeristen en bevolking”). Hierna volgt een tekst van Marc Dubois & Marc Felix over de koninklijke villa en de nieuwe gaanderijen, waarna Erwin Mahieu het heeft over het Stedelijk Technisch Instituut en de Hotelschool.

Iwan Strauven vervolgt dan met een tekst over de stedelijke architectuur van het stadhuis, Marc Dubois heeft het over het SEO-gebouw dat uiteindelijk Museum voor Moderne Kunst werd, en Zsuzsanna Böröcz schrijft over “Zonnelied”, het opvallend Clarissenklosster (foto’s) van architect, Paul Felix. Als laatste, vier teksten van Norbert Hostyn over de nieuwe start van “Het Museum voor Schone Kunsten”, “Kunstenaars en de openbare ruimte”, “het Feest- en Kultuurpaleis van Oostende, en het “Oostendepaviljoen op Expo 58”. Verruimend en bijzonder interessant. Warm aanbevolen.

Vernieling en wederopbouw – Oostende 1944-1958 diverse auteurs 191 bladz. geïllustreerd UItg. Dienst cultuur Stad oostende

http://www.stretto.be/2019/12/24/het-nuchter-en-zakelijk-architectuurgevoel-van-licht-en-schaduw-marc-dubois-schreef-gaston-eysselinck-1907-1953-in-de-voetsporen-van-le-corbusier-een-prachtboek-van-uitg/