“Scriabin Mazurkas” door Peter Jablonski, poëtisch klavierspel op het label Ondine.

Alexander Scriabin (1872-1915) creëerde een indrukwekkende catalogus met pianowerken en werd een van de grote vernieuwers van de muziek in de 20ste eeuw. In zijn vroege werken was zijn bewondering voor de kunst van Frédéric Chopin duidelijk hoorbaar. Dit kwam vooral tot uiting in de meer dan 20 Mazurka’s die hij componeerde. De debuut cd van Jablonski voor Ondine bevat alle Mazurka’s van Scriabin met een opusnummer en twee vroege Mazurka’s.

Alexander Scriabin componeerde uitsluitend solo pianomuziek en orkestwerken. Zijn eerste pianostukken leken stilistisch op muziek van Chopin en bevatten muziek in het genre van Chopin, études, préludes, nocturnes en mazurka’s. Scriabins stijl ontwikkelde zich progressief in de loop van zijn leven. Die evolutie was weliswaar snel en kort in vergelijking met veel andere componisten. Na zijn eerste composities kregen de composities uit de midden- en late periode een zeer ongewone harmonie en textuur.

Scriabin componeerde in 1889 reeds op jonge leeftijd mazurka’s voor piano. Door deze eerste, Chopin-achtige composities, kreeg hij de bijnaam ‘De Russische Chopin’. Terwijl veel van zijn vroegere etuden kenmerkend waren voor het Romantisch tijdperk, begon Scriabin rond 1903 onder invloed van de Belgische tak van de Theosofische Sociëteit (Scriabin woonde van 1909 tot 1910 in Brussel), zijn eigen unieke tonaliteit te ontwikkelen in zijn étuden op.42 met merkwaardig gebruik van de dissonante tritonus. Die zou hij later ontwikkelen tot het Mystiek akkoord, gebaseerd op reine en verhoogde kwarten.

Op de cd staan de 10 Mazurka’s, op. 3,  9 Mazurka’s, op. 25, 2 Mazurka’s, Op. 40, een Mazurka in F (1889) en een Mazurka in si klein (1889), en de Impromptu à la mazur op. 2 nr. 3.

De Tien Mazurka’s, op. 3, werden gecomponeerd tussen 1888 en 1890. Op dit moment was Scriabin nog een adolescent, maar bezat al iets van de muzikale taal die zo duidelijk zou worden in zijn latere werken. De tien mazurka’s werden gepubliceerd in twee delen door Jurgenson in 1893.  De Negen Mazurka’s, op. 25, werden gecomponeerd tussen 1898 en 1899 en gepubliceerd door Belyayev. Ze werden gecomponeerd tijdens het eerste jaar van het hoogleraarschap van Scriabin aan het conservatorium van Moskou. Hij had nu zijn eigen stijl gevonden en had zijn naam gevestigd met drie pianosonates, de Twaalf Etudes, op. 8 en tal van preludes. De twee Mazurka’s, op. 40, werden in 1903 gecomponeerd en het jaar daarop gepubliceerd door Belyayev. Gelijktijdig met zijn Sonate No.4 in Fis op. 30 en het “Poème satanique” op. 36, zijn deze laatste mazurka’s extatischer en spiritueler, vol poëzie en improvisatorisch elan.

Peter Jablonski (° 1971) studeerde percussie en piano aan het conservatorium van Malmö. Hij speelde op negenjarige leeftijd als drummer in een jazzclub in New York en debuteerde op 12-jarige leeftijd, als pianist in Zweden met Mozarts Concerto k 453. In 1989 verhuisde hij naar het Verenigd Koninkrijk. Daar studeerde hij compositie, directie en piano aan het Royal College of Music in Londen. Hij debuteerde in het Kennedy Center in Washington in 1992 en in de Royal Festival Hall in Londen in 1993. De Zweedse pianist werd ontdekt door Vladimir Ashkenazy en tekende begin december ‘90 zijn contract bij Decca, waarvoor hij een paar zeer aanbevolen opnames uitbracht als solist en in samenwerking met Ashkenazy als dirigent.  In 2008 debuteerde hij als dirigent van het Cracow Philharmonic Orchestra met Sibelius’ Symphonie nr 1.

Scriabin Mazurkas Peter Jablonski cd Ondine ODE13292