Christoph Jahr, “Blut und Eisen, Wie Preussen Deutschland erzwang”, een bijzonder interessante uitgave van C.H. Beck.

Wat op 18 januari 1871 in de Spiegelzaal van Versailles werd opgevoerd, nl. de oprichting van het Duitse Rijk, “Kaiserproklamation von Versailles” of “Reichsgründungstag”, was waarschijnlijk de meest gedenkwaardige revolutie in de machtspolitiek van de 19de eeuw. Terwijl eeuwenlang een losjes met elkaar verbonden verzameling van vorstendommen, het centraal Europa een gezicht had gegeven, was er nu een machtige natiestaat ontstaan die, door zijn ligging, omvang en economische kracht, het continent voor altijd veranderde. Christoph Jahr vertelt over de dramatische gebeurtenissen waardoor Pruisen andere delen van Duitsland daar toe dwong zich aan te sluiten bij het Rijk, en laat zien hoe de oprichting van dat Rijk, eigenlijk nog tot op de dag van vandaag, voortduurt.“De grote vragen van die tijd worden niet beslist door toespraken of meerderheidsbeslissingen, maar door ijzer en bloed” (“Blut und Eisen”). Zo rechtvaardigde Otto von Bismarck op 30 september 1862, de noodzaak van meer militaire uitgaven in het Pruisisch Huis van Afgevaardigden. De komende jaren zouden de wapens spreken, met name in 1864, in de oorlog tegen Denemarken, in de oorlog van 1866, tussen de Duitse Bond onder leiding van het keizerrijk Oostenrijk en zijn Duitse bondgenoten, en het koninkrijk Pruisen met zijn Duitse bondgenoten en Italië, en ten slotte in de Frans-Duitse oorlog van 1870-1871. De oorlog van 1866 leidde tot de annexatie van de staten Sleeswijk, Holstein, Hannover, Hessen-Kassel, Nassau en Frankfurt. De zuidelijke staten, Baden, Beieren, Württemberg, en het zuidelijk deel van Hessen-Darmstadt waren toen nog geen lid van de Noord-Duitse Bond o.l.v. Pruisen. In de Frans-Duitse Oorlog van 1870/1871, streden de Zuid-Duitse staten wel mee aan Pruisische zijde tegen Frankrijk.Christoph Jahr brengt de geschiedenis van de Noord-Duitse Bond (een federatie van 22 voorheen onafhankelijke staten van Noord-Duitsland met Aartshertog Johan van Oostenrijk als “Reichsverweser”) (foto), tot de oprichting van het Rijk tot leven, en laat zien hoe groot het verzet van buitenaf, maar ook van binnenuit was. Daarbij combineerde hij de geschiedenis met de grote trends van de tijd en het perspectief van bovenaf met ervaringen van onderaf. Of het nu ging om loyale liberalen, onwankelbare conservatieven of Zuid-Duitsers, die kritiek hadden op Pruisen, de cynische machtspolitiek van Bismarck vond veel critici. Er was niets zonder een alternatief en alles had anders kunnen verlopen, maar de manier waarop Pruisen, het Duitsland van de Biedermeier-periode (foto) en de Duitse Bond (het Duitse Rijk van 1848/1849), de “Vormärz” en de “Gründerzeit”, dwong, had immense gevolgen voor de toenmalige wereldpolitiek.De onderwerpen, “De experimentele campagne”: Denemarken 1864″, “Duitsland, waarop het lot van het continent rust” – Europa na Napoleon, “Verzamel de landgoederen, organiseer een leger” – De federale executie, “In Gods naam, erop” – De oorlog tegen Denemarken” Niet bevrijd, maar veroverd” “Wat willen de mensen?”, “Vrede baart oorlog”, en “Bondgenoten worden tegenstanders”, worden in deel 2 gevolgd door “De droevigste van alle burgeroorlogen”: Oostenrijk 1866, “Het Duits dualisme, IJzer en kolen in plaats van ijzer en bloed”, economie, bewapening en politiek, “Wat als we hadden verloren?” – De oorlog in de Duitse Bond, “Degenen die klagen over het uiteenvallen van Duitsland zullen worden uitgescholden voor politici met gevoelens”, “Een schijnbare benadering van de Duitse eenheid” – De Noord-Duitse Bond en “Vastgelopen in een doodlopende weg” – De strijd om Zuid-Duitsland. In deel III. leest u over “De gelukkigste van alle oorlogen”: Frankrijk 1870, “Napoleons onfatsoenlijke alliantievoorstellen” – Pruisen en Frankrijk, “De vreselijke slachting heeft geen voorwendsel” – De weg naar oorlog, “Zelfs de fout bracht ons geluk” – De snelle overwinningen, “Wat te lang duurt, is niet meer mooi” – De uitputtingsoorlog, “Naakte Venus, grote gemaskerde kap” – “De keizerlijke proclamatie in Versailles”, en “Geen vlag, geen beweging op straat” – De Vrede van Frankfurt. Deel IV, ten slotte, gaat over “Geest van geweld”: vooruitzichten van 1871 tot 2020, en “rouwen en herdenken, interpreteren en vergeten”. Als “Anhang”, de tijdtafel en de bibliografie, kaarten, en het personen- en plaatsnamenregister. Bijzonder interessant. Warm aanbevolen.Christoph Jahr (°1963) uit Freiburg, studeerde geschiedenis en promoveerde in 1996 aan de Humboldt-universiteit in Berlijn. Van 1997 tot 2008 was hij daar onderzoeksassistent/assistent. Hij voltooide er zijn studie in 2006 en is er sindsdien privé-docent aan het Instituut voor Geschiedenis. Van 2009 tot 2011 was hij docent aan de Ruprecht-Karls-Universität in Heidelberg en van 2012–2013, professor aan de Heinrich-Heine-Universität in Düsseldorf. Hij doet onderzoek naar de geschiedenis van vijandbeelden, antisemitisme, de geschiedenis van de rechterlijke macht, de geschiedenis van de wetenschap tijdens het nazitijdperk, en de militaire geschiedenis van de 20ste eeuw. Christoph Jahr schreef eerder “Paul Nathan. Publizist, Politiker und Philanthrop, 1857-1927”, “Antisemitismus vor Gericht. Debatten über die juristische Ahndung judenfeindlicher Agitation in Deutschland (1879-1960)”, en “Gewöhnliche Soldaten. Desertion und Deserteure im deutschen und britischen Heer 1914-1918” (Kritische Studien zur Geschichtswissenschaft, Bd. 123).Christoph Jahr Blut und Eisen, Wie Preussen Deutschland erzwang 1864-1871 Duits 386 bladz. geïllustreerd uitg. C.H.Beck  ISBN 978-3-406-75542-2