

“Pop art” presenteerde als één van de belangrijkste naoorlogse kunststromingen, de vrouw als lustobject, maar droeg ook bij aan de feministische golf. Het boek en de tentoonstelling focussen op enkele van de mooiste werken van vrouwelijke kunstenaars uit de Europese pop art. Niet te missen!



Museum More (foto) (afkorting van MOdern REalisme) is sinds 2015, een museum in de miljonairsgemeente Gorssel in de Gelderse gemeente Lochem. Het museum is gewijd aan Nederlandse modern-realistische kunst en is gevestigd in het voormalig gemeentehuis van Gorssel, dat daarvoor werd uitgebreid met zeven tentoonstellingsruimten. De collectie bestaat uit de kunstverzameling van de miljardair, Hans Melchers (1938-2023), die wel duizend kunstwerken van Nederlandse kunstenaars uit de vroegere collectie van DS Art had gekocht. De collectie van DS Art bevond zich oorspronkelijk in het Scheringa Museum voor Realisme (voorheen Frisia Museum), in het dorp Spanbroek in Noord-Holland. Een tweede vestiging van Museum More, in Kasteel Ruurlo (foto), ooit het kasteel van de bekende, adellijke familie Van Heeckeren, in de Gelderse gemeente Berkelland in de Achterhoek, werd in juni 2017 geopend. Hier is de collectie Carel Willink/Fong Leng te zien.
Pop art, een term die halverwege de jaren ‘50 ontstond in Londen, en de verdere uitwerking was van de Londense “The Independent Group” rond Eduardo Paolozzi (1924-2005), moest de kunst voor iedereen begrijpelijk maken. Zij zetten zich af tegen het elitair bevonden abstract expressionisme en stijl en motieven werden rechtstreeks ontleend aan films, televisie, strips, mode, design, tijdschriften en reclame.
In de Europese pop art van de jaren ‘60 was de vrouw alom tegenwoordig. Kunstenaars reageerden met hun werk op de massamedia van de naoorlogse consumptiemaatschappij, waarin mooie jonge vrouwen symbool stonden voor alles wat modern en begeerlijk was. Reclame, strips, knalkleuren, én vrouwen: daar leek het om te draaien in de popart van de jaren 1960 en begin jaren 1970. In de popart hadden vrouwen een dubbelrol. Misschien zelfs een dubbelzinnige rol. Ze waren de belichaming van een stereotype, begeerlijk ideaalbeeld en groeiden tevens uit tot symbool van bevrijding. De vrouw was tegelijk topmodel én rolmodel.
Met POP MODELS stelt Museum More als eerste museum de vrouw in de popart centraal. Als muze én maker. De focus ligt daarbij op Europa, waar deze kunstbeweging vaak uitgesprokener en meer geëngageerd was dan in Amerika. “POP MODELS” omvat meer dan 70 werken uit zowel museale als particuliere collecties, o.a. uit de collectie van het Valkhof Museum in Nijmegen, de Fondation Gandur pour l’Art in Genève en de Agnes & Frits Becht Collection, van bijna 60 kunstenaars uit België, Denemarken, Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië, IJsland, Italië, Nederland, Polen, Portugal, Slowakije en Spanje.
Frits Becht (1930-2006) (foto) was de initiator van de groep experimentele, Haagse schilders, bekend als de “Posthoorngroep”, oprichter van de artistieke werkgroep “De Nieuwe Ploeg” uit Voorburg en manager en vertegenwoordiger van de “Groep Atol”, die samen met de groep “Verve” en de groep “Fugare”, de “Nieuwe Haagse School” vormde.


Naast een selectie van schilderijen, collages en objecten van bekende namen als Niki de Saint Phalle, Yves Klein en Richard Hamilton, laat deze tentoonstelling u o.a. Ketty La Rocca, de Arnhemse textielkunstenaar en beeldhouwer Ferdi Tajiri-Jansen (Ferdi) (1927-1969), een leerlinge van Ossip Zadkine in Parijs, en Jana Želibská (1941) ontdekken.


In het schitterend boek zijn de meer dan 70 kunstwerken met vrouwen in de hoofdrol, thematisch bij elkaar gebracht, “One Big Collage”, “For Men Only”, “Woman Object”, “Unfit for Active Service” en “My Body is my Tool”. Het boek laat zien hoe pop art de vrouw als lustobject presenteerde maar tegelijkertijd ook een wapen was in de uitzichtloze strijd voor gelijkwaardigheid tussen de seksen. Naast bekende namen als Eduardo Paolozzi, Peter Blake en Niki de Saint Phalle stralen hier ook enkele recentelijk (her) ontdekte namen als de Belgische Evelyne Axell (1935-1972), de Engelse Pauline Boty (1938-1966) en de Portugese Teresa Magalhães (1944-2023).
Dit rijk geïllustreerd boek, incluis de catalogus, bevat verrijkende teksten van conservator Julia Dijkstra en gastconservator Feico Hoekstra, essays van Maaike Meijer (Professor Genderstudies) en Rosemarie Buikema (Hoogleraar Kunst, Cultuur en Diversiteit), en een interview met de Brits-Amerikaanse pop artist, Jann Haworth (1942) door Julia Dijkstra.

Tentoonstelling POP MODELS | Vrouwen in de Europese Pop Art: Museum MORE in Gorssel – t/m 28 september 2025


Pop Models Vrouwen in de Europese pop art (Feico Hoekstra, Julia Dijkstra) geïllustreerd Nederlands-Engels 159 bladz. uitg. WBooks ISBN 9789462587045