Pierre Hadot, “Marcus Aurelius en de Stoa”, een meesterlijke studie, uitgegeven door Damon.

Pierre Hadot (1922-2010) beschouwde de filosofie uit de antieke oudheid als ‘spirituele oefeningen’. Hij was een van de eersten die het gedachtegoed van Wittgenstein in Frankrijk introduceerde en schreef vertalingen van en commentaren op Porphyrius, St. Ambrosius, Plotinus en Marcus Aurelius, de Romeinse keizer-filosoof uit de tweede eeuw na Christus, die volgens de richtlijnen van de stoïsche filosoof Epictetus, zichzelf aanspoorde tot juist handelen.

Marcus Aurelius (121-180), eigenl. Marcus Annius Verus, de zoon van Marcus Annius Verus en Domitia Calvilla, regeerde van 161 tot 180, over het Romeinse rijk. Hij regeerde, conform het testament van Hadrianus, samen met zijn schoonzoon, Lucius Verus (161-169) als medekeizer en werd in de filosofie opgeleid door Apollonius van Chalchedon. Zowel Marcus Aurelius als Lucius Verus werden in de retorica opgeleid door de Romeinse retoricus en advocaat, Marcus Cornelius Fronto. Van Marcus Aurelius is trouwens de correspondentie met zijn leermeester Fronto overgeleverd. Marcus Aurelius was gehuwd met Faustina (de Jongere), de dochter van zijn adoptiefvader, Antoninus Pius en Faustina (Senior), en had twee kinderen, Lucilla en Commodus.

Marcus Aurelius schreef “Ta eis heauton” (‘Aan zichzelf’, ‘Meditaties’ of ‘Overpeinzingen’, hier vertaald als ‘Aantekeningen’), oorspronkelijk titelloos en in het Grieks, toen hij in de jaren 170, op veldtocht was aan de Germaanse grensgebieden. In 172, kreeg hij trouwens daardoor samen met zijn zoon en opvolger, Lucius Aurelius Commodus, de titel “Germanicus”. Misschien schreef hij zijn “Aantekeningen” wel in het jaar 175, wanneer hij zo zwaar ziek was dat hij op sterven leek te liggen en zijn vrouw Faustina (foto), Gaius Avidius Cassius, de gouverneur van Syria, Alexandria en het Romeinse Aegyptus, daarover inlichtte, zodat deze als tegenkeizer in opstand kon komen tegen haar echtgenoot! Marcus Aurelius genas weliswaar, sloeg de opstand neer en liet Cassius vermoorden. Eind 175 of een jaar later overleed Faustina. Ze was vooraan in de ’30.

“De bedoeling van dit boek”, schrijft Hadot (foto), “is de moderne lezer een inleiding te bieden tot de lectuur van de Aansporingen. Ik zal proberen te achterhalen waarom Marcus Aurelius ze schreef, tot welk literair genre ze behoren en vooral binnen welk filosofisch systeem ze begrepen moeten worden. Ten slotte zal ik, zonder een biografie van de keizer te willen schrijven, proberen vast te stellen hoeveel van de persoon zichtbaar wordt in zijn werk.”

In zijn boek legt Pierre Hadot uit dat de “Aansporingen” variaties zijn op de stoïsche leer van de drie disciplines, rechtvaardigheid, waarachtigheid en matiging, en op mentale handelingen en functies, zijnde voorstelling of oordeel, begeerte en handelen, m.a.w. het verlangen om het goede te verwerven, de impuls tot handelen en het oordeel over de waarde van de dingen. “Zou er uiteindelijk niet een eeuwig stoïcisme kunnen bestaan dat, door tijd en ruimte heen, een van de mogelijke houdingen van het menselijk bewustzijn zou zijn?”, vroeg Hadot zich af.

Het boek bevat dan ook een schat aan informatie over de klassieke Stoa, die tijdens het hellenisme en het Romeinse Rijk, de overheersende filosofische school was, Epictetus (foto)en citaten van Epictetus in de “Aansporingen”, en Ariston, een Grieks filosoof uit de derde eeuw v.Chr., die samen met Zeno van Citium (foto) en Chrysippos van Soli, beschouwd wordt als één van de grondleggers van de Stoa. Latere stoïcijnse filosofen waren Panaetius, Posidonius en Seneca (de jongere). Trouwens, weet u waarom we twee oren hebben en maar één mond? “Om meer te kunnen luisteren en alleen datgene te zeggen wat nodig is” (Zeno van Citium). “La citadelle intérieure, Introduction aux Pensées de Marc Aurèle” werd schitterend vertaald door Maarten van Buuren (1948), Spinoza kenner en emeritus hoogleraar Moderne Letterkunde aan de Universiteit Utrecht.

Pierre Hadot (1922-2010) was een invloedrijke, Franse filosoof en geschiedschrijver, die als hoogleraar aan het Collège de France, gespecialiseerd was in het neoplatonisme, het epicurisme en het stoïcisme. Hij bestudeerde en analyseerde het hellenisme en het christendom, de neoplatonische mystiek en de hellenistische filosofie, gericht op filosofie als een spiritueel fenomeen. In 1944 werd Hadot tot priester gewijd, maar na de reactionaire encycliek “Humani generis” (1950) van paus Pius XII, verliet hij het priesterschap. Tussen 1946 en 1947, studeerde hij aan de Sorbonne en in 1961, studeerde hij af aan de École Pratique des Hautes Études. In 1964 werd hij er benoemd tot directeur en in 1983, werd hij hoogleraar aan het Collège de France, waar hij de leerstoel Geschiedenis van het hellenistisch en Romeins denken bekleedde.

Zijn vriendschap met de Franse historicus en professor aan het Collège de France, Jean-Pierre Vernant leidden hem naar de neoplatonische filosofie (bv. Marius Victorinus) en Plotinus, wiens werken Hadot samen met die van Marcus Aurelius en Ambrosius van Milaan, vertaalde. Jean-Pierre Vernant (1914-2007) (foto) was een Franse verzetsstrijder, historicus en antropoloog en specialist in het oude Griekenland. Beïnvloed door de joods-Franse antropoloog en etnoloog, Claude Lévi-Strauss (1908-2009) ontwikkelde Vernant, samen met de eveneens joods-Franse historicus, Pierre Emmanuel Vidal-Naquet (1930-2006) en de Belgische historicus en specialist van het oude Griekenland, Marcel Detienne (1935-2019), vanuit zijn immense kennis van de antieke oudheid, een invloedrijke, antropologische en structuralistische benadering van de Griekse mythe (bv. van de mythe van Prometheus), de Griekse tragedie en de Griekse maatschappij.

Hadot huwde in 1966 met de Duitse geschiedkundige en filosofe, Ilsetraut Ludolff (1928) (foto), een specialiste in het stoïcisme, meer bepaald Seneca, het neoplatonisme (Simplicius) en de antieke filosofie in het algemeen. Zij hielp Hadot bij het formuleren en uitbreiden van zijn kennis van spirituele oefeningen als een terugkeer naar de bron van het westers en oosters denken. Samen schreven ze in 2004, «Apprendre à philosopher dans l’Antiquité, L’enseignement du Manuel d’Épictète et son commentaire néoplatonicien».

Pierre Hadot Marcus Aurelius en de Stoa 393 bladz. uitg. Damon EAN 9789463403306

https://www.stretto.be/2025/08/04/de-geillustreerde-meditaties-levenslessen-van-marcus-aurelius-deskundig-en-mooi-uitgegeven-door-noordboek-niet-te-missen/