


De Joods-Russische Sofia Gubaidulina (1931-2025) was een iconoclastische non-conformiste wiens werk synoniem stond voor ongekende openheid en autonomie. Haar werk kenmerkte zich door innovatief gebruik van microtonaliteit en chromatiek, ritme boven vorm en het gebruik van contrasterende tonaliteiten.

Sofia Gubaidulina studeerde piano en compositie aan het conservatorium van Kazan en compositie bij Nikolai Peiko (1916-1995), een gewezen leerling van Nikolai Myaskovsky, en Vissarion Shebalin (1902-1963) aan het conservatorium van Moskou. Ze sloot zich in 1961, aan bij de Unie van Sovjetcomponisten, maar kwam al vroeg in conflict met de Sovjet autoriteiten. Ze weigerde nl. zich te conformeren aan het door de autoriteiten opgelegd socialistisch-realisme. Tijdens haar studie aan de kindermuziekschool bij Ruvim Poliakov ontdekte Gubaidulina spirituele ideeën in de werken van componisten zoals Bach, Mozart en Beethoven. Ze hield haar spirituele interesses geheim, maar deze vroege ervaringen met muziek en spirituele ideeën brachten haar ertoe deze twee denkdomeinen als conceptueel vergelijkbaar te beschouwen en lagen aan de basis van haar later streven om muziek te componeren die spiritueel gebaseerde concepten uitdrukte en onderzocht.
In 1975 richtte ze samen met Viktor Soeslin (1942-2012), eveneens een ex-leerling van Nikolaj Pejko, en Vjatsjeslav Artjomov (1940), het “Astreja-ensemble” op, dat zich specialiseerde in het improviseren met zeldzame Russische, Kaukasische, Centrale en Oost-Aziatische traditionele muziek- en slaginstrumenten. In 1979, werden de leden van het ensemble, samen met o.a. de componist, Edison Denisov (1929-1996), op de zwarte lijst geplaatst van de “Zeven van Chrennikov”, vanwege niet-goedgekeurde deelname aan verschillende Sovjet-muziekfestivals in de westerse wereld.


De componist en pianist, Tichon Nikolajevitsj Chrennikov (1913-2007) (foto) was reeds in 1948, door Andrej Zjdanov (1896-1948) (foto) de leider van de anti-formalismecampagne, benoemd tot secretaris-generaal van de Unie van Sovjet-Componisten. Chrennikov bleef dat tot 1991 en Zjdanov werd beschouwd als Stalins meest waarschijnlijke opvolger, maar Zjdanov overleed 5 jaar vóór Stalin.
Dankzij de violist Gidon Kremer en de cellist Mstislav Rostropovitsj, die werk van Gubaidulina uitvoerden in het Westen, bv. “Offertorium”, werd het werk van de Russische componiste buiten de Sovjet-Unie ontdekt en gewaardeerd. In navolging van haar peettante, de pianiste Maria Joedina (1899-1970), bekeerde Gubaidulina zich tot het Russisch-orthodox geloof en na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie verhuisde Gubaidulina in 1992, naar het Duitse dorp Appen in Sleeswijk-Holstein.
De zelden uitgevoerde “Revue Music for Symphony Orchestra and Jazz Band” is een eclectisch subversief meesterwerk dat bij de première in de USSR in 1978 een schandaal veroorzaakte – de officiële reactie daarop vormde een aanzienlijke bedreiging voor Gubaidulina’s hele familie. Het contrasteert sterk met het sensuele pianoconcert Introitus uit 1978, hier te horen in de herziene versie die de componiste in samenwerking met Alice Di Piazza creëerde. In “Figures of Time”, een orkestwerk uit 1994, combineerde ze chaotische effecten met verenigende harmonie. Het programma bevat ook de Chaconne voor solopiano uit 1962, met zijn atmosferisch dicht transformatieproces.


De van oorsprong Italiaanse pianiste, Alice Di Piazza begon op driejarige leeftijd met pianospelen, kreeg tijdens haar studie een beurs waarmee ze kon studeren aan de Royal Academy of Music in Londen en kreeg advies van Krystian Zimerman en Maria João Pires. Verschillende stukken van hedendaagse componisten zijn aan haar opgedragen. In 2011 ontmoette ze Sofia Gubaidulina. Zoals Gubaidulina zei: “Het is geen overdrijving om te zeggen dat we te maken hebben met een kunstenaar met een groot talent. Wat een openbaring! Technische perfectie en artistieke virtuositeit, gevoel en wilskracht. Ik weet zeker dat een persoonlijkheid van zo’n statuur en diepgang door het publiek als een waar geschenk zal worden gezien”.
De Basel Sinfonietta werd in 1980 opgericht door een groep jonge musici met als doel spannende nieuwe combinaties van hedendaagse muziek en zowel bekende als onbekende werken te presenteren aan een publiek dat enthousiast is over ongewone klanken en openstaat voor experimenten. Met zijn onconventionele, provocerende aanpak heeft dit grote symfonieorkest een aanzienlijke internationale reputatie opgebouwd. In zijn relatief korte bestaan heeft de Basel Sinfonietta naast talrijke optredens met dansers, jazzmuzikanten, cabaretiers en koren ook complexe projecten opgevoerd, bijvoorbeeld met stomme films en multimedia. 
De Basel Sinfonietta werkt regelmatig samen met gerenommeerde dirigenten en heeft deelgenomen aan vele educatieve projecten om een jong publiek voor klassieke muziek te interesseren. Buiten hun orkestperiode treden de musici op als freelance musici in diverse ensembles en kamermuziekgroepen. De groep is zelfsturend, wat de leden een hoge mate van zelfbeschikking geeft, zowel artistiek als organisatorisch. Dit vereist intensieve interactie, wat zorgt voor een levendige, frisse sfeer binnen het orkest. De Basel Sinfonietta is het enige Zwitserse orkest dat vier keer werd uitgenodigd om deel te nemen aan de beroemde Oostenrijkse Salzburger Festspiele.
Titus Engel (1975) is sinds het seizoen 2023/24 chef-dirigent van de Basel Sinfonietta. De Zwitserse dirigent staat bekend om zijn deskundigheid op het gebied van de historische uitvoeringspraktijk en om zijn nauwkeurige leiding van complexe hedendaagse projecten. Daarnaast is hij ook regelmatig te horen met belangrijke werken uit de operaliteratuur. Titus Engel studeerde musicologie en filosofie in zijn geboortestad Zürich en in Berlijn en studeerde directie bij Christian Kluttig (1943) aan de Hochschule für Musik Carl Maria von Weber in Dresden. Hij heeft talrijke werken voor de radio en op cd opgenomen, was samen met Viktor Schoner de initiatiefnemer van de “Akademie Musiktheater Heute” (verder ontwikkeld door Gerard Mortier en sinds 2001, een “Förderprogram” van de Deutsche Bank Stiftung), en heeft eveneens samen met Schoner, diverse boeken over hedendaagse opera gepubliceerd. Het Duits theatertijdschrift “Die Deutsche Bühne” omschreef Engel als een ‘dirigerende derwisj’.
Traklist:
Figures of time (Zeitgestalten)
Introitus – Concerto for Piano and Chamber Orchestra
Chaconne for solo piano
Revue Music for Symphony Orchestra and Jazz Band


Sofia Gubaidulina Figures of Time Introitus Chaconne Revue Music for Symphony Orchestra and Jazz Band Alice Di Piazza Piano NDR Bigband Basel Sinfonietta Titus Engel cd Naxos 8551487