“Britten, Brahms, Elgar & Sibelius, Violin Concertos” door Ida Haendel, op het label Ica classics. Adembenemend!

Net zoals de naam Jacqueline du Pré verbonden bleef aan het Celloconcerto van Elgar, zo bleef de naam Ida Haendel in de eerste plaats verbonden aan het Vioolconcerto van Sibelius. Haar nauwe verwantschap met het Vioolconcerto van Sibelius werd nl. door de componist zelf geprezen, terwijl haar uitvoeringen van de concerti van Brahms, Elgar en Britten eveneens van de allerhoogste kwaliteit waren. De legendarische, emotionele uitvoeringen van Ida Haendel hebben dan ook een hele generatie nieuwe violisten geïnspireerd.

De wereldberoemde joods-Poolse violiste Ida Haendel (1928-2020), die u misschien nog kent als jurylid van de Koningin Elisabethwedstrijd in de jaren ’90, was een wonderkind. Toen ze pas drie jaar was leerde haar oudere zus haar viool spelen en reeds in 1933, won ze met haar uitvoering van het Vioolconcerto van Beethoven op de Chopin Wedstrijd in Warschau, de gouden medaille en de (eerste) Huberman-prijs, genoemd naar de legendarische joods-Poolse violist, Bronisław Huberman (1882-1947) (foto). Hij was in 1936, de oprichter van het Palestine Symphony Orchestra, waarmee hij een toevluchtsoord bood aan bijna 1.000 Europese Joden, onder wie de 75 musici van het orkest, die zo konden ontsnappen aan de nazi-gruwel. In 1929, had Huberman nl. voor het eerst Palestina bezocht, waar hij zijn visie ontwikkelde om klassieke muziek in het Beloofde Land te vestigen, om in “het land der volkeren”, klassieke muziek een (nieuw) thuisland te geven.

In 1935, werd Ida Haendel laureaat van de Henryk Wieniawski Violin Competition waarna ze in Parijs verder studeerde bij de joods-Hongaarse violist, Carl Flesch en de Roemeense violist en componist, George Enescu, de vioolleraar van o.a. Yehudi Menuhin, Christian Ferras, Ivry Gitlis, Arthur Grumiaux en van het ander wonderkind, de Roemeens-Joodse violist, Serge Blanc. Gebaseerd op de lessen van Enescu verzamelde en annoteerde Serge Blanc (foto), Bachs sonates en partita’s voor soloviool, die Enescu “de Himalaya van de violisten” noemde. Na ze een halve eeuw bestudeerd te hebben, publiceerde Blanc een pedagogische uitgave met aanbevelingen voor frasering, tempo, vingerzetting en expressie.

In 1937, concerteerde Ida Haendsel voor het eerst in Londen o.l.v. Henry Wood, wat het begin was van haar succesvolle, wereldwijde carrière. Haendel maakte met veel succes haar debuut in Londen met het Brahmsconcerto tijdens de Promenadeconcerten in de Royal Albert Hall. De band met de Proms duurde haar hele leven en resulteerde in wel 68 optredens. Aan het begin van de oorlog verhuisde ze dan ook naar het Verenigd Koninkrijk, voor ze zich uiteindelijk in de VS vestigde. Van 1952 tot 1989, woonde ze in Montreal, waar ze door haar veelvuldige medewerking met Canadese orkesten, een nationale beroemdheid werd en na 1990, woonde ze in Miami, waar ze zeer betrokken was bij het Miami International Piano Festival. Ze overleed trouwens op 91-jarige leeftijd in haar huis in Miami. In 2006 had de 78!-jarige violiste nog voor paus Benedictus XVI gespeeld tijdens zijn bezoek aan het naziconcentratiekamp Auschwitz-Birkenau…

Het programma van deze dubbel cd stelt o.a. twee contrasterende, maar bepalende componisten uit de Britse muziek voor. Brittens Vioolconcerto ontstond uit zijn vriendschap met de Spaanse violist, Antonio Brosa (1894-1979) (foto). Ze werden aan elkaar voorgesteld door Brittens leraar Frank Bridge en in 1936 vervoegde Brosa, Britten in de eerste uitvoering van de Suite voor viool en piano op.6 voor de BBC. Op het “International Society for Contemporary Music” (ISCM) Festival in Barcelona, woonde Britten de première bij van het Vioolconcerto van Alban Berg, dat hem diepgaand beïnvloedde, net als het uitbreken van de Spaanse burgeroorlog in juli. Deze beide, sterke indrukken kwamen samen met de wens om iets voor Brosa te componeren. In november 1938 begon hij aan zijn vioolconcert. Begin 1939, vertrok Britten naar Canada, waar hij het werk voltooide.

De première in New York in aanwezigheid van Britten, werd goed ontvangen, maar de première in Londen door Thomas Matthews in april 1941, met het London Philharmonic Orchestra o.l.v. Basil Cameron, werd veel minder goed ontvangen. Het publiek nam het nl. slecht op dat Britten in het buitenland was terwijl een oorlog woedde. Uitvoeringen waren sporadisch aan beide zijden van de Oceaan en hoewel Barbirolli in 1949 een uitstekende opname maakte met de Joodse-Duits-Nederlandse violist Theo Olof (1924-2012) (foto), werden andere uitvoeringen uitgesteld omdat Britten veranderingen plande. In de jaren ‘50 herzag hij de partituur nl. grondig, waarbij hij voornamelijk de wijzigingen van Brosa in de solopartij verwijderde. Toen nam de Russische violist Mark Lubotsky het concerto op in Moskou en stuurde de plaat naar Britten. Britten nodigde Lubotsky meteen uit om het te komen spelen in Snape Maltings in Suffolk, waar Britten sinds 1948 het Aldeburgh Festival organiseerde.

Naast het opschrift “Aqui está encerrada el alma de …..” uit de moralistische en maatschappijkritische schelmenroman, “Gil Blas” (1715-1735) van Alain-René Lesage, die misschien verwijst naar de ziel van Elgars geliefde, de Amerikaanse Julia Worthington of naar de ziel van zijn allereerste grote liefde, Helen Weaver (foto), zijn de drie magistrale bewegingen van het enigmatisch Vioolconcerto van Elgar voorzien van inscripties. Die inscripties verwijzen in de emotioneel sterk bewogen, dramatisch-Edwardiaanse en klassiek-romantisch Brahmsiaanse eerste beweging, naar Elgars geliefde, Alice Stuart-Wortley (“Windflower”) (kleurfoto), de dochter van de schilder John Everett Millais, en naar zijn vroegere geliefde, de violiste Helen Weaver. In de tweede beweging verwijzen ze naar Elgars vrouw Caroline Alice (Lady Elgar), en naar zijn moeder Ann, en in de virtuoze finale, naar zijn vriend en biograaf Billy Reed en de muziekuitgever August Jaeger (foto), (het overweldigend mooie “Nimrod” uit de “Enigma Variaties”).

Een uitvoering van het Vioolconcerto van Elgar, in 1910 gecomponeerd in opdracht van de Royal Philharmonic Society voor Fritz Kreisler, en in 1932 opgenomen door de toen 16-jarige! Yehudi Menuhin, is een echte krachttoer vanwege de lengte en de extreme moeilijkheidsgraad. De viool was nl. Elgars eigen instrument en zijn Vioolconcerto was bijna als een persoonlijke bekentenis: het was te emotioneel, gaf Elgar toe, eraan toevoegend dat hij het toch wel leuk vond. De solopartij is een van de vermoeiendste uit het repertoire van bravoure-viooltechnieken. In een interview heeft Fritz Kreisler, aan wie het Vioolconcerto is opgedragen, Elgar gerangschikt naast Beethoven en Brahms. Elgar kwam de uitdaging na. Zijn Vioolconcerto combineert de zangkwaliteit van Beethoven met de symfonische dramatiek van Brahms.

Britten Brahms Elgar Sibelius Violin Concertos Ida Haendel BBC Symphony Orchestra Gennady Rozhdestvensky Sir Andrew Davis Sir Adrian Boult London Symphony Orchestra Paavo Berglund Ica classics 2 cd’s ICAC5185