


In de oudheid schreef een anonieme auteur “Het Leven van Aesopus”, een schalkse schelmenroman over het leven van een Griekse slaaf, antiheld en fabelschrijver. Die tekst, onderverdeeld in 8 boeken, behoort tot de meest bijzondere en sprankelendste producten van de Oudgriekse literatuur. Lees in deze uitgave een nieuwe vertaling en de bijbehorende, schitterende, uitgebreide essays over slaven, fysiognomie, seks en eten in de oudheid, en ontdek de sofistische spitsvondigheden in de guitige schelmenroman. Niet te missen!

“Esopet” is de naam van een in het Middelnederlands geschreven anonieme bundel, satirische fabels over dieren uit de 2de helft van de 13de eeuw, over dieren die zich gedragen als mensen. De fabels waren duidelijk geïnspireerd op die van Aisopus, volgens de overlevering een gebochelde, vrijgelaten slaaf, aan wie vrijwel alle fabels uit de oudheid worden toegeschreven. Zijn aandeel in de ontwikkeling van het genre is evenwel niet met zekerheid vast te stellen, omdat het nog maar de vraag is of Aesopus eigenlijk wel echt bestaan heeft.


Hoe dan ook, de “Fabulae Aesopiae” zijn 5 boeken met in totaal 93 moraliserende dierenverhalen, doorspekt met eigentijdse anekdoten. Naast door Phaedrus en Jean de La Fontaine, is het dankzij deze bundel dat we bv. “de krekel en de mier”, “de haas en de schildpad” en “de raaf en de vos” nog kennen. Trouwens, misschien waren Phaedrus en Aesopus wel dezelfde persoon. Beiden waren van Thracische oorsprong.
Met de roman “Het Leven van Aesopus” als vertrekpunt, neemt Christian Laes u mee naar het dagelijks leven in die tijd. Er komen slaven aan het woord, die zich beklagen over hun lot en creatief op zoek gaan naar manieren om een beter bestaan te kunnen leiden. Lijf en lust, lichamelijkheid en seks, zijn opvallende thema’s, net als voeding en culinaire genoegens en intellectuelen en hun eigendunk passeren ongegeneerd de revue. En, de man-vrouwrelatie in een vooraanstaand huishouden mag in een guitig boek vol boerse en scatologische humor zindelijkheid, lichamelijkheid en seks, niet ontbreken. Christian Laes laat zien hoe het slavenleven in de oudheid er werkelijk uitzag.
In hoofdstuk 1 heeft hij het over de roman, de auteur en tijdsomstandigheden, de tekstoverlevering, de structuur en de verhaalmotieven. In de Voorgeschiedenis lezen we om te beginnen een opvallende persoonsbeschrijving: “Dit is het verhaal van de fabelschrijver Aesopus, de grootste weldoener van de mensheid. Het lot had hem tot slaaf gemaakt, maar hij was een rasechte Phrygiër, geboren en getogen in Phrygië. Afstotelijk was zijn aanblik en hij was ontzettend smerig. Hij had een dik buikje, een bult op zijn hoofd en een platte neus. Hij was gebocheld, donker en klein van gestalte. Hij had kromme benen, korte armen, zag scheel en had een snor. Hij was overduidelijk een vergissing van de natuur. Bovendien had hij een gebrek dat groter was dan zijn lelijkheid: hij kon niet spreken. Hij was stom. Geen zinnig woord kon hij uitbrengen”.
Het boek bestaat uit 2 delen, de vertaling, gevolgd door essays. Deel 1 bevat Laes’ vertaling van “Het merkwaardige leven van Aesopus”, onderverdeeld in de voorgeschiedenis, Aesopus bij de filosoof Xanthus, als raadgever van de Samiërs, als raadgever van de Babylonische koning en Aesopus in Delphi. In het eerste hoofdstuk van deel 2 heeft de auteur het specifiek over het hoofdpersonage en over de Aesopus romans in de oudheid in het algemeen. Dit wordt gevolgd door een hoofdstuk over de antieke slavernij en het denken en doen van slaven in de Romeinse oudheid (sic) met een specifiek profiel van Aesopus als slaaf. In zijn derde hoofdstuk “Hoe zie ik eruit?” bepreekt de auteur algemeen de (anti-) fysiognomiek, “schone schijn en bedrog”, in een wereld vol (bij)geloof en voorspellingen en meer specifiek, de (anti-)fysiognomiek in de Aesopusroman. Dit wordt gevolgd door “Lijf en lust: lichaam, liefde en seksualiteit”, tekst en uitleg bij antieke seksualiteit, rond de specifieke thema’s, liefde en seks, bestialiteit, masturbatie en hyperseksualiteit en het huwelijksleven in de Aesopusroman. 
Weet dat in de volledige uitgave van “Dye hystorien ende fabulen van Esopus” geïllustreerd met 186 houtsneden, gedrukt in 1485, door Gheraert Leeu (1445/1450-1492), (in 2016, heruitgegeven door uitg. Verloren), de drukker, de ‘schandalige’ anekdotes wegliet. Hans Rijns en Willem van Bentum, die instonden voor de teksteditie met inleiding, hertaling en commentaar, hebben toen wel als bijlage, de ontbrekende anekdotes in de uitgave van Gheraert Leeu toegevoegd.
In zijn vijfde en laatste hoofdstuk, “Aan tafel! Eten en drinken, hygiëne en welvoeglijkheid”, vertelt Christian Laes over maaltijden, van ontbijt tot banket (sic), recepten en ingrediënten, dronkenschap en de etiquette van plassen en de grote behoefte. Aantekeningen bij de vertaling, noten, afkortingen en verwijzingen, de net geen 23! bladzijden tellende bibliografie en de handige index van namen- en begrippen, vervolledigen deze schitterende uitgave. Warm aanbevolen.
De classicus en oudhistoricus, Christian Laes (1973), behaalde een doctoraat in de taal-en letterkunde, Grieks en Latijn en werd in 2007, deeltijds professor voor Geschiedenis van de oudheid aan de Universiteit Antwerpen. Van 2008 tot 2014, was hij tevens professor Latijnse taal- en letterkunde en geschiedenis van de oudheid aan de Vrije Universiteit Brussel en werd in 2018, Professor of Ancient History aan de University of Manchester. Daarnaast was hij gastprofessor aan verschillende Europese en Amerikaanse universiteiten.


Christian Laes Aesopus Op de slavenmarkt in de oudheid 207 bladz. geïllustreerd uitg. Sterck & De Vreese ISBN 9789464713541