


Hector Berlioz, de grootste, romantische componist van Frankrijk, illustreerde de geest van zijn tijd maar was door zijn genialiteit ook zijn tijd vooruit. Als gevolg van zijn kleurrijk leven was zijn muziek verbluffend door zijn originaliteit en ambitie, met een orkestratie met baanbrekende schittering. “J’ai la passion de la passion. “L’amour et la musique sont les deux ailes de l’âme” (Berlioz).


Berlioz’ “Roméo et Juliette”, een symphonie dramatique, een grootschalige, 3-delige koorsymfonie, werd voor het eerst uitgevoerd in november 1839. Het libretto was geschreven door Émile Deschamps en het voltooide werk kreeg de catalogusnummers op. 17 en H. 79. Het was gebaseerd op Shakespeare’s toneelstuk Romeo en Julia en wordt terecht beschouwd als een van de mooiste werken van Berlioz. Qua vorm behoort het trouwens tot zijn meest originele. De partituur was daarenboven zijn meest uitgebreid en gedetailleerd programmatisch werk.


Structureel en muzikaal gezien was Roméo et Juliette het meest dank verschuldigd aan de 9de symfonie van Beethoven. Niet alleen vanwege het gebruik van solisten en koor, maar ook wat betreft factoren zoals het gewicht van de vocale bijdrage in de finale, en ook wat betreft aspecten van de finale-orkestratie zoals het thema van het trombonerecitatief bij de Inleiding. De rollen van Roméo en Juliette worden vertegenwoordigd door het orkest en de verhalende aspecten door de stemmen.
De première van een latere herziening (inclusief inkortingen en wijzigingen in de proloog, koningin Mab Scherzo en de finale) vond plaats op 2 januari 1846 in Wenen, de eerste uitvoering sinds 1839, en de eerste in het buitenland. Na een volgende, volledige uitvoering in Wenen op 26 januari 1846 te hebben gehoord, bracht Berlioz grote herzieningen aan voor een uitvoering, gepland voor april in Praag. Hij accepteerde het advies van verschillende vertrouwelingen en adviseurs, herschreef de coda van het koningin Mab Scherzo, verkortte het verhaal van broeder Laurence aan het einde, en schrapte een lange, tweede proloog aan het begin van het tweede deel, en de introductie van muzikale voorafschaduwing in de eerste proloog. De volledige, herziene partituur werd pas in 1847 gepubliceerd.
Toen de 23-jarige Hector Berlioz in 1827 Shakespeare’s “Romeo en Julia” voor het eerst op het toneel zag, raakte hij daar enorm door opgewonden, wat waarschijnlijk niet in de laatste plaats te danken was aan de Ierse actrice Harriet Smithson, die Julia speelde. Zij werd in 1833, zijn vrouw en nog eens zes jaar later voltooide hij de symfonie “Roméo et Juliette” op. 17.
Het werk van Berloz was geen poging om Shakespeare’s drama zo getrouw mogelijk te realiseren. Geen enkel vers van Shakespeare werd opgenomen in de tekst, die de dichter Emile Deschamps (1791-1871) (foto) schreef op basis van schetsen van Berlioz. Wanneer de “Proloog” verwijst naar Shakespeare als degene die als enige het allerhoogste geheim van de poëzie kende, is het ook duidelijk dat de luisteraar opzettelijk in het perspectief van Berlioz wordt geplaatst, wiens verbeelding door Shakespeare’s genie tot zijn eigen vlammen wordt aangewakkerd.
Net als in het geval van de programmasymfonie, “Harold en Italie” uit 1834, gebaseerd op Byron, paste Berlioz het origineel zeer vrij aan. In beide werken ontwikkelde hij hele delen uit episodes die slechts van secundair belang waren in het gedicht en voegde hij scènes toe die daar helemaal niet in voorkwamen. Deze live-opname uit 1982 toont Gary Bertini op het hoogtepunt van zijn carrière als dirigent van het Stuttgart Radio Symfonie Orkest van de SWR. Uitstekende zangers, Alfreda Hodgson (mezzosopraan), Philip Langridge (tenor) en John Shirley-Quirk (bariton), evenals internationaal gerenommeerde koren zoals het Chor des Bayerischen Rundfunks en het Südfunk Choir, nu het SWR Vokalensemble, begeleiden hem in deze uitvoering van een van de meest complexe symfonische werken uit de Romantiek.
Gary Bertini (1927- 2005) (foto’s), één van de belangrijkste Israëlische musici en dirigenten, bekend door zijn opname van de complete symfonieën van Mahler met het WDR Kölner Symphonieorchester, werd geboren als Shloyme Golergant in Bricheva, Bessarabië, nu in het district Donduşeni in Moldavië. Zijn vader was dichter en vertaler van Russische en Jiddische literatuur van het Jiddisch naar het Hebreeuws en van het Hebreeuwse naar het Jiddisch, en zijn moeder, Berta Golergant, was arts en bioloog. Ze emigreerden in 1946 naar Palestina, waar Gary aan het Music Teachers’ College in Tel Aviv studeerde. Vervolgens studeerde hij in Milaan en studeerde daarna bij o.a. Nadia Boulanger, Arthur Honegger en Olivier Messiaen aan het Conservatorium van Parijs. 
Na zijn terugkeer naar Israël richtte Bertini in 1955, Rinat (het Israëlische Kamerkoor) op. Hij was muzikaal adviseur van het Batsheva Dansgezelschap en componeerde originele muziek voor talloze producties van Habima, het Israëlisch Nationaal Theater en het Cameri Theater. Hij richtte in 1965 het Israëlisch Kamerorkest op en was er dirigent tot 1975. Bertini was van 1978 tot 1986 dirigent van het Jerusalem Symphony Orchestra en van 1987 tot 1991, was hij Intendant en Generalmusikdirektor van de Opera van Frankfurt am Main, waar hij ook de Museumskonzerte leidde. Van 1988 tot 1997, was hij tevens artistiek leider van de Israëlische Opera, promootte de Israëlische muziek en hielp deze vorm te geven.


Berlioz Roméo et Juliette Alfreda Hodgson Philip Langridge John Shirley-Quirk Chor des Bayerischen Rundfunks Südfunk-Chor Radio-Sinfonieorchester Stuttgart des SWR Gary Bertini SWR Music 2 cd SWR19167CD