


Miloslav Kabeláč (1908-1979), één van de belangrijkste Tsjechische componisten van de 20ste eeuw, wordt omwille van zijn 8 symfonieën, als we de 6 voltooide symfonieën van Erwin Schulhoff (1894-1942) even buiten beschouwing laten, naast Antonín Dvořák en Bohuslav Martinů, erkend als één van de belangrijkste, Tsjechische componisten. Zijn symfonieën en andere orkestwerken vormen dan ook een hoeksteen van het rijk, Tsjechisch muzikaal erfgoed.

Kabeláč werd geboren in Praag. Van 1928 tot 1931, studeerde hij aan het Praagse Conservatorium als leerling van Karel Boleslav Jirák en tegelijkertijd (in 1930-1931) bij Alois Hába. Van 1932 tot 1954, was hij werkzaam bij de Praagse Radio. Van 1957 tot 1968 werkte hij als docent aan het Praagse Conservatorium. Gedurende zijn leven was Kabeláč actief in Umělecká Beseda, de Federatie van Tsjechoslowaakse Componisten en andere organisaties en was hij een van de eerste promotors van elektroakoestische muziek in Tsjecho-Slowakije.
In de jaren ’60, probeerde hij de contacten met westerse moderne muziek en componisten nieuw leven in te blazen, maar na de Sovjetinvasie van Tsjecho-Slowakije in 1968, werd hij het zwijgen opgelegd. Zijn werken werden vanaf dat moment alleen nog in het buitenland uitgevoerd.
Zijn oeuvre omvatte vrijwel alle muziekgenres behalve opera, maar de kern bestaat uit acht symfonieën, elk met een unieke orkestratie. Voor deze opname kon het ORF Radio Symfonieorkest rekenen op de expertise van de Tsjechische dirigent Jakub Hrůša, die de rijk georkestreerde partituren van deze nog steeds onderschatte componist minutieus verklankt.
De Tsjechische dirigent, Jakub Hrůša (1981), de zoon van de architect Petr Hrůša, studeerde piano en trombone en ontwikkelde een interesse in dirigeren tijdens zijn jaren aan het Gymnázium třída Kapitána Jaroše in Brno. Later studeerde hij directie aan de Academie voor Uitvoerende Kunsten in Praag, waar hij onder meer Jiří Bělohlávek, Radomil Eliška en Leoš Svárovský leerde kennen. In 2000 nam hij deel aan de dirigentenwedstrijd van het Praagse Lente Internationale Muziekfestival. In 2003 was hij prijswinnaar in de Internationale Competitie van Jonge Dirigenten Lovro von Matačić in Zagreb, Kroatië. Voor een proefschrift heeft hij onderzoek gedaan naar het werk van hedendaagse Tsjechische componisten. Van 2002 tot 2005 was Hrůša assistent-dirigent bij het Tsjechisch Filharmonisch Orkest. Van 2005 tot 2006 was hij assistent-dirigent bij het Orchestre Philharmonique de Radio France. Van 2005 tot 2008 was Hrůša vaste gastdirigent van de Praagse Philharmonia . Van 2008 tot 2015 was hij chef-dirigent van het orkest. Van 2005 tot 2006 was hij chef-dirigent van het Bohuslav Martinů Philharmonic in Zlín. Vanaf het seizoen 2015-2016 werd hij vaste gastdirigent van het Tsjechisch Filharmonisch Orkest.
In september 2015, na vijf optredens als gastdirigent, werd Hrůša met ingang van het seizoen 2016-2017 benoemd tot de volgende chef-dirigent van de Bamberg-symfonie, met een initieel contract voor vier seizoenen. In december 2023 kondigde het orkest de meest recente verlenging aan van Hrůša’s contract als chef-dirigent, tot en met het seizoen 2028-2029. In oktober 2022 kondigde de ROH de benoeming aan van Hrůša als de volgende muziekdirecteur, met ingang van september 2025. Hij nam met onmiddellijke ingang de titel van aangesteld muziekdirecteur aan. In 2020 werd een tweetalige (Tsjechisch-Engels) bloemlezing getiteld “Hrůša on Martinů” gepubliceerd, bestaande uit essays over Bohuslav Martinů door Hrůša en een interview, in zijn rol als president van de International Martinů Circle.
Het Wiener RSO treedt regelmatig op in twee abonnementsseries in Wenen, in de Musikverein en het Konzerthaus. Daarnaast treedt het jaarlijks op op grote Oostenrijkse en internationale festivals. Het orkest heeft nauwe banden met de Salzburger Festspiele, musikprotokoll im steirischen herbst en Wien Modern. Tournees naar Japan en China behoren eveneens tot de vaste agenda van het Wiener RSO. Het orkest heeft ook concerten gegeven in Thailand en Taiwan, evenals in de Verenigde Staten, Zuid-Amerika, Spanje en Duitsland, onder andere in de Philharmonie van Berlijn, Keulen en Essen en in de Elbphilharmonie Hamburg. In 2022 debuteerde het orkest bij de BBC Proms; in 2023 in de Philharmonie de Paris.
Sinds 2007 werkt het Wiener RSO succesvol samen met het Theater an der Wien, waardoor het een uitstekende reputatie als operaorkest heeft opgebouwd. Het Wiener RSO is echter ook volledig thuis in het genre filmmuziek. In 2012 nam het Weense RSO de soundtrack op voor de film Die Vermessung der Welt (De Wereld Meten) en in 2016 voor Kater van Händl Klaus, winnaar van de Teddy Award op het Internationaal Filmfestival van Berlijn. De soundtrack van de remake van “Peterchens Mondfahrt” (Moonbound) van Ali N. Askin werd opgenomen in 2020, de film draaide in het voorjaar van 2022 in de bioscoop. Tot 2022 werd het orkest gedirigeerd door componisten die jaarlijks een Oscar wonnen voor Beste Prestatie in Muziek geschreven voor Films tijdens het “Hollywood in Vienna” Gala. In 2019 werd de live-opname uitgebracht als “Die Welt des Hans Zimmers” door Sony Classical.
Tracklist:
-Overture No. 1 for orchestra, Op. 6 (1939)
-Symphony No. 2 in C for large orchestra, Op. 15 (1942-1946):
Molto maestoso. Risoluto
Lento. Appassionato
Allegro non troppo. Marciale
-Overture No. 2 for large orchestra, Op. 17 (1947)


Miloslav Kabeláč Symphony No. 2 Overtures Nos 1 & 2 ORF Vienna Radio Symphony Orchestra Jakub Hrůša cd Capriccio C5546