


Louis Spohr (1784-1859), ooit geprezen als de “Duitse Paganini” en in heel Europa vereerd, was een spilfiguur van de muzikale, vroege romantiek. Hij was een vernieuwer die de overgang van klassieke verfijning naar romantische expressie vorm gaf. “The Romantic Room” is een uitgebreide, mooi uitgegeven 6-delige box, waarin de Chamber Players van het WDR Sinfonieorchester, zijn rijke kamermuziek verkennen.


De Duitse componist, vioolvirtuoos, pedagoog en dirigent, Louis Spohr (foto), streed met Niccolò Paganini om de eer gezien te worden als de belangrijkste violist van zijn tijd en genoot bij het publiek grote faam door het organiseren van muziekfestivals. Hij bracht de opera van Kassel op een ongekend niveau, dirigeerde er het hele eigentijds operarepertoire en veranderde het muziekleven van de stad door abonnementsconcerten en uitvoeringen van schitterende oratoria.

Louis (Ludwig of Ludewig) werd geboren in Braunschweig, maar als kind woonde hij in Seesen nabij Goslar, waar zijn vader arts (“Medizinalrat”) was en waar hij net als de latere componist, Friedrich Kuhlau (1786–1832) en de latere dichter, August Heinrich Hoffmann von Fallersleben (1798–1874), school liep aan het Katharineum Gymnasium. 

In Seesen woonden iets later ook de broers Theodor (1825-1889) en Wilhelm (1835-1896) Steinweg. Zij hadden er van 1825 tot 1850, hun werkplaats, waar ze piano’s bouwden, maar emigreerden in 1850 naar de Verenigde Staten. In New York veranderden ze hun naam “Steinweg” in “Steinway” en werden de oprichters van de wereldberoemde vleugelpiano’s, “Steinway & Sons”.

Op 12-jarige leeftijd verhuisde Louis Spohr naar Braunschweig, waar de Hertog Karl Wilhelm Ferdinand von Braunschweig-Wolfenbüttel (foto), zijn beschermheer werd. Van 1805 tot 1812 was Spohr concertmeester en dirigent van de uitstekende hofkapel van de hertog August van Saksen-Gotha-Altenburg (foto) in Gotha, een groot kunstliefhebber, die klavierstukken en liederen componeerde en gedichten en verhalen schreef.

In 1806, huwde Spohr met de harpiste en pianiste, Dorette Scheidler (1787-1834) (foto), met wie hij 3 dochters zou krijgen. In 1813 en 1814, was Spohr dirigent van het orkest van het Theater an der Wien in Wenen, waar hij bevriend raakte met Ludwig van Beethoven, maar had een conflict met Graf Ferdinand von Pálffy (foto), de directeur van het theater. In die tijd componeerde hij er desondanks verschillende van zijn belangrijkste en bekendste werken. Tijdens een concertreis door Duitsland, Zwitserland en Italië, bezorgde de première van zijn Vioolconcerto nr. 8 in het Teatro alla Scala van Milaan, hem internationale faam als vioolvirtuoos. Aan het einde van het jaar 1817, werd hij dirigent van de opera en van het orkest van de “Frankfurter Museumsgesellschaft” in Frankfurt am Main.
Leuk om weten is dat Spohr aanvankelijk dirigeerde met “einer Papierrolle” in de rechterhand, maar die later verving door de “Taktstock”, iets wat hij gezien had in Wenen van de beroemde dirigent, Ignaz Franz Mosel (foto), tijdens diens “Händel-Aufführungen” (foto) in de “Winterreitschule” (foto), georganiseerd door de “Gesellschaft der Musikfreunde”. De Taktstock of Dirigentenstab maakte de bewegingen van de dirigent beter zichtbaar voor het gigantisch groot koor dat achter het orkest stond opgesteld. De uitvoeringen waren trouwens bekend onder de naam “Monumental-Konzerte”. In de “Winterreitschule”, vandaag de “Reitsaal” voor de Lipizzanerhengsten van de Spaanse “Hofreitschule” in de Hofburg, vonden sinds 1735, ook de befaamde “Karussells” plaats, bv. in 1743, de “Damenkarussell”, waaraan zelfs keizerin Maria Theresia in hoogst eigen persoon deelnam.

In 1822, werd Louis Spohr vervolgens op advies van Carl Maria von Weber, kapelmeester aan het hof van keurvorst Willem II van Hessen-Kassel (foto) in Kassel. Zijn echtgenote Dorette overleed in 1834, maar Spohr hertrouwde 2 jaar later met de 23 jaar jongere pianiste, Marianne Pfeiffer (1807-1892). Door zijn liberale en republikeinse ideeën kwam hij echter in conflict met de in 1831, eerst als Prinzregent en vanaf 1847, als “Kurfürst und souveräner Landgraf/Landesherr von Hessen“ aan de macht gekomen, Friedrich Wilhelm I van Hessen-Kassel. Friedrich Wilhelm I was nl. geneigd tot overschatting van zichzelf en was onvoorwaardelijk overtuigd van zijn goddelijk recht, “von seinem Gottesgnadentum” op het monarchisch principe. Spohr bleef desondanks in Kassel wonen en ging er in 1857 met pensioen. Twee jaar later overleed hij in Kassel en werd begraven in een mausoleum (foto) op het Hauptfriedhof in Kassel.

Naast met zijn kamermuziek voor strijkers (o.a. wel 36 strijkkwartetten), oogstte Spohr vooral succes en genoot hij internationale faam met zijn prachtige opera “Jessonda” (1823), zijn oratoria, “Die letzten Dinge” (1825/26) en “Des Heilands letzte Stunden” (1834/1835), alsook met zijn Symfonie nr. 4 in F, op. 86 (1834/1835). Nota bene, Spohr componeerde in totaal 10 symfonieën, die van hem de belangrijkste, Duitse componist van symfonieën van de 19de eeuw maakte. Helaas worden die nooit nog uitgevoerd. 
Het is daarenboven zowel betreurenswaardig als onbegrijpelijk dat Louis Spohr tegenwoordig vrijwel onbekend is als componist van oratoria, aangezien hij door zijn tijdgenoten als zodanig zeer werd gewaardeerd. Onder Duitse musicologen wordt hij in ieder geval samen met Mendelssohn, gerekend tot de belangrijkste, Duitse componisten van oratoria in de eerste helft van de 19de eeuw. Beroemd werd hij verder als dirigent op talrijke, Duitse muziekfestivals, alsook door zijn werkzaamheden als legendarische vioolleraar. Spohr vond rond 1820, de kinhouder (foto) uit en had wel 120 leerlingen, onder wie Ole Bull en Ferdinand David. Zijn pedagogische en theoretische kennis en zijn praktische ervaring legde hij vast in zijn in 1832 gepubliceerde, “Violinschule”.

In de box “The Romantic Room” ontdekt u zijn 7 elegante strijkkwintetten, zijn sextet, 4 gedurfde dubbelkwartetten en een karaktervolle potpourri, die samen een mooi portret vormen van een componist, wiens expressieve reikwijdte en artistieke integriteit vandaag nog steeds opvallend relevant zijn. Spohrs kamermuziekwerken zijn nl. rijkelijk vervaardigd en muzikaal complex, en bieden zowel technische uitdagingen als expressieve diepgang. Deze uitvoeringen tonen een componist die diep geworteld was in de traditie, maar niet bang was om te experimenteren, en die lyrische intimiteit combineerde met gedurfde structurele ideeën.![]()
Inhoud:
CD 1
Doppel-Streichquartett Nr. 1 d-Moll op. 65
Doppel-Streichquartett Nr. 2 Es-Dur op. 77
CD 2
Doppel-Streichquartett Nr. 3 e-Moll op. 87
Doppel-Streichquartett Nr. 4 g-Moll op. 136
CD 3
Streichquintett Nr. 1 Es-Dur op. 33
Streichquintett Nr. 2 G-Dur op. 33
CD 4
Streichquintett Nr. 3 h-Moll op. 69
Streichquintett Nr. 4 a-Moll op. 91
CD 5
Streichquintett Nr. 5 g-Moll op. 106
Streichquintett Nr. 6 e-Moll op. 129
CD 6
Potpourri Nr. 2 B-Dur op. 22 “Über Themen von Mozart”
Streichquintett Nr. 7 g-Moll op. 144
Streichsextett C-Dur op. 140

The Romantic Room Chamber Works by Spohr WDR Sinfonieorchester Chamber Players 6 cd Pentatone PTC5187505