“Porpora, Polifemo” o.l.v. Stefan Plewniak op het label Château de Versailles Spectacles. Niet te missen!

Voor zijn “Polifemo”, gebaseerd op het verhaal over de nimf Galatea en de herder Acis en de ontmoeting met Odysseus, componeerde Porpora muziek van grote expressiviteit en virtuositeit met veel effect voor de veelkleurige scènes. Toen net zo goed als nu, laat een ensemble van absolute topklasse, Porpora’s partituur herleven. Dit programma werd trouwens zowel op cd als op dvd opgenomen en beide uitgebracht door het label Château de Versailles Spectacles. Magistraal!

De in Napels geboren Porpora bracht zijn nuove musiche in de vroege jaren ‘30 van de 18de eeuw naar Londen, om er samen met zijn leerling, de castraat Farinelli, te profiteren van de weifelende situatie van Händels opera-onderneming. In 1733 wenkte Londen nl. met een uitnodiging om in de “Opera of the Nobility”, concurrentie aan te gaan met Händel in het “King’s Theatre”. “Arianna in Nasso” was Porpora’s eerste opera die opgevoerd werd in het Lincoln’s Inn Fields Theater. Deze opera rivaliseerde met Handels “Arianna in Creta” en werd een groot succes.

Porpora gebruikte daarenboven veel van Händels’ zangers, Senesino (foto), Montagnana en Cuzzoni. Tijdens zijn driejarig verblijf in Londen voltooide Porpora er nog vier andere opera’s, het oratorium “David e Bersabea” en de serenade, “La fest d’Imeneo”. Hij publiceerde er naast cantaten op. 1, ook een Sinfonie da Camera op. 2. Door zijn contact met de hoge de adel werden zijn 12 cantaten, hoewel ze waarschijnlijk reeds gecomponeerd waren in Napels, in 1735 in Londen gepubliceerd, onder het hoog beschermheerschap van Frederick Louis, prins van Wales (foto), de oudste zoon van koning George II en de vader van de latere koning George III. De cantaten genoten meteen aanzienlijk succes en weerspiegelden naast het gezag van de Italiaanse muziek, Porpora’s meesterlijke toonzetting van de teksten van Pietro Metastasio (foto), die de arcadische genoegens en idealen verheerlijkten.

Hoewel de castraat Senesino (foto) vaak in Händels werken was te zien, was hun relatie gespannen. De première van Händels oratorium Deborah, met prijzen die hoger lagen dan wat bezoekers voor een opera zouden betalen, leidde tot enige consternatie bij het publiek. Het was ook het hoogtepunt van meningsverschillen tussen zanger en componist. Senesino werd een paar weken na de première van Deborah ontslagen. Uit solidariteit met haar collega verliet ook sopraan Francesca Cuzzoni het gezelschap. Door een beroep te doen op de adel kon Senesino, onder het patronaat van Frederik, Prins van Wales, een tweede gezelschap oprichten dat met dat van Händel kon concurreren: “The Opera of the Nobility”. Voor het seizoen 1734-1735 vestigde Händels gezelschap zich in Covent Garden, waardoor de Opera of the Nobility het King’s Theatre in Haymarket kon overnemen. Bijna alle zangers van Händel verlieten zijn gezelschap voor dit nieuw gezelschap, inclusief Antonio Montagnana en Francesca Bertolli. Porpora werd uitgenodigd om opera’s voor het gezelschap te componeren en Paolo Rolli werd aangenomen als de officiële dichter/librettist van het gezelschap. Nadat ze het theater in Lincoln’s Inn Fields hadden veiliggesteld, was hun eerste productie Porpora’s “Arianna in Naxo” op een libretto van Rolli, gepresenteerd in december 1733.

Librettist Rolli (foto) gaf de voorkeur aan mythologische plots, gebaseerd op de Franse opera. Dit maakte de integratie van magische en bovennatuurlijke effecten mogelijk, wat de opera van die tijd, doorgaans gebaseerd op historische gebeurtenissen, niet toestond. Hij baseerde zich op twee bronnen, Ovidius’ Metamorphosen (boek XIII, 750) met Polyphemus, Acis en Galatea, en Homerus’ Odyssee met Ulysses (de Romeinse naam voor Odysseus), Polyphemus en Calypso. Rolli’s libretto verschilde van Homerus. De librettist liet nl. Calipso (Calypso) Ulisse (Ulysses) helpen om Polifemo (Polyphemus) te dwarsbomen. In Homerus speelt de episode met Polyphemus zich af vóór Ulysses’ ontmoeting met Calypso, die vastbesloten is om Ulysses voor zich te winnen. Ondanks dat Polifemo een lelijke en kwaadaardige cycloop is, mag hij een andere kant van zijn persoonlijkheid laten zien door zijn wanhoop te onthullen over het verlies van zijn zicht. Galatea, die haar onsterfelijkheid verliest bij de dood van Aci, mag om haar leven smeken, waardoor ze meer een driedimensionaal karakter kreeg.

In de Griekse mythologie is Acis een riviergod, de zoon van Dionysos. Hij was oorspronkelijk een Siciliaanse jongeman, die verliefd werd op de nimf Galatea. De cycloop Polyphemus vermoordde hem uit jaloezie door hem te verpletteren onder een rotsblok, waarna Galatea, Acis’ bloed veranderde in een rivier. Aldus wordt de naam van de rivier, Fiume di Jaci, in Sicilië verklaard. De rol van Polifemo (Polyphemus), de cycloop, wiens acties dodelijke gevolgen hebben voor Aci (Acis), is vooral opmerkelijk vanwege het enorm bereik en de unieke vocale behendigheid die vereist is, en dit bv. in zijn belangrijkste satirische buffo-aria, “Fra l’ombre e gl’orrori”. Mogelijk is de rol bij de première gezongen door de bas, Antonio Manna, die in de hofkapel in Wenen zong.

Porpora’s opera, waarin de heroïsche personages Ulysses, Polifemo, Calypso, Acis en Galatea samenkomen, was een daverend succes. Hier wordt het op het podium gebracht met de virtuoze incarnaties van Franco Fagioli als Primo Uomo, Paul-Antoine Bénos-Djian als Secondo Uomo en Julia Lezhneva als Prima Donna. Gedragen door een constellatie van uitzonderlijke solisten en gedirigeerd door Stefan Plewniak, verweeft deze opera op meesterlijke wijze de erfenis van een barokke gouden eeuw met de tijdloze kracht van mythen. Liefhebbers van genialiteit tegen de achtergrond van de brullende Etna, de cycloop Polifemo (José Coca Loza) wacht u met vastberadenheid op in zijn diepe grot, net als Calypso (Éléonore Pancrazi)!

Stefan Plewniak is een Poolse violist en een dirigent. Hij is de oprichter en muzikaal leider van het Il Giardino d´Amore-orkest in Wenen/Krakau en Cappella dell Ospedale della Pietà Venezia. In 2016 richtte hij het FeelHarmony Symphony Orchestra op. Als dirigent en violist verwierf hij de reputatie van “Paganini van de barokviool”, “meester van emotionele chemie”, “een orkaan op het podium. In 2017-2018 werd Plewniak uitgenodigd om Rameau’s “Naïs” te dirigeren, inclusief twee semi-geënsceneerde uitvoeringen voor het 25ste Opera Nova Festival en de Nationale Philharmonie in Warschau. Hij werd ook uitgenodigd om in Oslo drie symfonische en oratoriumprogramma’s uit te voeren, waaronder Mozarts Requiem met het jongenskoor, Sølvguttene, en een Dvorak/Tsjaikofski-programma met de Noorse violiste, Eldbjørg Hemsing als soliste, die haar debuut maakte in de Oslo Philharmonie. Hij gaf ook solorecitals tijdens het Actus Humanus-festival in Gdansk.

In 2015-2016 debuteerde Plewniak als dirigent en solist in Carnegie Hall en in het Mozarteum. Hij dirigeerde ook Rameau’s “Les Indes Galantes” en een balletproductie met de drie balletten van Tsjaikofski. Daarnaast bracht hij ook “Amor Sacro Amor Profano” en “Cantates et Petits Macarons” uit. In de voorgaande jaren gaf hij concerten op grote Festivals en in concertzalen in Europa en nam hij cd’s op met grote musici als Jordi Savall & Le Concert de Nations, William Christie & Les Arts Florissants en vele anderen. Stefan Plewniak ontving zijn muzikale opleiding aan de conservatoria in Krakau, Praag, Maastricht en Parijs.

Porpora Polifemo Franco Fagioli Julia Lezhneva Bénos-Djian Coca Loza Pancrazi Orchestre de l’Opéra Royal Stefan Plewniak 3 cd Château de Versailles Spectacles CVS159