


Het Koninklijk Paleis Amsterdam, bekend als het “Paleis op de Dam” of als het “Stadhuis op de Dam”, is een magnifiek paleis in de binnenstad van Amsterdam. Het paleis is in gebruik door het Koninklijk Huis als ontvangstpaleis en wordt gebruikt voor tentoonstellingen. Het werd tussen 1648 en 1665 gebouwd als stadhuis, naar ontwerp van architect Jacob van Campen, en ingewijd in juli 1655. Maar, er is zo veel meer…



Het Paleis op de Dam is bv. bekend door zijn “Batavenreeks”. De Bataafse Republiek (1795-1806), vanaf 1801 het Bataafs Gemenebest, werd gevormd naar het voorbeeld en met militaire steun van de Franse Republiek, waarvan de Bataafse Republiek een zusterrepubliek en een vazalstaat was. Op 1 maart 1796 kwam voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis een nationaal en democratisch gekozen parlement bij elkaar. Aan de Bataafse Republiek kwam een einde bij de stichting van het koninkrijk Holland in 1806.


“In dit boek, schrijft de auteur, “geef ik een reconstructie en een verklaring van het gedachtegoed dat besloten ligt in het decoratieprogramma van het zeventiende-eeuws Stadhuis van Amsterdam. Architect Jacob van Campen kreeg de opdracht een gebouw te ontwerpen dat zijn weerga niet zou kennen.”


Architect Jacob van Campen (1596-1659) kreeg effectief de opdracht een Stadhuis voor Amsterdam te ontwerpen dat zijn weerga niet zou kennen. In 1648, werd de eerste steen gelegd en zeven jaar later werd het Stadhuis, het huidige Koninklijk Paleis op de Dam, als bestuursgebouw en tempel van kunst, geloof en wetenschap ingewijd. Het moest niet alleen qua uiterlijk alle voorgaande bestuursgebouwen overtreffen, er moesten bovendien filosofische en allegorische betekenissen in zijn verweven. De Grieks-Romeinse en christelijke kennis werden destijds als één geheel gezien. Zo kon Van Campen het idee van een christelijke tempel combineren met Plato’s ordening van de kosmos als een christelijk tempelgebouw vanuit het klassiek ideaal van het willen herscheppen van de universele harmonie. Om die universele harmonie te herscheppen, greep de architect terug op de elementaire opbouw uit Aarde, Water, Lucht en Vuur.


Voor zijn schitterend geïllustreerd boek ontrafelde dr. Eymert-Jan Goossens dan ook de vele verwijzingen naar verantwoord bestuur, geloof, wetenschap en de stand van beschaving in de toen heel zelfbewuste handelsmetropool. Eymert-Jan Goossens beschrijft onder meer de historiografie van de beeldhouwkunst, architectuur, verbouwingen en restauraties, het concept van het Stadhuis, maquettes en gravures, het wereldbeeld van Constantijn Huygens en Jacob van Campen, het ontwerp, de iconografie en de uitvoering van de timpanen, festoenen in de Burgerzaal en kapitelen, en de galerijen. En dit alles gesitueerd binnen de toenmalige rechterlijke, bestuurlijke en financiële macht. Wat een prachtboek!
Dr. Eymert-Jan Goossens is kunsthistoricus, gespecialiseerd in de zeventiende eeuw. Hij werkte ruim 15 jaar als conservator en later hoofd Tentoonstellingen en Onderzoek in het Paleis op de Dam, was directeur van Huis Doorn en werkt als zelfstandige.


Eymert-Jan Goossens Heel en Al Kunst, geloof en wetenschap in het Stadhuis van Amsterdam 1647-1665 304 bladz. geïllustreerd uitg. Waburg Pers ISBN 9789464566192