

Rond 1500 waren wereldbeeld en zelfperceptie nauw verweven met de Bijbel. Kunst bood bescherming, wekte gevoelens, gedachten en intenties op die bijdroegen aan het zielenheil. Beelden creëerden een meditatieve matrix om de ziel te onderzoeken en herstellen, waarbij de kijker elk bizar detail kon aftasten, elk laagje betekenis kon afpellen en intens geraakt werd door bloed, tranen en liefde. Dit boek bekijkt laatmiddeleeuwse en vroegmoderne kunst als een instrument voor de ziel, bekijkt kunst met als doel verlossing.

“Dit boek bekijkt beeldende kunst uit die tijd als een instrument voor de ziel. Kunst als middel, met verlossing als doel. Maar wat betekent dat precies? De zoektocht naar verlossing krijgt een gezicht door een collectie devotionele portretten. Mannen en vrouwen, gewone gelovigen (leken) en geestelijken afgebeeld in aanbidding voor een heilige figuur. Deze mensen vertegenwoordigen het doelpubliek, de gebruikers, ‘de devoot’. Welk ongrijpbaar verlangen deelden deze tijdgenoten? Het eerste hoofdstuk verkent bv. waarom en hoe hun ziel in nood verkeerde, hoe de dreiging zich over verschillende domeinen uitstrekte en wat verlossing betekende.”
Met oog voor het excentrieke duikt dit boek diep in de intellectuele schoonheid van deze kunst. Het legt de onderliggende devotionele mechanismen en de oorsprong bloot van paneelschilderijen, verluchte manuscripten, houtsneden en gravures, en verkent de absurde, macabere en soms schokkende aspecten ervan. De vloeiende wisselwerking met ruim tweehonderd beelden uit een particuliere kunstcollectie, brengen de lezer uiteindelijk tot de vraag: kan deze vergeten kunst misschien ook mijn ziel verlossen?
“Het boek”, zo lezen we nog, “brengt ruim tweehonderd kunstwerken samen. Paneelschilderijen, verluchte manuscripten (versierde handgeschreven boeken), miniaturen uit getijdenboeken, houtsneden, metaalsneden en kopergravures. Allemaal vervaardigd tussen 1450 en 1650 in het huidige België, Nederland, Frankrijk en Duitsland. Deze tijdspanne biedt de mogelijkheid transities en evoluties uit te lichten, bij de overgang van de late middeleeuwen naar de vroegmoderne tijd.
Kunst stond in die periode niet louter in dienst van esthetiek, maar was doordrongen van religieuze en spirituele betekenis. Schilderijen, miniaturen en prenten werden gebruikt om de ziel te vormen, te leiden en ook wel te beteugelen. Gelovigen werden aangespoord hun eigen zielenheil na te streven door bidden, mediteren en het leven te leiden volgens de kerkelijke leer. In haar boek onderzoekt de auteur hoe kunst fungeerde als actief instrument voor zielenwerk.
Alle werken behoren tot een particuliere Vlaamse kunstcollectie. Naast chronologische en geografische raakvlakken is de bindende factor hun devotionele functie. In elk kunstwerk schuilt een deel van het antwoord. Gaandeweg wordt duidelijk hoe kunst diende als instrument voor de ziel. Aan het einde van de publicatie wordt de zoektocht van de geportretteerden geactualiseerd. Voelt de mens vandaag dezelfde dreigingen en behoeftes? Kan deze vergeten kunst misschien een instrument vormen voor onze ziel?” Een boek over Godsverlangen, liefde en schoonheid, symbool, hoop, dood en licht.

Annelies Vanwalleghem (1983) groeide op tussen de zwart-witte lijnen van de grafiek in het veilinghuis van haar vader, Old Master Print. In deze inspirerende omgeving ontwikkelde ze een voorliefde voor het bizarre detail. Het verlangen om, net als toen, te leven omringd door kunst leidde tot de uitbouw van een eigen collectie.
De tentoonstelling “Faith No More. Rituals for Uncertain Times” loopt nog tot 1 maart 2026, in Abby Kortrijk. 


Annelies Vanwalleghem Kunst als instrument voor de ziel, meditatie in West-Europa 1450-1650 / 224 bladz. geïllustreerd uitg. Thoth ISBN 9789068688962