
De buitengewone virtuoos Tatjana Vorobjova neemt de luisteraar mee naar de klankwereld van het begin van de 17e eeuw met het beroemde historische klavecimbel ‘Colmar-Ruckers’, dat meer dan 400 jaar geleden werd gebouwd. Deze poëtische reis volgt de ontwikkeling van dit instrument door de eeuwen heen met werken van Froberger, d’Anglebert, Couperin, Buxtehude en Bach, en biedt een rijk en levendig portret van dit magnifieke klavecimbel. 
De bedwelmende volheid van de klank van het instrument, gecombineerd met zijn schittering en helderheid, is ongeëvenaard. De Colmar-Ruckers was al zeer waardevol toen hij werd gebouwd en werd in de loop der tijd verbouwd en aangepast aan de eisen van elke periode.

Of het nu gaat om Italiaanse gebaren, Franse brisé stijl of Noord-Duitse traditie, met de ‘Colmar-Ruckers’ laat Tatjana Vorojbova de ongelooflijk veelzijdige, brede klankwereld en rijke expressieve mogelijkheden van dit uniek instrument met een voortreffelijke transparantie horen.

Na drie eerdere albums met werken van Krieger, Scarlatti en Bach, opgenomen op haar eigen exemplaar van dit legendarisch klavecimbel, gaat met deze opname Vorobjova’s langgekoesterde droom om het origineel te bespelen in vervulling. Ze verkent de unieke klank in al zijn facetten en dompelt de luisteraar onder in de melancholische en poëtische klankwereld van het ‘Colmar-Ruckers’-klavecimbel.
Tatjana Vorobjova komt oorspronkelijk uit Riga, Letland, waar ze haar muzikale opleiding begon met pianospelen. Ze bezocht de Emils Darzins Muziekschool en studeerde aan de Jazeps Vitols Letse Muziekacademie. Haar grote passie voor oude muziek en het klavecimbel bracht haar ertoe klavecimbel te studeren in Oslo en aan de Muziekuniversiteit van Keulen bij professor Ketil Haugsand (waar ze cum laude afstudeerde) en bij Hermann Stinders aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel (Master of Music). Ze nam ook deel aan masterclasses met Robert Hill, Bob van Asperen, Frederick Haas en Jesper Christensen. Haar bijzondere focus, die tot uiting komt in een rijke klank, dynamiek en verfijnde nuances, is het streven naar het vergroten van de expressieve mogelijkheden van het instrument, zowel in solo- als continuo-spel. Expressief cantabile klavecimbelspel staat centraal in haar interpretaties.
Tatjana Vorobjova woont en werkt als freelance klavecinist in de regio Keulen, waar ze regelmatig haar nieuwe soloprogramma’s presenteert. In augustus 2023 gaf ze haar solorecital op klavecimbel tijdens het wereldberoemde Internationale Festival voor Oude Muziek Utrecht 2023. In 2004 richtte ze haar kamermuziekensemble Le Parnasse Musical op. De twee cd’s op het MDG-label, “Johan Krieger – Sechs musicalische Partien” (2021) en “Scarlatti…ma cantabile” (2022), werden enthousiast ontvangen door de internationale pers en genomineerd voor de Opus Klassik-prijs. In 2024 verscheen een album, “J.S. Bach… con passione”, dat eveneens lovende kritieken ontving.
Tracklist:
Anonymus (Pieter Cornet?) (ca. 1570–1633) Aria del Granduca
Johann Jacob Froberger (1616–1667)
Suite XVIII G Minor/ sol mineur/g-Moll
Jean-Henri d´Anglebert (1629–1691)
Chaconne de Galatée de Mr. de Lully: Lentement
François Couperin (1668–1733)
Les ombres errantes: 14 Languissamment
L´art de toucher le Clavecin,
Huit Préludes
Dieterich Buxtehude (1637–1707)
Suite E Minor / mi mineur / e-Moll Bux WV 235
Johann Sebastian Bach (1685–1750)
Toccata E Minor / mi mineur / e-Moll BWV 914



Le Clavecin Poétique d‘Anglebert Buxtehude Froberger Couperin Bach Tatjana Vorobjova Harpsichord Ruckers 1624 cd MDG92123606