Alicja Gescinska, “Vrouwen in duistere tijden, Tien denkers van blijvende betekenis”, een heel uitzonderlijke uitgave van De Bezige Bij.

“Hannah Arendt”, zo schrijft  Alicja Gescinska, “publiceerde in 1968, “Men in Dark Times”, een collectie van tien portretten van mensen die ze bewonderde, omdat ze bronnen van hoop en licht waren in tijden van wanhoop en duisternis.” “In “Vrouwen in duistere tijden”, zo vervolgt ze, “schets ik een portret van het leven en werk van tien bewonderenswaardige vrouwen. Ze zijn bewonderenswaardig omdat ze allemaal het kwaad in de ogen hebben gekeken en hun rug recht hebben gehouden. Ze hebben het totalitarisme met hun denken én met hun daden het hoofd geboden.”

Met woord en daad bevochten zij de verdrukking, de ontmenselijking, de vernietigingsdrang uit hun tijd. Ze waren bakens van licht in de donkerste uren van de mensheid. Daar betaalden ze vaak een hoge prijs voor, van de gruwelijke dood in kampen tot een leven in ballingschap. De tien, van wie velen met een Joodse achtergrond, zijn Rosa Luxemburg, Anna Achmatova, de Joodse agnoste, feministisch fenomenologe en uiteindelijk kloosterzuster, Edith Stein, Hannah Arendt, de oorlogscorrespondente Martha Gellhorn, Simone Weil, de Pools-Joodse Jeanne Hersch (een leerlinge van Martin Heidegger), Etty Hillesum, de Poolse filosofiehistorica, hoogleraar filosofie en hoofdredacteur van “Etyka”, Barbara Skarga en Judith Shklar, hoogleraar aan de Harvard University en de auteur van “The Liberalism of Fear”, een filosofe die zich concentreerde op de thema’s kwaad, angst en onrecht.

“Ik heb elk hoofdstuk opgehangen aan een essentieel aspect van hun denken”, schrijft de auteur. Die aspecten zijn bv. moed, empathie, menselijkheid, angst en aandacht bij respectievelijk Rosa Luxemburg, Edith Stein, Hannah Arendt Judith Shklar en Simone Weil. “Ik denk ook aan hun grote realiteits- en verantwoordelijkheidszin, aan de manier waarop zij in het lijden van de medemens een persoonlijk moreel appel hoorden, aan de liefde voor literatuur en kunst waarin een liefde voor de mensheid weerklinkt, en ook aan de manier waarop ze met hun levensloop getuigen hoe vriendschap een betrouwbaar en noodzakelijk ankerpunt is op de woelige zee van het leven.”

“Naast de tien portretten”, zo lezen we nog, “heb ik aan dit boek ook drie bijlagen toegevoegd. Ze zijn belangrijk omdat het denkers betreft die in het boek veelvuldig terugkomen. Het gaat om Isaiah Berlin, Czesław Miłosz en Leszek Kołakowski enerzijds en Max Scheler anderzijds. Voor veel van de vrouwen in dit boek waren deze denkers persoonlijke gesprekspartners, metgezellen in het denkwerk. Ook voor de ontwikkeling van mijn eigen denken waren zij zeer belangrijk. Een betere kennis van hun leven en werk zal dan ook een dieper begrip opleveren van het leven en werk van de vrouwen die besproken worden.”

“Het centrale thema van hen allen”, zo gaat het verder, “zou in één woord gevat kunnen worden: vrijheid. Ze hebben allen uitvoerig over vrijheid gedacht en hebben allen vurig voor vrijheid gestreden. Nadenken over vrijheid is niet zelden een even grote uitdaging als ervoor vechten. De geschiedenis van de filosofie vormt een heus labyrint van theorieën, ideeën, opvattingen en overtuigingen over wat ‘echte’ vrijheid precies betekent en hoe die gerealiseerd moet worden. Opdat we onze weg in dat grote labyrint kunnen vinden, is het belangrijk om vertrouwd te zijn met drie algemene vrijheidsconcepten: negatieve vrijheid, positieve vrijheid en republikeinse vrijheid.” Een meesterwerk!

De Pools-Belgische filosofe, schrijfster en televisiemaakster, Alicja Gescinska (1981) werd bekend met haar gedeeltelijk autobiografisch boek, “De verovering van de vrijheid” (2011). Tussen 2008 en 2012 doctoreerde ze in Gent met een wijsgerig onderzoek naar de menselijke factor in het denken van Max Scheler en Karol Wojtyła.

Alicja Gescinska, Vrouwen in duistere tijden, Tien denkers van blijvende betekenis 430 bladz. uitg. De Bezige Bij ISBN 9789403133843