


Wie Egypte zegt denkt aan het dodenmasker van Toetanchamon, de mysterieuze sfinx van Giza of de tempels van Karnak en Luxor. Marleen Reynders schetst in tal van overzichtelijke hoofdstukken, verdeeld over 4 delen, de lange geschiedenis van dit vruchtbaar land aan de Nijl. 
Om de Egyptische cultuur echt te begrijpen is inzicht nodig in de wereld van goden en tempels maar ook in de dodencultus en het diepe verlangen naar onsterfelijkheid. De dood als centraal thema meandert door alle hoofdstukken. Een dodencultus die prachtige kunst voortbracht, gerealiseerd door duizenden werklieden, schrijvers, steenhouwers. Tot op vandaag vergapen we ons aan al die archeologische vondsten.
Marleen Reynders start bij de Nijl, de magische rivier die het land vruchtbaar maakte. De beroemdste en de op één na, langste rivier ter wereld, heeft nl. een lange en fascinerende geschiedenis. In het Egypte van de farao’s werd hij aanbeden, Mozes werd er in een rieten mandje te vondeling gelegd, hij was de prijs waarvoor in de Middeleeuwen werd gevochten door Fatamiden, Mammelukken en Ottomanen, hij speelde een rol in de Eerste en de Tweede Wereldoorlog, en de rivier is nu de inzet van een strijd om het water tussen de landen in Midden-Afrika.
Daarna worden farao’s besproken met focus op enkele markante figuren zoals Hatsjepsoet, de vrouwelijke farao met baard, Achnaton, de excentrieke zonnekoning, Ramses II, de grote en de ‘femme fatale’, Kleopatra. In de 14de eeuw v.Chr., werd een jonge man begraven in de Vallei der Koningen, een farao die ondanks zijn jonge leeftijd, vandaag de dag wereldberoemd is. De jongen had de troon van het Egyptisch Rijk bestegen als Toetanchaton en stierf als Toetanchamon (“Levend evenbeeld van Amon”). Lange tijd werd aangenomen dat Nefertiti de moeder was van Toetanchamon, maar zijn afkomst is nog steeds niet duidelijk. Zeker is dat zijn vader Achnaton was, maar over zijn moeder zijn verschillende speculaties. Amenhotep IV, Achnaton, Echnaton of Akhenaten, farao in de 18e dynastie van het Oude Egypte, is bekend gebleven vanwege de losse Amarna-kunst en de introductie van het monotheïsme in Egypte. Deze farao had bij zijn eerste vrouw alleen dochters (zes in totaal) en na zijn dood volgde eerst Smenchkare (wellicht dezelfde als Anchchperoere) hem op.
Daarna kwam Achnatons zoon Toetanchaton op de troon, die onder invloed van generaal Eje uit Achmim, huwde met zijn halfzus Anchesenpaäton, een dochter van Achnaton en Nefertiti. Toetanchaton zou al snel zijn naam veranderen in Toetanchamon, Achetaten verlaten en de tempels van de traditionele goden weer openstellen. Na Toetanchamons onopgehelderde dood volgde Eje hem op, die trouwde met Anchesenpaäton (de latere Anchesenamon) om zo aanspraak te kunnen maken op de troon. Na de dood van Eje, kwam Horemheb aan de macht en werd elke verwijzing naar de Aton-cultus uitgewist. Aton of Aten was een Egyptische zonnegod, bekend uit de Amarna-periode, waarin Amenhotep IV (later Achnaton) Aton tot oppergod van Egypte verhief.

Lord Carnarvon was een amateur egyptoloog. Hij financierde Carters zoektocht naar de tombe van de tot dan toe onbekende farao Toetanchamon, wiens bestaan Carter had ontdekt. Op 4 november 1922 ontdekte Howard Carter (1874-1939) de tombe, die tot dan toe de enige vrijwel ongeschonden tombe in de Vallei der Koningen in de omgeving van Luxor bleek te zijn. Op 16 februari van het volgende jaar opende Carter de grafkamer en zag hij voor het eerst de sarcofaag van Toetanchamon. Daarenboven bleek het beschilderd graf vrijwel geheel ongeschonden. De vondsten uit het graf van Toetanchamon behoren tot de verbazingwekkendste archeologische vondsten aller tijden en hebben unieke inzichten opgeleverd in de geschiedenis van het oude Egypte. Ze veranderden drie millennia na zijn dood een praktisch onbeduidende jongensfarao in een super beroemdheid.
Marleen Reynders studeerde Egyptologie aan de KU Leuven. Met veel kennis leidt ze al jaren reizigers langs faraonische parels en verhalen. Ze is auteur van verschillende boeken over het oude Egypte.


Marleen Reynders, “De wereld van de farao’s, Inleiding in het oude Egypte” 432 bladz. geïllustreerd uitg. Sterck & De Vreese ISBN 9789464714197