Mozarts muziek voor Haffner en “Ein musikalischer Spass” door  Kölner Akademie o.l.v. Michael Alexander Willens, op het label BIS. Kostelijk amusant maar schitterend! Verschijnt op 28 februari.

Naast een veelgeprezen reeks opnames met Ronald Brautigam van de complete Pianoconcerti van Mozart, Mendelssohn en Beethoven, deden Kölner Akademie en Michael Alexander Willens opnieuw een hoogst professioneel onderzoek naar Mozarts-serenades en ander incidenteel werk. Op de cd staan Mozarts Mars in D, K. 249, zijn Serenade nr. 7 in D, K250 “Haffner” en “Ein musikalischer Spass” K522.

Hun eerste cd in deze reeks omvatte Mozarts “Posthoorn Serenade” (foto) en toonde aan dat het ensemble tot de beste in de wereld van historische uitvoeringen behoort. Sindsdien heeft Kölner Akademie werken opgenomen die verband houden met de vrijmetselaars, en nu nam het één van de beroemdste serenades op, de “Haffner”, vernoemd naar Sigmund Haffner, die Mozart in 1776, de opdracht gaf om muziek te componeren voor de festiviteiten rond het huwelijk van zijn zus Marie Elisabeth (“Liserl“) met de Tiroolse groothandelaar, Franz Xaver Späth.

Ter gelegenheid van de toekenning van de adellijke titel “Edler von Innbachhausen” aan Sigmund Haffner d. J. (foto’s), humanist en zoon van de burgemeester van Salzburg Sigmund Haffner d. Ä., werd via Leopold Mozart door een onbekende persoon, een serenade besteld. Mozart had zes jaar eerder al de “Haffner Serenade” K250 gecomponeerd ter gelegenheid van het huwelijk van Sigmund Haffners zuster. Deze tweede serenade voor Haffner is echter verloren gegaan, hoewel Mozart delen eruit verwerkte in zijn 35ste symfonie. Begin 1783 herwerkte Mozart nl. zijn (tweede) “Haffner-Serenade” tot zijn Symfonie in D, KV 385, een groots opgezette, vierdelige symfonie, die op 23 maart 1783 in het Burgtheater in Wenen als “Haffner” werd uitgevoerd.

Een opmerkelijk kenmerk van Mozarts Serenades, en de grootschalige Haffner is daarop geen uitzondering, is de bijzonder knappe integratie van virtuoze solopartijen, hier in de tweede en vierde beweging, magnifiek uitgevoerd door de violist Alexander Janiczek (foto), docent aan de Musikhochschule van Trossingen. Hij bespeelt daarenboven een Giuseppe Guarneri del Gesù uit 1731.

Op de ruim gevulde cd van bijna 86! minuten wordt de Haffner Serenade gevolgd door Mozarts “Ein musikalischer Spaß”, K522, een unieke, heerlijk vakkundig vervaardigde parodie op muzikale incompetentie voor strijkers en hoorns. Mozart componeerde zijn Sextet “Ein musikalischer Spass” KV 522, in 1787. De reden van het ontstaan en de data van de eerste uitvoering zijn onbekend. Na het overlijden van de componist kreeg de compositie de enigszins misleidende titels “Dorfmusikantensextett“ en “Bauernsinfonie”.

De bewust stuntelig gecomponeerde, komische effecten zijn onder meer secundaire dominanten die subdominant akkoorden vervangen, dissonanten in de hoorns, parallelle kwinten, hele toon toonladders in het hoog register van de viool, onhandige instrumentatie van een frêle,  melodische lijn met een zware, eentonige begeleiding in de laatste beweging, naar de verkeerde toonaard gaan binnen de structuur van de sonatevorm (het eerste deel bijvoorbeeld slaagt er maar niet in om te moduleren naar de dominant, en springt daar gewoon bruusk naartoe na een paar mislukte pogingen om mooi te moduleren), het starten van de langzame beweging in de verkeerde toonaard (G groot in plaats van C groot), en een zielige poging tot een fugato in de laatste beweging.

“Ein musikalischer Spaß” is ook opmerkelijk voor één van de vroegst bekende toepassingen van polytonaliteit. Dit kan bedoeld zijn om de indruk te wekken dat de snaar niet juist gestemd is, omdat enkel de hoorns in de tonica eindigen. De lage snaren gedragen zich alsof de tonica bes is geworden, terwijl de violen en altviolen overschakelen op respectievelijk G-, A- en Es-majeur.

De eerste beweging (allegro) in de hoofdvorm of sonatevorm, begint met een motief in F, in wezen een stijgende en dalende toonladder, dat na drie maten onverwacht eindigt, waardoor de beoogde dominant niet wordt bereikt. Later hoort u vier maten lang, alleen bijkomstige begeleidingsfiguren, voor een “melodie” klinkt, die opnieuw hoofdzakelijk de toonladder als thema heeft. De expositie van de eerste beweging eindigt met een fanfare motief en wordt omdat de traditie het vereist, herhaald. De doorwerking aan het begin van de tweede beweging is “belachelijk” kort, vanwege het gebrek aan thematisch materiaal. Door het zogenaamd ontbreken van technische vaardigheden van de componist, ontbreekt ook een re-expositie en een coda. In plaats daarvan wordt enkel het tweede deel van de zin herhaald.

Het tempo van de volgende beweging is “Maestoso”, en dit voor een “Menuetto”. Beduidend te langzaam, maar geschikt en aangepast voor de vaardigheden van de uitvoerders, transponeren de hoorns op een bepaald moment, gemarkeerd als “dolce”, onjuist. In plaats van de voorziene tertsen, spelen ze lelijke dissonanten (seconden en een tritonus). Het hoofdthema van het trio is de Bes toonladder over twee octaven en het Adagio cantabile bestaat uit een reeks stereotype figuren. De solo-cadens van de eerste violist tegen het einde van de beweging, eindigt met een hele toontoonladder in zijn zeer hoog register, omdat zijn vingers zogezegd te dik zijn om halve tonen te spelen…

In de laatste beweging, traditioneel een rondo in een Presto tempo, componeerde Mozart zelfs een heuse, vierstemmige fuga, die echter blijft steken. Tegen het einde van de beweging zijn de muzikanten zo uit concentratie, dat elk de drie slotakkoorden in een andere toonaard speelt. Bewust stuntelig en krakkemikkig, maar schitterend gecomponeerd en gespeeld. Voor geen geld ter wereld te missen!

Mozart Haffner Serenade Ein musikalischer Spaß Kölner Akademie Michael Alexander Willens cd BIS BIS2394

http://www.stretto.be/2018/03/31/masonic-works-een-nieuwe-cd-met-de-muziek-voor-de-vrijmetselarij-van-w-a-mozart-door-de-kolner-akademie-op-het-label-bis/