“John Dowland, A Fancy” door Bor Zuljan, op het label Ricercar. Meesterlijke intimiteit.

Wanneer op deze cd, de eerste tonen van de chromatische Fantasie de stilte doorbreken, lijkt de tijd te stoppen. De luisteraar betreedt de intieme wereld van de grootste luitist, John Dowland, voor een reis door verschillende schakeringen van melancholie en hoop. Nooit eerder was de klank van de luit zo expressief en kleurrijk als in Dowlands meesterlijke Fantasieën, zo dynamisch als in zijn sprankelende dansen, die de renaissanceluit op zijn hoogtepunt brachten. In zijn eerste solo-opname verkent Bor Zuljan deze verschillende aspecten van de meesterwerken van Dowland.John Dowland (ca.1563-1626) (foto), waarschijnlijk in het Londense Westminster of in Dublin geboren, trad rond 1580 in dienst van de Britse gezant in Parijs, Sir Henry Cobham en vanaf 1583, van diens opvolger, Sir Edward Stafford. In 1587 behaalde hij zijn baccalaureaat muziekwetenschappen aan de Universiteit van Oxford en een jaar later ook aan de Universiteit van Cambridge. Hierna trok hij naar Duitsland om in dienst te treden van de hertog van Brunswijk en later bij de landgraaf van Hessen. Hij reisde door Italië en keerde tegen het eind van de eeuw terug naar Engeland. In november 1598 vertrok hij naar Denemarken, als musicus aan het hof van Christiaan IV. In 1603 keerde hij terug naar Londen.Met muzikale effecten als dissonantie en voorhoudingen, verschijnt in de verfijnde muziek van John Dowland, bijna altijd eenzelfde melancholiek gevoel, nl. de verklanking van de pijnen van de ziel, nacht en duisternis,. De dominante stemming van verdriet, weerspiegeld in het persoonlijk motto van Dowland (foto), “Semper Dowland, semper dolens” (“altijd Dowland, altijd treurig”), bv. in klagende liederen als “O sweet woods”, “I saw my lady weep”, “Now, O now I needs must part”, “Come, heavy sleep”, en vooral, “Flow my tears”, gaven alle uitdrukking aan het gestileerd liefdesverlangen van de componist.De bloeitijd van de Italiaans-Spaanse Renaissancedans, pavane, was tussen 1530 en 1676.  Lachrimae, in Dowlands tijd bekend als “Flow my tears”, verscheen voor het eerst in de “Lachrymae antiquae” voor luit solo, en diende in 1604 als basis voor zeven gevoelige, vijfstemmige, instrumentale pavanes voor vijf gamba’s (Viols), (“Lachrimæ Antiquæ”, “Lachrimæ Gementes”, “Lachrimæ Tristes”, “Lachrimæ Coactæ”, “Lachrimæ Pavan”, “Lachrimæ Amantis” en “Lachrimæ Veræ”). In 1604 verscheen “Lachrimæ, or seaven Teares figured in seaven passionate Pavans, set forth for the Lute, Viols, or Violons, in five parts”. Deze uitgave werd opgedragen aan Anna van Denemarken (foto), de gemalin van de latere Engelse koning James I. met als opschrift “Aut Furit, aut Lachrimat, quem non Fortuna beavit” (“He whom Fortune has not blessed either rages or weeps”). Dowland was toen nl. als luitspeler in dienst van Christiaan IV, koning van Denemarken en Noorwegen.Bor Zuljan (°1987) is actief in verschillende muzikale genres en projecten en zoekt naar een synthese tussen hedendaagse en oude muziek, verschillende wereldmuziektradities, jazz en improvisatie. Hij speelt gitaar, verschillende soorten luiten, vihuela, en andere vroege en traditionele tokkelinstrumenten. De zoektocht naar de verbinding tussen klank, beeld en woord bracht hem tot verschillende interdisciplinaire projecten. Na zijn afstuderen in jazz- en klassieke programma’s aan het conservatorium van Ljubljana, vervolgde hij zijn studie bij Aniello Desiderio in Koblenz. In 2007 begon hij te studeren aan de Haute Ecole de Musique de Genève, waar hij vervolgens een bachelor en master in gitaar en luit behaalde bij Dusan Bogdanovic en Jonathan Rubin. Hij vervolgde met een specialisatie in middeleeuwse muziek, behaalde een master in muziekpedagogiek, en werkte als onderzoeksassistent aan een project over Fantasia-improvisatie op luit in de 16de eeuw. Hij doceert luit aan het Conservatoire Populaire de Musique, Danse et Théâtre in Genève, en heeft talloze conferenties en masterclasses gegeven aan instellingen, zoals de Juilliard School, Schola Cantorum Basiliensis, Fondazione Giorgio Cini in Venetië, Haute Ecole de Musique de Genève, Escuela Superior de Musica de Mexico en de Ljubljana Academy of Music. Hij bespeelt een 8-snarige luit in F, gebouwd door Jiri Cepelak (foto), naar een Vendelio Venere (Wendelin Tieffenbrucker) (voor 1551-1611), uit 1582. Venere werkte in Padua en in Venetië.

Tracklist :

A Dream

Can she excuse my wrongs? (First Booke of Songes, 1597)

Fantasia P71

Fantasie P1a

Farewell Fancy

Forlorn Hope Fancy (Fantasie No. 2)

Fortune my foeGalliard to Lachrimae

Lachrimae Pavan, P. 15

Lady Clifton’s Spirit

Lady Hunsdon’s Puffe

Mounsier’s Almaine

Preludium

Sir John Smith, His Almain

Tremolo’ Fancy (P73)

John Dowland A FANCY Bor Zuljan cd Ricercar RIC425

http://www.stretto.be/2020/01/03/whose-heavenly-touch-intieme-melancholische-ayres-van-john-dowland-door-mariana-flores-en-hopkinson-smith-op-het-label-naive/

http://www.stretto.be/2018/01/28/sublieme-seven-teares-pavanes-op-het-lachrimae-thema-van-john-dowland-op-een-atma-classique-%e2%80%8ecd/