Monika Kornberger, “Einmal sang die Liebe uns ein Lied“, Deutscher Schlager der Zwischenkriegszeit in Wien und seine Protagonisten”, een uitgave van Hollitzer.

In de reeks Musikkontext van de prestigieuze uitgeverij Hollitzer, verscheen een indrukwekkende studie over de Schlagers in Wenen, zeg maar, het Weens levenslied van weleer.Musikkontext is de naam van een reeks publicaties van het (voormalige Instituut voor Muziekgeschiedenis) Instituut voor Muziekwetenschap en Interpretatieonderzoek van de Universität für Musik und darstellende Kunst in Wenen. De titel van de serie staat voor de inhoudelijke bedoelingen van de geplande volumes. Musikkontext betekent de diverse verwevenheid van geschiedenis, cultuur en theorie van muziek. Om bewust en differentieel in te gaan op de complexe structuur van muziekculturen zijn interdisciplinaire benaderingen nodig. Vragen over muziek in een maatschappelijke context, over mentaliteitshistorische randvoorwaarden, over cultuur- en intellectueel-historische constellaties of over esthetiek en muziek- theoretische onderwerpen, beschrijven wat de Musikkontext-reeks inhoudelijk wil overbrengen. De reeks vertegenwoordigt dus een thematische en technische uitbreiding van de eigen publicatiereeks van het instituut Music Life – Studies on the History of Music in Austria, in die zin dat zowel interdisciplinaire als thematische openheid en diversiteit de fundamentele bereidheid aangeven om open te staan voor verwante disciplines als een publicatieforum.De Duitstalige schlagers, (de vertaling of het equivalent van het Engelse, “hit”), van de jaren 1920 en 1930, waren een vaste waarde in de Weense uitgaansgelegenheden en veroverde de toenmalige ‘nieuwe media’ van geluidsfilm, radio en fonoplaten. Sommige van deze melodieën waren pakkende deuntjes, zijn evergreens geworden en zijn vandaag de dag nog steeds populair, maar vele zijn vergeten.Voor het eerst biedt dit handboek een veelzijdige en uitgebreid inzicht in het repertoire en de culturele en historische betekenis ervan in een tijd van economische en politieke crisis en het levert veel nieuwe details op over het lot van de betrokken acteurs. Sommigen zijn even prominent als nu, andere zijn om verschillende redenen grotendeels vergeten. Talrijke illustraties bevorderen ook het begrip van de symbolische betekenis van deze muziek in het dagelijks leven van toen.Het concept van de hit in de huidige zin ontstond in de tweede helft van de 19e eeuw. Het eerste gebruik van het woord “Schlager” met betrekking tot een specifiek werk, een componist en een uitvoering, was te lezen in het Wiener Fremdblatt van 17 februari 1867, over de wereldpremière van “An der schönen blauen Donau”. In Duitsland was de journalist en theatercriticus Paul Lindau een van de eersten die deze uitdrukking gebruikte voor de vocale uitvoeringen van de café chantants in Berlijn en Hamburg (Tingeltangel of Singspielhalle) of voor Weense liederen. De auteurs van de ‘klassieke’ periode van het Wienerlied, waren o.a. Franz Paul Fiebrich en Ludwig Gruber. In de jaren ‘20 en ’30, ontwikkelde zich ook een creatieve cabaretscène, waarvan de veelal joodse auteurs, vaak een vruchtbare symbiose vormden met de klassieke Wienerlied-auteurs, zoals Fritz Löhner-Beda met Heinrich Strecker of Fritz Grünbaum met Robert Stolz.Het boek bestaat uit 2 delen. In het eerste deel worden de genres besproken, Operettenschlager, Revueschlager, Kabarettschlager, Tonfilmschlager, Tanzschlager, Einzelschlager, Schlagerlied en Duitse versies van buitenlandse Schlagers, o.a. van Tin Pan Alley en de Comedian Harmonists. In het tweede deel worden de 12 belangrijkste componisten en tekstschrijvers besproken, de auteur van “Wien lacht wieder”, Fritz Grünbaum (1880–1941) (foto), overigens een belangrijke kunstverzamelaar, Robert Stolz (1880–1975), de in Auschwitz vermoorde librettist van Franz Léhar, Fritz Löhner alias Beda (1883–1942) (foto), de “Präsident der Gesellschaft zur Förderung der Wiener Volkskunst”, Alfred Steinberg-Frank (1888–1953), Hermann Leopoldi (1888–1959), Arthur Rebner (1890–1949), Willy Engel-Berger (1890–1946), Ernst Arnold (1892–1962), de violist, Heinrich Strecker (1893–1981), Robert Katscher (1894–1942) (foto), (de auteur van “Wenn die Elisabeth nicht so schöne Beine hätt“), Peter Herz (1895–1987) en de in Dachau vermoorde, Erwin Wendelin Spahn (1898–1941). Hun Schlagers werden bv. in “Hölle”, “Rolandbühne” en het cabaret, “Leopoldi-Wiesenthal”, gezongen door o.a. Hans Moser, Szöke Szakall, Max Hansen, Karl Valentin, Raoul Aslan en Otto Tressler. Warm aanbevolen.Monika Kornberger studeerde klassieke gitaar aan de Hochschule für Musik und darstellende Kunst en musicologie aan de Karl-Franzens-Universiteit in Graz, waar ze in 2018 promoveerde. Sinds 2000 lid van de redactieraad van de “Oesterreichischen Musiklexikons” van de Oostenrijkse Academie van Wetenschappen in Wenen, Commissie voor Muziekonderzoek, nu: Afdeling Muziekwetenschap van het Oostenrijks Centrum voor Digitale Geesteswetenschappen en Cultureel Erfgoed (Austrian Centre for Digital Humanities and Cultural Heritage).Monika Kornberger Einmal sang die Liebe uns ein Lied. Deutscher Schlager der Zwischenkriegszeit in Wien und seine Protagonisten. Musikkontext 14, 508 bladz. Duits geïllustreerd uitg. Hollitzer Verlag Wien ISBN 978-3-99012-824-4