Franz Schreker, “Der ferne Klang”, met Jennifer Holloway (Grete) en Ian Koziara (Fritz), en het Frankfurter Opern und Museumsorchester o.l.v. Sebastian Weigle, op het label Oehms. Indrukwekkend!

De opera, “Der ferne Klang”, van de Oostenrijkse componist Franz Schreker (1878-1934), op een eigen libretto, ging op 18 augustus 1912, o.l.v. Ludwig Rottenberg (1865-1932) in première in het operagebouw van Frankfurt. Aanvankelijk beschouwd als onmogelijk uit te voeren, bracht het werk Schreker onmiddellijke bekendheid. Het keert nu voor het eerst terug naar de locatie van zijn première in Frankfurt.Franz Schreker (1878-1934) was een prominente figuur in de vroeg-20ste-eeuwse, Joods-Oostenrijks-Duitse muziek. Zijn reputatie als operacomponist rivaliseerde met die van Richard Strauss. Hij werd opgeleid als violist en componist aan het Conservatorium van Wenen en behoorde tot de groep van componisten van wie de carrière overschaduwd werd door de gebeurtenissen van 1933 in Duitsland. Schreker genoot veel succes als componist van opera’s, o.a. Die Gezeichneten” (1918), een luguber drama over moord en waanzin, naar “Hidalla oder Sein und Haben” (1904) van Frank Wedekind, in een stijl die de laat romantiek combineerde met elementen van een muzikale collage met veel verschillende scènes, overheerst door orkestrale kleuren. Schreker had in 1923, al vroeg succes met “Der Geburtstag der Infantin”, een ballet gebaseerd op het verhaal van Oscar Wilde, en met “Der ferne Klang”, een opera die Alban berg beïnvloedde. Van zijn andere opera’s was “Der Schatzgräber” 1915-1918) bijzonder effectief, zij het conventioneler dan “Der ferne Klang”.De opera, “Der ferne Klang”, betekende de doorbraak van de componist en werd tot 1931, vaak uitgevoerd. Kort na de première werd Schreker trouwens professor compositie, harmonie en contrapunt aan de Weense Muziekacademie. Belangrijke producties van “Der ferne Klang”, waren o.a. de Tsjechische première in het Neues Deutsches Theater in Praag in mei 1920, o.l.v. Alexander von Zemlinsky, en de zeer succesvolle productie van de Staatsopera van Berlijn in mei 1925 o.l.v. Erich Kleiber, met Richard Tauber en de echtgenote van Schreker, Maria Schreker, in de hoofdrollen. De opera werd ook in 1925 opgevoerd in Leningrad en in 1927 in Stockholm. De laatste producties tijdens het leven van Schreker waren in het Theater Aken en in Teplitz-Schönau tijdens het seizoen 1930/1931, waarna door het nazi- verbod op Entartete Musik, de opera van het repertoire verdween. Grotendeels vergeten na de Tweede Wereldoorlog, is de opera in navolging van de Mahler-revival van de jaren ’60, herontdekt door verschillende operagezelschappen, in de eerste plaats door de Staatsoper Berlin en het Opernhaus Zürich.Schreker begon aan het libretto in 1901 en voltooide het in 1903. Het componeren van de muziek zou echter ongeveer tien jaar duren. Kritiek van zijn compositieleraar, Robert Fuchs, zorgde er nl. voor dat Schreker in 1903 voor het eerst het project opgaf. Pas in 1905 kwam hij erop terug, nadat hij de eerste uitvoeringen van Richard Strauss’ opera “Salome” had bijgewoond. Het orkestraal intermezzo (“Nachtstück”) in de 3de akte, kreeg zijn eerste concertuitvoering door het Wiener Tonkünstler-Orchester in 1909, onder leiding van Oskar Nedbal. Alban Berg bereidde in 1911 de vocale partituur van de opera voor en het werk werd opgedragen aan Bruno Walter.Het verhaal gaat over Fritz, een componist, en Grete Graumann, die verliefd zijn op elkaar. Fritz wil met Grete trouwen, maar vertelt haar dat hij eerst een geweldig muziekstuk wil componeren en hij daarom de mysterieuze, verre klank (“der ferne Klang”) moet ontdekken die hij in hem hoort. Hij verlaat zijn geliefde en gaat op zoek naar de verre klank. Terwijl Grete terugkeert naar haar huis, ontmoet ze een vreemde, oude vrouw, die Grete belooft haar te helpen als ze die nodig heeft. Terug thuis praat Grete’s moeder, Frau Graumann, met Grete over de schulden die de familie heeft. Net als Grete klaagt dat haar vader (“Der alte Graumann”), te veel drinkt, arriveert hij met zijn drinkende metgezellen, een acteur en Dr. Vigelius. De vader heeft nl. zojuist in het Gasthaus „Zum Schwan“, zijn dochter vergokt aan zijn huisbaas in een dobbelspel en ze zijn gekomen ‘om de schuld te innen’. Als Grete weigert, wordt haar vader woedend, maar voor hij zijn dochter geweld kan aandoen, slepen zijn kameraden hem terug naar het Gasthaus. Om haar moeder te kalmeren, doet Grete alsof ze wel met de huisbaas wil trouwen. Maar als haar moeder haar alleen in de kamer laat, springt ze uit het raam om Fritz te zoeken. Grete kan Fritz niet inhalen en valt uitgeput neer aan de oever van een meer. Ze denkt eraan zichzelf te verdrinken, maar wordt zich ‘s nachts bewust van de schoonheid van de natuur. Ze valt in slaap, dromend van hun liefde. De oude vrouw, in werkelijkheid een prostituee, verschijnt opnieuw en belooft Grete een stralende toekomst als ze haar volgt…In de 2de akte, tien jaar later, is Grete als courtisane/prostituee, de gevierde koningin van de demi-monde in “La Casa di Maschere” op een eiland in de Golf van Venetië. Maar, ondanks haar roem en ‘succes’, denkt ze nog steeds aan Fritz. Ze kondigt aan dat degene die haar het diepst kan raken met een lied, met haar een nacht mag doorbrengen. De graaf zingt “In einem Lande ein bleicher König”, een treurig maar mooi lied, dat door het publiek wordt toegejuicht. Wanneer er een vreemdeling in het midden verschijnt, blijkt dat Fritz te zijn, die Grete meteen herkent. Hij vertelt haar dat hij de verre klank niet heeft gevonden, en hij in plaats daarvan op zoek is gegaan naar haar en hij haar nu tot zijn vrouw wil maken. Omdat Grete nog steeds verliefd is op Fritz en ze graag bij hem wil zijn, besluit ze hem te onthullen dat ze een courtisane is, waarna ze vraagt of hij dan nog met haar wil trouwen. Fritz gelooft haar niet, maar wanneer de graaf hem uitdaagt tot een duel, weigert Fritz, geschokt en teleurgesteld, te duelleren en vertrekt, waarna Grete in wanhoop, in de armen van de graaf valt.In de 3de akte zijn er nog vijf jaar verstreken en Fritz heeft ondertussen zijn opera, “Die Harfe”, voltooid. Tijdens de première eindigt het tweede bedrijf echter met een publieksrel omdat niemand van de muziek houdt. Grete is ondertussen een straatloopster geworden en noemt zich Tini. Ze hoort van de rellen en maakt zich zorgen om Fritz. Die zit thuis, oud en depressief. Hij erkent te laat dat hij niet alleen zijn leven maar ook zijn liefde heeft verwoest. Tevergeefs probeert zijn vriend Rudolf hem op te vrolijken en herinnert hem eraan dat er nog tijd is om de opera te herschrijven. Fritz vertelt hem dat hij het einde van zijn leven nadert en hij alleen nog Grete wil zien. Rudolf gaat haar zoeken, waarna Grete en Fritz in elkaars armen vallen. Eindelijk hoort de componist de verre klank, die blijkbaar altijd binnen handbereik is geweest. Hij begint vreugdevol een nieuw einde aan zijn opera te componeren, maar voor hij dat kan eindigen, sterft hij in de armen van zijn geliefde.Rolverdeling:

Grete Graumann, sopraan: Jennifer Holloway 

Fritz, tenor: Ian Koziara 

Wirt des Gasthauses Zum Schwan, bas: Anthony Robin Schneider

Ein Schmierenschauspieler, bariton: Iurii Samoilov

Der alte Graumann/2. Chorist, bariton: Magnús Baldvinsson

Seine Frau, mezzospraan: Barbara Zechmeister

Dr. Vigelius, bas/bariton: Dietrich Volle

Ein altes Weib, mezzosopraan: Nadine Secunde

Mizi, sopraan: Julia Dawson

Milli, sopraan Die Kellnerin: Bianca AndrewMary, sopraan: Julia Moorman

Eine Spanierin, sopraan: Kelsey Lauritano

Der Graf, bariton: Gordon Bintner

Der Baron, bas: Iain MacNeil

Der Chevalier/1. Chorist, tenor: Theo Lebow

Rudolf, bas/bariton: Sebastian Geyer

Ein zweifelhaftes Individuum: Hans-Jürgen Lazar

Ein Polizeimann/Ein Diener: Anatoli Suprun De Amerikaanse mezzosopraan, Jennifer Holloway (°1978), werd geboren in Ohio. Ze studeerde zang aan de University of Georgia en de Manhattan School of Music. In 2005 won ze de eerste prijs in de regio Georgia van de Metropolitan Opera National Council Auditions. In 2006 won ze de McCammon Competition van de Fort Worth Opera. Holloway kreeg internationale erkenning toen ze in 2006 in de Santa Fe Opera verscheen als Le Prince Charmant in Cendrillon van Massenet, naast Joyce DiDonato als Assepoester. Ze maakte haar debuut bij de Metropolitan Opera in het seizoen 2010/11 als Flora in Verdi’s La traviata en keerde terug in het seizoen 2012/13 als Tebaldo in zijn Don Carlos. Ze verscheen bij de Israëlische Opera als Adalgisa in Bellini’s Norma. Ze begon als mezzosopraan in het zingen van rollen zoals Adalgisa in Bellini’s Norma , en verhuisde naar sopraanrollen zoals Salome en Grete Graumann in Schrekers Der ferne Klang. Ze vertolkte voor het eerst de titelrol van Salome van Richard Strauss bij de Semperoper , waar ze in het seizoen 2017/18 ook te zien was als Cassandre in Les Troyens van Berlioz. Ze speelde voor het eerst de rol van Sieglinde in Wagners Die Walküre bij de Staatsopera van Hamburg.De Amerikaanse tenor, Ian Koziara, geboren in Chicago, behaalde een bachelor diploma aan het Lawrence University Conservatory of Music en een masterdiploma van de Shepherd School of Music van Rice University. Hij maakte zijn debuut bij de Metropolitan Opera in New York City, als Enrique in The Exterminating Angel van Thomas Adès. Verdere rollen daar waren Derek in Nico Muhly’s Marnie en de Pony Express Rider in Puccini’s La Fanciulla del West. Deze optredens waren te zien in de live-uitzendingen van het operahuis. In 2018 zong Koziara de titelrol van Mozarts Ideomeneo met de Wolf Trap Opera. In 2019 verscheen hij in de hoofdrol van Fritz in de hier opgenomen, Der ferne Klang, in de Oper Frankfurt, waar de wereldpremière van het werk had plaatsgevonden. De productie werd geregisseerd door Damiano Michieletto. Koziara is ook actief in concert en recital. In maart 2018 gaf hij bv. een recital in Carnegie Hall, met de pianist, Dimitri Dover.De Duitse hoornist en dirigent, Sebastian Weigle, geboren in 1961 in Oost-Berlijn, (de broer van de altviolist, Friedemann Weigle, van het Artemis Quartet), bekend om het dirigeren van de werken van Richard Wagner in Bayreuth en de Oper Frankfurt, studeerde hoorn, piano en directie aan de Hochschule für Musik “Hanns Eisler”. In 1987 richtte hij het Berlijns Kammerchor op, en later leidde hij het Neues Berliner Kammerorchester. Hij was 15 jaar eerste hoornist in het orkest van de Staatsopera van Berlijn en was ook lid van het jazzorkest, “Vielharmonie”, in Oost-Berlijn. In 1993 werd hij chef-dirigent van het Nationaal Jeugd Symfonie Orkest in Brandenburg en in 1997 chef-dirigent van de Staatsoper Unter den Linden. Hij dirigeerde in veel operahuizen, waaronder de Semperoper, de Oper Frankfurt, de Weense Volksoper, de Cincinnati Opera, de Weense Staatsopera en de Metropolitan Opera in New York. In 2003 dirigeerde hij “Die Frau ohne Schatten” van Richard Strauss in de Oper Frankfurt met regisseur Christof Nel en werd door het Duits tijdschrift Opernwelt, uitgeroepen tot ‘dirigent van het jaar’. Hij ontving de titel opnieuw in 2005 en 2006. Van 2004 tot 2008 was hij muzikaal directeur van het Gran Teatre del Liceu in Barcelona, en in 2007, dirigeerde Weigle een nieuwe productie van Wagners “Die Meistersinger von Nürnberg” tijdens de Bayreuther Festspiele, in een regie van Katharina Wagner.Franz Schreker Der ferne Klang Jennifer Holloway Ian Koziara Chor der Oper Frankfurt Frankfurter Opern und Museumsorchester Sebastian Weigle 3 cd Oehms OC980

https://www.stretto.be/2018/09/13/alban-bergs-wozzeck-op-cd-vanuit-de-opera-in-frankfurt-en-op-dvd-vanuit-de-salzuburger-festspiele-grandioze-uitgaven-van-oehms-classics-en-harmonia-mundi/