“Charpentier, Messe de Minuit” op het label Château de Versailles Spectacles.

Hoewel het beroemd “Te Deum” Marc-Antoine Charpentier een plaats in de muziekgeschiedenis bezorgde, was het ongetwijfeld zijn “Messe de Minuit” die in zijn tijd het meest bijdroeg aan zijn roem. Getrouw aan zijn typisch genie was deze mis nl. een werk van opmerkelijke originaliteit. Het was daarenboven de perfecte synthese van het wereldlijke en het religieuze, van populaire melodieën en muzikale verfijning. 

Deze melodieën, die iedereen kende, zowel boeren als edelen, werden verrijkt met orkestpartijen en vakkundig verweven met fijn contrapunt en een vernieuwende harmonie. Op deze manier werd het muzikaal plezier voor iedereen toegankelijk gemaakt: of je nu een bekende melodie herkende of je verwonderde over het buitengewoon arrangement. Onder leiding van Gaetan Jarry verrijkt het Ensemble “Marguerite Louise” deze Latijnse oratoria en Franse pastoralen en verleent het een onvergelijkbare, alternatieve intimiteit aan de kerstviering!

Marc-Antoine Charpentier (ca.1643-1704) was een leerling van Giacomo Carissimi in Rome. Na zijn terugkeer in Parijs werd hij privé-componist van Marie de Guise (tot haar dood in 1688). Later componeerde hij voor de Comédie Française, waar hij samenwerkte met Molière. Rond 1688 werd Charpentier maître de musique van het collège Louis-le-Grand en in 1698 kapelmeester van de Sainte-Chapelle. Hij componeerde 7 opera’s, wel 13 pastorales, musique de scène, comédies-ballets, in de beginjaren ’70 van de 17de eeuw, voor Molière (bij “La Comtesse d’Escarbagnas”, “Le Mariage forcé” en “Le Malade imaginaire”), interludes, musique religieuse (o.a. 11 Missen) en pièces instrumentales. Over zijn instrumentale muziek is relatief weinig bekend. Lange tijd leek het er zelfs op alsof Charpentier uitsluitend religieuze muziek had gecomponeerd. Hoewel Marc-Antoine Charpentier het grootste deel van zijn carrière doorbracht zonder toegang te hebben tot de Opera, waar Lully het koninklijke voorrecht had, was hij niettemin in staat om onder zeer specifieke voorwaarden een lyrisch meesterwerk te creëren. In februari 1688, presenteerde het Collège Louis Le Grand, in de beste traditie van de theatrale, muzikale en choreografische praktijk van de jezuïeten, zijn lyrische tragedie “David et Jonathas”, een opera in vijf bedrijven op een libretto van pater François Bretonneau.

Nadat hij aan de conservatoria van Versailles en Saint Maur-des-Fossés diverse eerste prijzen had behaald voor orgel, klavecimbel en kamermuziek (klas van Frédéric Desenclos, Eric Lebrun en Richard Siegel), ging Gaétan Jarry in 2007 studeren aan het Conservatoire National Supérieur de Musique in Parijs, waar hij in 2010 zijn diploma orgel – uitvoering behaalde in de klas van Olivier Latry en Michel Bouvard. Gepassioneerd door de esthetiek van de barokke muziek, richtte hij het ensemble Marguerite Louise op, dat bestond uit getalenteerde jonge muzikanten. Samen met hen legde hij zich vooral toe op de interpretatie van het religieuze repertoire uit de 17de en 18de eeuw. Als solist of in een ensemble treedt Gaétan Jarry op op prestigieuze locaties: de Koninklijke Kapel van Versailles, de Cité de la Musique (Parijs), de Abdij van Royaumont, enz.

Sinds september 2010 is hij directeur van de Petits Chanteurs de Saint François de Versailles.  Sinds september 2010 is hij directeur van de Petits Chanteurs de Saint François de Versailles. In 2012 dirigeerde hij het koor van het ensemble Voix Célestes voor een programma met religieuze muziek uit de 19e eeuw, met name in het kader van een residentie in de abdij van Royaumont. Gaétan Jarry is co-titulaire van de grote orgels van de kerk Sainte Jeanne d’Arc in Versailles en van de grote historische orgels van de kerk Saint Gervais in Parijs.

Charpentier Messe de Minuit Caroline Arnaud Romain Champion David Witczak Mathias Vidal Blanche Lefèvre Marguerite Louise Gaétan Jarry Château de Versailles Spectacles CVS173