“Tout semble se plaindre, tout semble pleurer”, dromerige “Poèmes” van Eugene Ysaÿe, o.l.v. Jean-Jacques Kantorow, op het label Musique en Wallonie.

In de magnifieke reeks “Musique en Wallonie” en op het label passacaille, verschenen opnieuw twee bijzondere Ysaÿe cd’s. De violisten Amaury Coeytaux en Svetlin Roussev en het Orchestre Philharmonique Royal de Liege o.l.v. Jean-Jacques Kantorow laten ons genieten van de intieme muziek van de Luikse grootmeester van de viool.De Musique en Wallonie cd is een logisch en verwacht vervolg op de magnifieke Ysayë cd “Harmonies du Soir Et Autres Poèmes” (2014, MEW 1472) (foto). Deze werd trouwens bekroond werd met een Diapason d’Or en een 10 door “Luister”. Op deze cd kon u “Méditation” voor cello en orkest op. 16, “Harmonies du soir” voor strijkkwartet en orkest op. 31, het “Poème élégiaque” voor viool en orkest op. 12, de Sérénade voor cello en orkest op. 22, “Amitié” voor twee violen en orkest op. 26 en “Exil” pour voor strijkorkest op. 25 ontdekken. De solisten waren Thibault Lavrenov, cello, het Quatuor Ardente, de violiste Tatiana Samouil (1ste prijs KEW, 2001) en de twee concertmeesters van het Orkest van Luik, Emilie Belaud en Olivier Giot. Op de nieuwe cd staan nu “Extase” op. 21, Divertimento op. 24, “Chant d’hiver” op. 15, “Neiges d’antan” op. 23, “Reve d’enfant” op. 14, “Au rouet” op. 13 en de Berceuse op. 20.
De legendarisch Belgische violist, Eugène Ysaÿe (1858-1931) (foto), begon als jongen viool te spelen in het salonorkest van zijn vader Nicolas in de “Pavillon de Flore”, toen bekend als de “Bonbonnière de la rue Surlet” in Luik. In dat orkest speelden ook de Belgische violisten César Thomson, de latere leraar aan de Julliard School in New York, en Ovide Musin die concertmeester werd van het Kursaalorkest van Oostende o.l.v. Jean-Baptiste Singelée. Musin emigreerde later naar New York. Zij begeleidden in de Bonbonnière Yvette Guilbert en Aristide Bruant.Ysaÿe speelde later samen met Rachmaninov, Rubinstein, Clara Haskil en Pablo Casals … Hij werd “Maître de Chapelle de la Cour de Belgique en was primarius (1ste violist) van het “Quatuor Ysaÿe”. De andere musici waren Mathieu Crickboom, altist Léon Van Hont en cellist Joseph Jacob. Hij werd ook de leraar van een immens aantal grote violisten (o.a. Josef Gingold, William Primrose en Louis Persinger). Eén van hen, de Brusselaar Léon Barzin, is vandaag totaal vergeten. Barzin werd de stichter van het … New York City Ballet! Van 1918 tot 1922 was Ysaÿe dirigent van het Symfonie orkest van Cincinnati. De eerste dirigent van dat orkest was de in Texas geboren Frank Valentine Van der Stucken, maar had een vader uit … Antwerpen! In 1923-1924 componeerde Ysaÿe zijn befaamde “Six sonates pour violon” op. 27.Ysaÿe evolueerde geleidelijk van briljant virtuoos tot componist van intieme, innemende muziek. Ysaÿe ontwierp nl. vanaf 1896, nog voor Ernesqt Chausson (foto), met zijn “Poèmes” voor viool en orkest, een totaal nieuw en origineel genre. Christophe Pirenne weet het in zijn tekst in het bijhorend boekje treffend te verwoorden. “Ysaÿe componeerde muziek met een lyrische en harmonische rijkdom, stilistisch ver verwijderd van zijn eerder werk als virtuoos. Zijn Poèmes wekken beelden en vluchtige gevoelens op, zijn dramatisch of lyrisch, romantisch en impressionistisch en verklanken schaduw en licht. Ze verenigen de Duitse en Franse, esthetische tradities en zijn als het ware i.t.t. de politieke situatie van toen, een verzoening tussen de Duitse romantiek en het Frans impressionisme”, schrijft Pirenne. Deze bijzondere instrumentale “Gedichten” verdienen herontdekking.Het componeren had voor Ysaÿe een intieme noodzaak. Dat kwam door zijn gezondheid. Vanaf 1899 had de topviolist nl. last van krampen in de rechterhand en peesontstekingen en leed hij daarenboven aan diabetes. Sombere gedachten tot gevolg overwon Ysaÿe o.a. met de verklanking van herinneringen aan de zorgeloze kinderjaren, van de landschappen van zijn geboortestreek (het mooi land van Herve rond Luik), en van de sfeervolle îles de Godinne rond het idyllisch dorp Godinne aan de Maas, waar hij van 1902 tot 1911 in zijn villa “La Chanterelle” woonde. La chanterelle is de Franse benaming voor de hoogst gestemde, open 1ste snaar, de mi snaar, van de viool.Ysaÿe componeerde “Au rouet”, op. 13 in 1921 in Duinbergen ten zuiden van Knokke. Hij verbleef daar in afwachting van de bouw door architect Adolphe Pirenne van zijn villa “Rêve d’enfant” (foto) in Normandische cottagestijl als zomerverblijf aan de Fochlaan in “Het Zoute” in Knokke-Heist. Het art-deco meubilair was van de hand van de Luikse meubelmaker Gustave Serrurier-Bovy, een vriend van Ysaÿe. Tot de gasten die er zouden logeren behoorden onze Koningin Elisabeth, Charpentier, Debussy, Gustaaf De Smet en Maurice Ravel. De orkestversie werd door Schott gepubliceerd onder de titel ‘Au rouet’, 2ème poème pour violon et orchestre op. 13. Het dramatisch werk bevat prachtige harmonieën en is opgedragen aan zijn leerlinge, de mooie Maud Delstanche op wie hij verliefd was. In zijn prachtige Berceuse pour violon avec accompagnement d’orchestre de cordes, flûte et 2 cors op. 20, “A Madame Rosa Harris”, hoort u sombere en duistere, maar mooie gedachten.

“Chant d’hiver” op. 15, geïnspireerd door Waalse gedichten van J. Vrindts, werd opgedragen aan zijn (eerste) vrouw, Louise Bourdau. Het werd in 1904 in Brussel in première gespeeld door Edouard Deru. De muziek bevat treurnis en melancholie en heimwee naar de kinderjaren aan de oevers van de Maas. Ysaÿe en Louise huwden in 1886 in Arlon. Ter gelegenheid van hun huwelijk droeg César Franck hen zijn magistrale vioolsonate op. Louise overleed in 1924. In 1928 huwde hij één van zijn oud-leerlingen Jeannette Dincin en stopte in dat jaar met zijn carrière als solist. Hij was 70 en Jeanette was 36 oud. Interessant om weten is dat Jeanette zijn taak als leraar van onze koningin Elisabeth na zijn overlijden in 1931 overnam, en dat de koningin in ruil daarvoor, in 1937, een vioolwedstrijd doopte met zijn naam. In 1939 werd de prestigieuze Chapelle Reine Elisabeth gebouwd door Yvan Renchon. De wedstrijd werd dan in 1951 “Concours Reine Elisabeth”, de huidige, meer dan legendarische Koningin Elisabeth wedstrijd.Het Divertimento op. 24, Fantaisie pour violon et orchestre op. 24 uit 1916 droeg hij op aan zijn zoon, Gabriel”. “Extase” op. 21 uit 1921, opgedragen aan de violist Mischa Elman met wie hij soms in duo speelde, wordt bijna volledig op de 4de (sol) snaar gespeeld. “Neiges d’antan” op. 23 met opvallende fluittonen, werd aan zijn kleindochter Carry opgedragen. Ysaÿe componeerde het 1914 in Bad Neuenahr-Ahrweiler als herinnering aan de besneeuwde landschappen van zijn kindertijd. Het wiegenlied “Rêve d’enfant”, op. 14, voor viool met orkestbegeleiding, werd gecomponeerd met het opschrift “”Rêve d’Enfant, dedié à mon p’tit Antoine”, zijn 6-jarig zoontje dat ziek was. Het was tijdens een rondreis naar Dresden, München en Kopenhagen in 1900-1901, dat Ysayë vernam dat zijn zesjarig zoontje Antoine erg ziek was. Antoine genas en werd biograaf van zijn beroemde vader, organisator van de Concerts Ysaÿe, technisch adviseur van SABAM en voorzitter van de Fondation Ysaÿe. Hij overleed op 85-jarige leeftijd in 1974. Zijn zoon Serge werd dokter. “Rêve d’enfant” is zonder enige twijfel de mooiste muziek ooit gecomponeerd voor viool en strijkers. Enkel en alleen al voor “Rêve d’enfant” (Track 5) en voor de Berceuse (Track 7), maar ook voor de klank van de Stradivarius Camposelice uit 1710 waarop Svetlin Roussev speelt, mag u deze prachtige cd niet missen. Warm aanbevolen.Jean-Jacques Kantorow (foto), geboren in Cannes in 1945, begon zijn studie aan het conservatorium van Nice en studeerde in Parijs. Daar won hij in 1960 en 1963 de eerste prijzen voor viool en kamermuziek. Hij won vervolgens als violist o.a. de gouden medaille op de Carl Flesh wedstrijd en de Paganini Wedstrijd in Genua. In de jaren ‘70 begon zijn internationale carrière. Hij werd concertmeester van het Orkest van Parijs en van het Nederlands Kamerorkest. Hij richtte met de altist Vladimir Mendelssohn en cellist Herre-Jan Stegenga het Trio Ludwig op, en daarna met celliste Mari Fujiwara het Mozart String Trio. Hij nam als violist met zijn Stradivariusviool, “ex-Leopold Auer” uit 1699, het belangrijkste repertoire op o.l.v. Emmanuel Krivine. Daarmee won hij o.a. de “Grand Prix du Disque” en de “Grand Prix de l’Académie Franz Liszt”. Van 2004 tot 2008 was hij dirigent van het Spaans Orquesta Ciudad de Granada. In december 2011 werd Jean-Jacques Kantorow benoemd tot dirigent van het Symfonieorkest van Orleans na het overlijden van Jean-Marc Cochereau.Eugène Ysaye Neiges d’antan Amaury Coeytaux Svetlin Roussev Orchestre Philharmonique Royal de Liège Jean-Jacques Kantorow cd Musique en Wallonie MEW 1681

http://www.stretto.be/2021/01/06/ysaye-six-sonates-door-violist-martin-reimann-op-het-label-passacaille/