“Bruch, Piano Quintet in G minor”, kamermuziek van Max Bruch, door het Goldner string Quartet en Piers Lane, op het label hyperion.

Het prestigieus Label Hyperion gaf een cd uit met een Strijkkwartet, Zweedse dansen en het Pianokwintet in sol klein van Max Bruch. De aanwezigheid van de Australische pianist, Piers Lane, is hier duidelijk een meerwaarde voor het Goldner String Quartet. Bruchs kamermuziek is in de schaduw komen te staan van zijn wereldberoemd eerste Vioolconcert en zijn Konzertstück voor cello “Kol Nidrei”. Na studie bij Ferdinand Hiller en Carl Reinecke, componeerde de 21-jarige, joodse Max Bruch (1838-1920) uit Keulen, in 1859 zijn Strijkkwartet in do klein op. 9, gebaseerd op een eerder kwartet dat hij als 15-jarige had ontworpen. Bruch componeerde in Igeler Hof in Bergisch Gladbach reeds kamermuziek als jongen (een Septet in 1849 en als 9-jarige, een Lied voor de verjaardag van zijn moeder!). Hij was daarom stilistisch, begrijpelijker wijs schatplichtig aan Beethoven, Mendelssohn en Schumann. In 1859 componeerde hij een Strijkkwartet, ziedend van passie en intensiteit.

Te weinig gedreven

De openingsbeweging Allegro ma non troppo met een belastende, moeilijke partij voor de eerste viool, bevat een typisch do klein drama dat hier door het Goldner String Quartet eerder warm, gevoelig en terughoudend gespeeld wordt. Het heel mooi Adagio klinkt intiem, maar ontbreekt wat aan doorleefde pijn. Ook het Scherzo mist wat gedrevenheid. De turbulentie met sterke sforzandi en herhaalde noten van de finale wordt eveneens wat te timide gespeeld. De vergelijking met de recente, heel knappe opname van Bruchs Strijkkwartetten voor “Briljant Classics” door het schitterend, Duits “Diogenes Quartet”, dringt zich op.

Bruch in Liverpool

De uitvoering van het Pianokwintet is van een heel andere orde. Bruchs bijzonder maar te weinig bekend Pianokwintet in sol klein (1896) combineert Brahmsiaans gewicht en exquis meesterschap. Het Kwintet werd in 1886 in Liverpool in première gespeeld omdat Bruch van 1880 tot 1883, als opvolger van de memorabele Julius Benedict uit Stuttgart, drie seizoenen lang, dirigent was van de Liverpool Philharmonic Society.

Meerwaarde van Piers Lane

Het openingsdeel Allegro molto moderato zit vol nobele ideeën, gedenkwaardige modulaties en dramatische kracht door arpeggio’s en unisono strijkers. De begenadigde Piers Lane (°1958) is uitermate geschikt voor het genereren van zo veel klank en kracht. Mocht u deze toppianist (nog) niet kennen, bezoek dan eens zijn site http://www.pierslane.com/ en geniet van zijn discografie. Het Adagio bevat lyrische harmonieën die verlangen en ernst uiten. Er volgt dan een spannend maar licht Scherzo, gedomineerd door herhaalde noten in de strijkers met een betoverend en melodisch-geïnspireerd trio. De Finale is geagiteerd met snelle figuren in de piano op een gedreven ritme. Bijzonder knap gespeeld.

Virtuoze dansen

Hoewel de 14 Zweedse dansen oorspronkelijk gecomponeerd werden voor viool en piano, worden ze vaker uitgevoerd en opgenomen in hun orkestversie uit 1892. Ze worden dan ook vaak in één adem genoemd met Bruchs “schwedischen Volksmelodien” uit 1906, (oorspronkelijk “Nordland-Suite”) en zijn “Serenade nach schwedischen Volksmelodien für Streichorchester”, WoO. Bruchs Zweedse dansen situeren zich duidelijk in de lijn van Brahms’ Hongaarse Dansen of Dvořáks Slavische Dansen. Er is een scala aan emoties en tempi, van ernstig, rustig en gepassioneerd, tot speels, lyrisch of triomfantelijk. Bruch vraagt een opmerkelijke virtuositeit en expressiviteit van de violist met inbegrip van dubbelgrepen, grote afstanden, trillers, pizzicato en versieringsnoten. Joseph Joachim adviseerde Bruch qua vingerzetting en frasering. Violist Dene Olding (primarius van het Goldner String Quartet) houdt een onwankelbare intonatie en techniek aan, ondersteund door een gepolijste en oersterke begeleiding door Piers Lane. Heel knap.

Gehuwde leden van het Goldner String Quartet

Het Goldner String Quartet heeft een unieke bezetting. Het bestaat nl. uit twee koppels. Violist Dene Olding is gehuwd met altiste Irina Morozova (ex-leerlinge van Goldner)  en de 2de violiste Dimity Hall is gehuwd met cellist Julian Smiles. De vier leerden elkaar kennen aan de Universiteit van New South Wales in Australië en richtten in 1995 het Goldner String Quartet op ter ere van de joods-Roemeense violist Richard Goldner (1908–1991), die in 1939 naar Australië vluchtte, en in 1945 ter ere van zijn in Treblinka vermoorde joodse leraar Simon Pullman, “Musica Viva Australië” oprichtte.Het kwartet maakte zijn debuut in 1997 in de Wigmore Hall in Londen. Sindsdien verscheen het regelmatig op de Cheltenham, Newbury en Brighton Festivals en tijdens het “Saison musicale d’été de Sceaux” in Frankrijk. In 2000 speelde het kwartet een grote retrospectieve van 20ste eeuwse strijkkwartetten op het gerenommeerd Festival in Adelaide in Zuid-Australië. In 2001 maakte het kwartet zijn Amerikaans debuut met concerten in New York en in Washington. Het deed drie uitgebreide tournees in Nieuw-Zeeland en toerde o.a. door Korea. Het Kwartet speelde haar eerste volledige Beethoven cyclus voor “Musica Viva” in 2004 die als live opname door ABC Classics werd uitgebracht. Het Kwartet richt zich weliswaar vooral op 20ste -eeuwse muziek.

Max Bruch Piano Quintet Piers Lane Goldner String Quartet Hyperion cd CDA68120

http://www.stretto.be/2021/01/03/ontdek-max-bruch-concerto-for-2-pianos-live-door-mona-en-rica-bard-en-de-staatskapelle-halle-o-l-v-ariane-matiakh-op-het-label-capriccio/