“Marin Marais, Pièces de Viole – The Complete Collection” door François Joubert-Caillet & L’Achéron, op het label Ricercar. Indrukwekkend.

De Franse gambaspeler, Marin Marais (1656-1728) werkte het grootste deel van zijn leven aan het hof in Versailles en componeerde hoofdzakelijk voor zijn eigen instrument, de viola da gamba (viole). Zijn “Pieces de Viole” werden tussen 2014 en 2021, integraal opgenomen en gefaseerd uitgebracht, maar nu werden ze ter gelegenheid van de benoeming van Francois Joubert-Caillet als hoogleraar aan de prestigieuze Schola Cantorum Basiliensis, uitgegeven in een indrukwekkende 20 cd box. Uniek!

Marin Marais (foto) begon zijn loopbaan als zanger in het koor van de Saint-Chapelle en leerde gamba spelen bij Nicolas Hotman en Monsieur de Sainte-Colombe. Hij bekwaamde zich verder bij Lully en speelde in het orkest van de Académie Royale de Musique, dat onder leiding stond van Lully. In 1676 kwam hij als musicus in dienst van het koninklijk hof, werd drie jaar later ‘Ordinaire de la chambre du roy pour la viole’, en in 1685 volgde zijn benoeming tot solist. Tot 1715 diende hij onder de Zonnekoning en tot 1725 onder Louis XV. Marin Marais componeerde tussen 1686 en 1725, vijf boeken, getiteld “Pièces de Violes”, een verzameling van wel meer dan 550 stukken, de meeste voor zijn eigen instrument. Tussen 1680 en 1728, bracht Marin Marais, het pièce de viole naar het toppunt van perfectie. Hij was een gedreven leraar, was ook de uitgever van zijn eigen muziek en bedacht speciale tekens om bepaalde ornamenten voor het spel op de gamba aan te duiden.

Tussen de publicatie van de Quatrième Livre de Pièces de Violes in 1717 en de Cinquième in 1725 bood Marin Marais zijn publiek een uitzonderlijke verzameling werken aan die zowel de viool als de viola da gamba gebruiken. Deze werken verschillen sterk van de eerdere viola da gamba-stukken, van de gebruikte instrumenten tot de formele structuren van de werken: ze omvatten een sonate geïnspireerd op Italiaanse modellen gemarkeerd “à la marésienne” (in Marais’ eigen stijl), een stuk op een basso ostinato van 3 noten, die de klokken van een Parijse kerk oproepen, en het verbazingwekkende “La Gamme et les autres morceaux de symphonie pour le violon, la viole et le clavecin” (1723), dat Marais omschreef als een voorbeeld van een kleine opera voor instrumenten.

Elk van deze vijf boeken bevat een veertigtal suites, met soms ook karakterstukken zoals “Le Tombeau pour Monsieur de Sainte-Colombe”, “Le Tombeau pour Monsieur de Lully”, of “Le Tableau de l’Opération de la Taille”, de suite nr. 7 in de bundel Pièces de viole, Cinquième livre’ (1725).

In “Le Tableau de l’Opération de la Taille” evoceerde Marais de operatie waarbij zijn nierstenen werden verwijderd. In zijn tijd was het verwijderen van nierstenen met een tang via een insnijding, een uiterst risicovolle operatie. Na de operatie componeerde hij als dank “Le tableau de l’operation de la taille”, waarin hij de verschillende fasen van de ingreep evoceerde, zoals het moeizaam naar de operatietafel stappen, het pijnlijk moment van de insnijding met het mes in, en een vrolijke dans als dank voor de goede afloop.

“Le Tombeau pour Monsieur de Sainte-Colombe” was een eerbetoon aan zijn in 1700 overleden leermeester, Monsieur de Sainte-Colombe (ca. 1640 – tussen 1690 en 1700). Als basso continuo voorzag Marais een tweede viola da gamba en een klavecimbel en/of een luit. Daarnaast componeerde hij ook werken voor gamba met basso continuo, “Basses continues des pièces à une et deux violes avec une augmentation de plusieurs pièces particulières en partition” (1689).

Meer dan veertig jaar scheidden Marin Marais’ “Premier Livre de Pièces de Violes” (1686) van het Cinquième (1725). Ondanks de nieuwigheid van de basso continuo was het Eerste Boek nog steeds het werk van een componist die een traditie erfde die zich in de 17e eeuw in Frankrijk ontwikkelde. Het Vijfde, enkele jaren voor zijn overlijden gepubliceerd, was een ontroerend en volmaakt getuigenis van een muzikale taal. Het Tweede, Derde en Vierde boek onthulden niet alleen de evolutie van muzikale vormen, maar ook het onuitsprekelijk talent dat Marais als onbetwiste meester van zijn kunst verzekerde, een kunst die onlosmakelijk verbonden was met de geest van de Franse Grand Siècle.

Zijn “Pièces en trios pour les flûtes, violons et dessus de viole avec la basse continue” (1692) stellen een totaal andere zijde van het werk van Marin Marais voor. Hij componeerde ze niet voor zichzelf en zijn eigen basgamba, maar eerder voor zijn collega’s, de musici van de “Chambre du Roi”. Marais baande met deze trio’s, de weg naar een nieuw instrumentaal genre in Frankrijk. Samen met Lully was Marin Marais trouwens één van de eersten in Frankrijk die stukken voor een trio van twee dessus en een bas heeft gecomponeerd.

De Franse gamba speler, François Joubert-Caillet, geboren in 1982 in Parijs, is de oprichter van het L’Achéron-ensemble, dat met name gespecialiseerd is in oude muziek, in het bijzonder die van Marin Marais. François Joubert-Caillet studeerde viola da gamba aan het Schola Cantorum in Basel bij Paolo Pandolfo, bij wie hij ook muzikale improvisatie studeerde, evenals bij Rudolf Lutz. Hij won de eerste prijs en de publieksprijs op de Brugse Internationale Kamermuziekcompetitie. Hij geeft concerten en masterclasses in Europa, Azië en Latijns-Amerika. Met L’Achéron treedt hij op in verschillende formaties, zoals bv. als consort van gamba’s.

Marin Marais Pièces de Viole The Complete Collection François Joubert-Caillet L’Achéron 20 cd Ricercar RIC112